Al een halve eeuw probeerde Jan Cremer te achterhalen wat zijn werkelijke, altijd voor hem verzwegen, familieachtergrond is. Hij wist dat hij een vader had die gevangenzat in het web van Fernweh, het verlangen naar de verten. Een gevoel dat hem steeds verder van huis en haard verdreef en hem in 1937 in Boedapest bracht, waar hij de dan negentienjarige eigenzinnige balletdanseres Rozsá Csordás Szomorkay ontmoette, die Jan Cremers moeder zou worden. Pas in 2011, met de vondst van nagelaten papieren, komt Cremer meer over zijn achtergrond te weten.
In een ingetogen stijl onderzoekt hij de oorsprong van het roerige en dramatisch verlopen leven van zijn ouders. Odyssee is een fascinerend boek, dat een fel en meedogenloos licht werpt op het Nederland van voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog
Not crazy about this book. It is terribly unstructured, with lots of overlapping/repeats. Yes, it could be a conscious choice of structure, because the information the writer has about both his parents is very fragmentary at best. But it could also just be poor writing, and exceptionally bad editing. I suspect the latter. I expected a lot more from this book. I guess I hoped for something similar to Alexander Munninkhoff's book about his family. That was a pleasure to read. This is not. It is easy to read, I'll give it that. The only part that was half decent was about his mother, which is more or less first hand. The part about his father was just an annoying series of escapism travel with seducing young women. Mixed with some of his father's writing, some of which was terrible. Some was nice. The part about the war and his growing up after the war seemed far fetched at time. If all of it is true it is terrible, but I seem to remember the writer has a bit of a reputation of exaggerating. Anyway, if he was born in 40 he can't have that many memories of the war, can he? Somehow this book doesn't encourage me to read more by Cremer.
Het boek bestaat uit drie onderdelen. Een reconstructie van het leven van zijn reizende, rokkenjagende vader, dingen die hij als kind zelf mee maakte, en een reconsructie van het leven van zijn moeder, waarover de droge feiten o.a. bleken dat ze vroeger met een prinsje gespeeld had en balletdanseres geweest was. Wat mij betreft komt alleen het deel waarbij hij zelf levend aanwezig was goed uit de verf.
De titel was reden genoeg dit boek te gaan lezen. Momenteel ben ik bezig in de nieuwe Odyssee-vertaling van Patrick Lateur. Dus dan valt een titel met ‘Odyssee’ erin sowieso op. En dan gevolgd door het prachtige Duitse woord: Fernweh, als je, zoas ik, net de Werther van Goethe gelezen hebt. Op dat moment wordt Duits een zoete, poëtische en melancholieke taal (let op de subtiele binnenrijmen van ‘oe/oo’ en ‘ie’: min of meer toevallig). De titel bergt een diepe tegenstelling in zich: de Odyssee is het archetype van de heimwee, naar huis dus, maar Fernweh is juist het tegenovergestelde: ‘heimwee’ naar verre orden. Toch komt Jan Cremer sr op een gegeven moment, niet helemaal uit vrije wil, weer thuis. Zo ook komt Jan Cremer jr. op een gegeven moment weer thuis: in Enschede.Ik ben erg geroerd door die titel.
In 152 stukjes loodst Jan Cremer mij door zijn vroege leven en dat van vader Jan sr. en zijn Hongaarse moeder Rózsa. Die stukjes zijn niet strikt chronologisch geordend, maar langs de lange lijnen toch weer wel. Die losse stukjes staan symbool voor het feit dat Jan jr niet heel veel weet van zijn vader. Die overleed toen Jan jr pas 2 jaar was en veel van Jan sr’s werk en foto’s zijn niet overgebleven. Net zoals Odysseus over de wijnkleurige zee heen en weer geslingerd werd door toedoen van voornamelijk Poseidon, zo ook werd Jan sr. heen en weer geslingerd over de aarde en de zee. Niet door toedoen van de gram van de Aardschokker maar door een innerlijke onrust geplaagd of voortgedreven. - Let op de korte homerische vergelijking; de Aardschokker is een epitheton voor Poseidon ;-) -
Jan sr was al een oude man toen zijn zoon geboren werd en Rózsa, Jan jr’s moeder was juist nog heel jong, begin 20.
Veel is er niet van Jan sr overgeleverd, o.a. omdat Rózsa zo veel van zijn foto’s en aantekeningen, en een roman in typoscript, heeft weggegooid uit pure woede en wraakzucht, én om haar zoon te beschermen. Rózsa haatte de man, die haar uit het mondaine Boedapest had weggesleurd; weg bij haar familie, weg bij haar bevoorrechte positie van adellijk meisje, dat de balletschool en het conservatorium bezocht. Sr moet echt een ‘smooth operator’ geweest zijn. In Enschede aangekomen kon zij niet meer terug, want WO II was nakende. Juist omdat er zo weinig is overgeleverd van Jan sr, past een boek bestaande uit losse stukjes, die elkaar deels overlappen - dat is bepaald een charmante trek in dit boek -, beter dan wanneer het een chronologische vertelling zou zijn. Ontroerend is het dat Jan jr zijn vader wil leren kennen uit de weinige geschreven stukken die er van hem over zijn; Jan jr citeert er uitbundig uit.
Vader had een vrije, anarchistische ziel. Een reiziger was hij naar verre onbekende oorden, op de fiets, met de motor, per schip, per boot, nooit met het vliegtuig; een journalist, een fotograaf, een vrouwenliefhebber, een Don Juan. Een elektriciteitszaak had hij in Enschede. Verscheidene malen was hij getrouwd. Zo’n vader wil je eigenlijk helemaal niet. En zo’n echtgenoot ook niet, natuurlijk.
Vanaf het moment dat Rózsa in Enschede aankwam, leefde zij in de verzet-modus. Bittere armoede leden zij en Jan jr. Geïnterneerd als NSB-ers na de oorlog. Hopeloze ellende. Zeer goed en tamelijk sec opgeschreven door Cremer. Je hebt echt te doen met dit straatschoffie, dat ook nog vaak in pleeggezinnen en in weeshuizen woonde. Je ziet ook dat hij aardt naar vader én moeder.
De stukjes over de vader waren hier en daar ietsje langdradig en met ietsje te veel overlap. Oké, dacht ik soms, moet ik dit écht allemaal lezen? Het verhaal gaat pas echt schrijnen wanneer kleine Jan ter wereld komt. Aanrader!