In het voorjaar van 1947 lopen de spanningen tussen Nederland en de jonge Republik Indonesia ongekend hoog op. Een groep verontruste vaderlanders ontwikkelt in het diepste geheim plannen om Nederlands-Indië te behouden en een oorlog te voorkomen. Vanuit Batavia arriveert de Nederlandse communist Henry Meertens in Den Haag, met een fortuin aan gestolen juwelen. Zijn missie: een huurlingenleger op poten zetten om de macht in Indië over te nemen en er een communistisch regime te vestigen voordat Nederland aanvalt.
Wanneer een geheim agent uit Indië in Den Haag spoorloos verdwijnt, besluit vicepremier Willem Drees actie te ondernemen. Voormalig inlichtingenofficier Arnie Springer krijgt een gecodeerd morsebericht te horen waarin sprake is van iemand die 'de onderkoning' wordt genoemd. Een stripteasedanseres in een louche Amsterdamse nachtclub brengt Springer op het spoor van Meertens en een schimmige wapenhandelaar met de schuilnaam Ali Baba. In een zenuwslopende race tegen de klok moet Springer een samenzwering met wereldwijde repercussies zien te voorkomen.
4,25 sterren - Nederlandse hardcover 🦋🦋🦋 Quote uit het boek: ze trok vergeefs en gaf me de fles.”Probeer jij het eens.” Ik draaide de kurkentrekker er wat verder in en trok de kurk los. “Had hij trouwens zijn trompet bij zich?” “Nee. Die moest gerepareerd worden. Maar hij zei dat jij er vast wel eentje voor hem kon regelen om samen te spelen. “ Samen spelen. Zou het ooit nog? “Hoe wisten ze in het Wagner jouw telefoon nummer dan?” “hij had me donderdagavond bij de receptie gebeld dat hij er was en of de foto’s klaar waren.” 🌹🌹🌹 Weer is Arnie de spil van het verhaal. Ongewild. Hij dacht zijn inlichtingen/spionage dienst achter zich gelaten te hebben. Half berooid woont hij in het pension van Pien. Zijn spelen in de band levert net genoeg geld om niet dood te gaan. Maar de komst van Ronnie naar Nederland gooit hem weer in het spel.☘️☘️☘️ Ik vind de stille, wat verlegen Arnie een goede hoofdrol speler. Natuurlijk ben ik pas in 1965 geboren en ken het naoorlogse Scheveningen en Den Haag niet. Toch kan ik me inleven in de straten zoals ze waren in de jaren 80 en 90. En tussen de regels door is dat toch herkenbaar. De spanningsboog is weer goed opgebouwd. 🌸🌸🌸
Als in het voorjaar van 1947 de spanningen tussen Nederland en de Republiek Indonesia vrij hoog oplopen, beraamt een groep bezorgde Nederlanders in het geheim plannen om Nederlands-Indië te behouden en een oorlog te voorkomen. Henry Meertens is een communist en net terug uit Batavia.
Hij is in het bezit van een enorme hoeveelheid gestolen juwelen en wil met gelijkgezinden een huurlingenleger opzetten om de macht in Indië over te nemen om er een communistisch bewind van te maken.
Na de verdwijning van een geheim agent wordt Arnie Springer, voormalig geheim agent, bij vicepremier Drees ontboden. Springer krijgt er een bandopname te horen, gaat op onderzoek uit en probeert, niet zonder gevaar, te voorkomen dat de plannen ten uitvoer worden gebracht.
Dit het tweede boek dat deel uitmaakt van een drieluik over de dekolonisatie van Nederlands-Indië.
Vaak is het raadzaam en zelfs noodzakelijk om trilogieën op volgorde van verschijnen te lezen. Dit boek is daar een van de weinige uitzonderingen op en kan dus los van de andere gelezen worden. Maar ik zou toch de volgorde prefereren. Ik heb het niet gedaan en dat was wat verwarrend voor mij. Het zijn stand-alones maar de tijdslijn klopte in mijn Autisten hoofd niet. Terugkerende personages zijn Arnie Springer en de Baron.
Het wordt verteld vanuit de blik van de later verdwenen geheim agent Ronnie Gunawan, van de communist Henry Meertens van Arnie Springer.
Alleen het verhaal van Arnie wordt verteld in de ik-vorm en daardoor is het geen moment onduidelijk wie op dat moment de belangrijkste rol heeft.
De historische feiten, hoe klein en futiel ze ook zijn, kloppen allemaal. Dat vind ik zo geweldig aan deze boeken. Er is duidelijk veel research gedaan. Ik kwam mee te weten van de beëindiging van de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië en wat zich daar heeft afgespeeld.
Het is een fictief verhaal is verpakt in een niet onbelangrijke historie stuk historie. Ik heb het graag gelezen en raad dit aan voor mensen met een zelfde interesse in dit genre.
Na de laatste deceptie van een Tomas Ross boek viel ik toch voor de verleiding om Ross nog een kans te geven. Later bleek het deel 2 van een trilogie te zijn. Gelukkig een trilogie waarvan de delen los te lezen zijn.
Tip voor boeken van Ross: lees ze achter elkaar door en niet in kleine etappes. De wirwar van personages is een uitdaging maar als je veel leest is het goed te doen.
Vrij onbekend met de geschiedenis van Nederlands-Indië was het vooral leren over de geschiedenis en dan is het altijd in het grijze gebied wat er wel of niet waar is. Dat zal ook nooit helemaal duidelijk zijn, te meer omdat de waarheid voor alle betrokkenen anders zal zijn.
Moest er erg inkomen, goed dat er een verklarende lijst van karakters in staat. Maar heel goed verhaal en realistisch. Leuk ook dat het voor het grote deel in mijn geboortestad speelt.
Tomas Ross, pseudoniem van Willem Pieter Hogendoorn, is een van Nederlands meest bekende en gelouterde misdaadauteurs en heeft in feite geen enkele introductie meer nodig. Het verschil met veel andere schrijvers is dat zijn boeken gebaseerd zijn op feiten en dat hij tijdens zijn diepgaande research vaak op doofpotaffaires stuit. Na het lezen The day of the Jackal van Frederick Forsyth, waarin onder andere de fictieve plannen om De Gaulle te vermoorden worden beschreven, vond Ross een goede manier om geschiedenis te vertellen. Hij begon hierna meteen met het schrijven van De honden van verraad, dat over de Molukse kwestie gaat en daarmee het thrillerdebuut onder zijn pseudoniem geworden is. Zijn laatste boek, De onderkoning van Indië, verscheen begin 2017. De aanleiding voor het schrijven van dit boek was een briefwisseling uit 1946 waaruit blijkt dat ZKH Prins Bernhard de steun had van de Amerikaanse generaal Douglas MacArthur om als onderkoning het grootste deel van Nederlands-Indië over te nemen en ook de Republik Indonesia te handhaven.
Als in het voorjaar van 1947 de spanningen tussen Nederland en de Republiek Indonesia vrij hoog oplopen, beraamt een groep bezorgde Nederlanders in het geheim plannen om Nederlands-Indië te behouden en een oorlog te voorkomen. Henry Meertens is een communist en net terug uit Batavia. Hij is in het bezit van een enorme hoeveelheid gestolen juwelen en wil met gelijkgezinden een huurlingenleger opzetten om de macht in Indië over te nemen om er een communistisch bewind van te maken. Na de verdwijning van een geheim agent wordt Arnie Springer, voormalig geheim agent, bij vicepremier Drees ontboden. Springer krijgt er een bandopname te horen, gaat op onderzoek uit en probeert, niet zonder gevaar, te voorkomen dat de plannen ten uitvoer worden gebracht.
De onderkoning van Indië is het tweede boek dat deel uitmaakt van een drieluik over de dekolonisatie van Nederlands-Indië. Vaak is het raadzaam en zelfs noodzakelijk om trilogieën op volgorde van verschijnen te lezen. Dit boek is daar een van de weinige uitzonderingen op en kan dus los van de andere gelezen worden. Natuurlijk, er zijn wel een paar terugkerende personages, waaronder Arnie Springer en de Baron, maar er is geen enkele verwijzing naar het verhaal in het voorgaande boek. Wie dit boek afzonderlijk van het andere leest, merkt aan enkele minieme bijzonderheden wel dat er iets aan voorafgegaan moet zijn of dat deze een geschiedenis hebben. Wat dat dan is, wordt niet uiteengezet, is in principe ook niet noodzakelijk en zeker niet storend.
Het verhaal wordt verteld vanuit de perspectieven van de later verdwenen geheim agent Ronnie Gunawan, van de communist Henry Meertens van Arnie Springer. Alleen het verhaal van Arnie wordt verteld in de ik-vorm en daardoor is het geen moment onduidelijk wie op dat moment de belangrijkste rol heeft. Dat Tomas Ross zijn vak beheerst, blijkt uit alles. Op de kleinste details die eerder in de verhaallijn gebruikt, komt hij later, als het van toepassing is, weer terug. De historische feiten, hoe klein en futiel ze ook zijn, kloppen allemaal. Alleen hieruit al valt op te maken dat de auteur zijn research perfect in orde heeft.
Zonder dat De onderkoning van Indië een lesje in geschiedenis is, komt de lezer meer te weten over wat zich niet lang na de beëindiging van de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië heeft afgespeeld. Dat deze non-fictie in een verder fictief verhaal is verpakt, maakt deze niet onbelangrijke historie een stuk toegankelijker. Hierbij kan de lezer zichzelf afvragen wat wel én wat niet waar is. De fictie in het verhaal lijkt soms waarheid te zijn. En soms is de waarheid misschien wel fictief. Dit bijzonder leesbaar geschreven boek bewijst in ieder geval opnieuw dat Tomas Ross tot de beste Nederlandse thrillerauteurs behoort.
In vergelijking met het eerste deel is dit boek rustiger opgebouwd en het blijft leuk om de verhalen van Ross te lezen. Zeker omdat historische feiten in het verhaal voorkomen en dit is altijd leuk om te lezen.
Het “negatieve” punt is dat soms het verhaal een beetje moeilijk te volgen is door de vele personages maar ook omdat zaken soms heel snel gaan en niet goed beschreven worden. Zeker tegen het einde van het boek. Dat is af en toe wel jammer.
Dit nieuwe boek van Tomas Ross, dat kennelijk deel 2 van een trilogie is, beviel me een stuk beter dan deel 1. Daarin kon ik het verhaal nauwelijks volgend vanwege de veelheid aan personages, maar dat is hierin gelukkig anders. In dit boek wordt Arnie Springer opnieuw met een opdracht op pad gestuurd, wat leidt tot spannende acties en avonturen in Den Haag en Amsterdam.
Dit vervolg op "Van de doden niets dan goeds" zit beter in elkaar dan de voorganger. Het verhaal wordt rustiger opgebouwd, zonder een stortvloed aan namen en gebeurtenissen waarmee het verhaal soms warrig kan worden.