Pasternak werd wereldberoemd met zijn roman Dokter Zjivago, maar hij was in de eerste plaats een dichter. Onder invloed van Majakovski begon hij na zijn studietijd gedichten te schrijven. In 1913 verscheen zijn eerste bundel Een tweeling in wolken. Halverwege de jaren dertig kreeg Pasternak last van de machthebbers: hem werd verweten een 'wereldbeschouwing die niet strookt met de tijdgeest' te hebben. Hij vestigde zich in een datsja in het schrijversdorp Peredelkino, waar hij tot het einde van zijn leven bleef wonen en schrijven. Vlak voor zijn dood schreef hij het aangrijpende gedicht 'De Nobelprijs', dat begint met de regels: Als een dier ben ik in 't nauw gedreven. Ergens is er licht, zijn mensen vrij, Maar het jachtsignaal is al gegeven, En een uitweg is er niet voor mij. Margriet Berg en Marja Wiebes, de veelgeprezen vertalers, hebben Pasternaks gedichten in een werkelijk schitterend Nederlands gegoten. Pasternaks poëzie is poëzie van het allerhoogste niveau.
Boris Leonidovich Pasternak was born in Moscow to talented artists: his father a painter and illustrator of Tolstoy's works, his mother a well-known concert pianist. Though his parents were both Jewish, they became Christianized, first as Russian Orthodox and later as Tolstoyan Christians. Pasternak's education began in a German Gymnasium in Moscow and was continued at the University of Moscow. Under the influence of the composer Scriabin, Pasternak took up the study of musical composition for six years from 1904 to 1910. By 1912 he had renounced music as his calling in life and went to the University of Marburg, Germany, to study philosophy. After four months there and a trip to Italy, he returned to Russia and decided to dedicate himself to literature.
Pasternak's first books of verse went unnoticed. With My Sister Life, 1922, and Themes and Variations, 1923, the latter marked by an extreme, though sober style, Pasternak first gained a place as a leading poet among his Russian contemporaries. In 1924 he published Sublime Malady, which portrayed the 1905 revolt as he saw it, and The Childhood of Luvers, a lyrical and psychological depiction of a young girl on the threshold of womanhood. A collection of four short stories was published the following year under the title Aerial Ways. In 1927 Pasternak again returned to the revolution of 1905 as a subject for two long works: "Lieutenant Schmidt", a poem expressing threnodic sorrow for the fate of the Lieutenant, the leader of the mutiny at Sevastopol, and "The Year 1905", a powerful but diffuse poem which concentrates on the events related to the revolution of 1905. Pasternak's reticent autobiography, Safe Conduct, appeared in 1931, and was followed the next year by a collection of lyrics, Second Birth, 1932. In 1935 he published translations of some Georgian poets and subsequently translated the major dramas of Shakespeare, several of the works of Goethe, Schiller, Kleist, and Ben Jonson, and poems by Petöfi, Verlaine, Swinburne, Shelley, and others. In Early Trains, a collection of poems written since 1936, was published in 1943 and enlarged and reissued in 1945 as Wide Spaces of the Earth. In 1957 Doctor Zhivago, Pasternak's only novel - except for the earlier "novel in verse", Spektorsky (1926) - first appeared in an Italian translation and has been acclaimed by some critics as a successful attempt at combining lyrical-descriptive and epic-dramatic styles.
Pasternak lived in Peredelkino, near Moscow, until his death in 1960.
3.5 - Een stortvloed aan landschappen en seizoenen, en hier en daar een stukje Sovjetgeschiedenis. Het maakt nieuwsgierig naar Dr. Zjivago. Wel is de vertaling hier en daar een beetje stroef: ik ergerde me aan de anachronistische woorden om het maar te laten rijmen, terwijl het het ritme uit het Russisch (dat ernaast staat) minder terugkomt in het Nederlands. Tussen de vroege gedichten staat ook veel rommel. Maar de tweede helft van het boek is top, op een vleugje christenkitsch na.
Citaat : De Nobelprijs/ Als een dier ben ik in ‘t nauw gedreven./ Ergens is er licht, zijn mensen vrij,/ Maar het jachtsignaal is al gegeven,/ En een uitweg is er niet voor mij./ Hier de vijverrand, daar donkere bomen,/ En een den die mij de pas afsnijdt./ 't Is niet mogelijk hier weg te komen./ Wat de toekomst brengt, dat leert de tijd./ Welk vergrijp dwingt mij te verschuilen,/ Ben ik soms een schurk, een bajesklant?/ Heel de wereld heb ik laten huilen/ Om de schoonheid van mijn vaderland./ Review : En zelfs nu de dood mij haast komt halen Ben ik voor vertrouwen: mettertijd Zal de geest van goedheid zegepralen Over kwaad en ongerechtigheid. Boris Leonidovitsj Pasternak (Moskou, 1890 - Peredelkino 1960) was een Russisch dichter, schrijver, componist en kreeg de Nobelprijs voor Literatuur 1958, in het bijzonder voor zijn roman Dokter Zjivago. Deze geruchtmakende roman mocht in Rusland niet verschijnen, en werd naar het Westen gesmokkeld en daar vanaf 1957 in onwaarschijnlijk korte tijd in allerlei talen vertaald. Pasternak moest de Nobelprijs weigeren, onder grote druk van de Russische autoriteiten. De Sovjetautoriteiten noemden de prijs “een politieke daad tegen de Sovjet-Unie. Geïntimideerd door een hetze vanuit de Schrijversbond zag Pasternak uiteindelijk “vrijwillig” van de prijs af. Op 25 oktober 1958 stuurde hij nog een telegram naar de Zweedse Academie waarin hij verklaarde Immensely thankful, touched, proud, astonished, abashed te zijn. Op 29 oktober stuurde hij echter opnieuw een telegram waarin hij verklaarde de "onverdiende" prijs bij nader inzien te weigeren, "de betekenis in aanmerking nemend die eraan gegeven is in de maatschappij". In 1958 publiceerde Pasternak nog zijn “Autobiografisch essay”. Ondermijnd door de lastercampagne stierf hij in 1960 aan longkanker. In de Sovjet-Unie stond men toen juist op het punt hem zijn staatsburgerschap te ontnemen en hem naar het buitenland te verbannen. In 1987 kreeg Pasternak uiteindelijk postuum volledig eerherstel in zijn eigen land, onder het glasnost en perestrojka-beleid van Michail Gorbatsjov (destijds secretaris-generaal van de CPSU). Pasternaks zoon Evgeny nam in 1989 namens zijn vader alsnog de Nobelprijs voor Dokter Zhivago in ontvangst. lIn Rusland is Pasternak vooral bekend als dichter. Een grote naam, van het kaliber Blok, Achmatova, Mandelstam, Tsvetajeva. Hij schreef al op jonge leeftijd veel poëzie, en hij kreeg er al snel grote bekendheid mee. Dat geldt ook voor zijn ‘poëmen’. De of het ‘poëem’, of ‘poëma’, is een typisch Russisch genre, nog het best te omschrijven als een novelle in verzen, waarvoor allerlei soorten tekst (dialogen, brieven, verhandelingen) gebruikt kunnen worden. Hier zijn er een paar opgenomen: over de revolutie van 1905, over boeren en fabrieksarbeiders, over de muiterij op de pantserkruiser Potjomkin en over luitenant Pjotr Petrovitsj Schmidt die de muiterij op de kruiser Otsjakov leidde. Bij hem geen hemelbestormende thema’s zoals bijvoorbeeld bij zijn tijdgenoot Majakovski. Pasternaks grote thema is de liefde: zijn dichtwerk is vooral geïnspireerd door de vrouwen in zijn leven en Dokter Zjivago is het verhaal van een liefde tegen het decor van revolutie en burgeroorlog. Pasternak vond die liefdesgeschiedenis belangrijker dan de gebeurtenissen die er de achtergrond van waren. De mens beschouwde hij als een deel van de natuur, niet van de staat. Politiek was in zijn ogen identiek aan holle frasen, onrecht en geweld. Die a-politieke houding was op zijn zachtst gezegd lichtzinnig in een tijd waarin Russische schrijvers met geweld een maatschappelijk bewustzijn werd opgedrongen. Hij kreeg dan ook al heel vroeg het verwijt dat hij maar zat te schrijven over het weer in plaats van te reageren op de actuele politieke thema’s van de sovjetmaatschappij. Natuur speelt in zijn vroege gedichten een belangrijke rol. Het ontstaan van kunst uit de natuur was een van Pasternaks geliefkoosde onderwerpen. ‘Poëzie ligt aan uw voeten in het gras,’ sprak hij in 1934 op het eerste congres van de Russische schrijversbond in Moskou, ‘zodat u slechts hoeft te bukken om haar te kunnen zien en op te rapen.’ Het nieuwe van zijn poëzie was dat hij natuurverschijnselen beschreef in onorthodoxe poëtische taal. De verheven clichés waarmee de natuur gewoonlijk werd aangeduid, verving hij door alledaagse bewoordingen, die hij in zo’n ongebruikelijke relatie tot de natuur plaatste dat deze werd ervaren als iets onbekends. Deze mooie uitgevoerde verzamelbundel bevat 437 gedichten in het origineel en in vertaling. Over het algemeen gebruikt Pasternak een strak rijmschema. Het is dan ook een waar kunststuk dat vertalers Margriet Berg en Marja Wiebes dit ook in het Nederlands hebben weten te behouden. Zonder afbreuk te doen aan inhoud, sfeer en het werkelijke karakter. Dit is een heerlijke vertaling die Pasternak alle eer aan doet.
Inleiding is redelijk informatief, selectie gedichten geeft een mooi overzicht, taalgebruik in de vertaling doet inmiddels erg gedateerd aan. Leuk is wel dat het tweetalig is afgedrukt: links Russisch, rechts Nederlands. Voor wie een beetje Russisch wil leren daarom best een leuk boekje.