Na de moord op Pim Fortuyn in 2002 verloor de LPF, de politieke partij die begin van deze eeuw hard op weg was een van de grootste van Nederland te worden, niet alleen haar naamgever maar ook haar grote blikvanger. Plots stonden alle camera’s gericht op zijn politieke nazaten, zesentwintig LPF-Kamerleden die elkaar eigenlijk nauwelijks kenden. Verweesd, onervaren maar vol bravoure besloten ze het avontuur aan te gaan en mee te gaan regeren. Het bleek het startpunt van een turbulente politieke soap waar hoog oplopende onderlinge ruzies uiteindelijk leidden tot de ondergang van de partij. Vijftien jaar na Fortuyns dood zocht Joost Vullings deze oud-LPF-Kamerleden op om terug te blikken op die roerige periode. Wat ging er fout? Welke rol speelden de media? Wat zouden ze met de kennis van nu anders gedaan hebben? Hoe zien hun levens er nu uit? In De kinderen van Pim schetst Vullings een fraai beeld van de krachtige karakters van deze oud Kamerleden, maar brengt ook in kaart wat er is overgebleven van Fortuyns ideeëngoed, en wat de actuele zorgen van rechts Nederland zijn. Ook hebben ze allemaal een oordeel over de man die er met Fortuyns erfenis vandoor ging: Geert Wilders.
Interessante materie en de interviews met de oude LPF-fractieleden geeft een mooi inkijkje. Jammer dat Vullings het daarbij laat en een kritische reconstructie achterwege laat. Wellicht was daar geen tijd meer voor, maar daarmee was het boek sterker geweest. Nu niet meer dan een verzameling van interviews, met geregeld te veel overbodige informatie.
Joost Vullings heeft in 2016 de LPF-fractieleden, die in de slipstream van Pim Fortuyn in mei 2002 in de Tweede Kamer belandden, geïnterviewd over hun beweegredenen om zich bij de LPF aan te sluiten en over hun belevenissen in de LPF-fractie.
Om het kort samen te vatten: Pim Fortuyn kwam rond de eeuwwisseling op door zijn columns in Elseviers Weekblad, zijn boeken zoals De verweesde samenleving, en door zijn regelmatig optreden in het zondagochtend TV-programma Business Class van Harry Mens. Hij vertolkte wat veel rechtse stemmers dachten. Hij werd lijsttrekker van Leefbaar Rotterdam en zou ook lijsttrekker worden van Leefbaar Nederland, maar in februari 2002 werd hij van de lijst afgevoerd vanwege zijn felle anti-islam standpunt. Daarop begon hij zijn eigen Lijst Pim Fortuyn (LPF). Er restte slechts een paar maanden tot de verkiezingen van mei 2002 en de lijst werd dan ook gevuld met vrijwilligers die zich spontaan bij Pim Fortuyn en zijn adjudant Pieter Langendam hadden aangemeld.
Na de moord op Pim Fortuyn en de enorme verkiezingswinst van 26 zetels, ging de fractie door onder leiding van Mat Herben. De LPF ging samen met CDA en VVD deelnemen aan de regering Balkenende. Het groeide Mat Herben echter al snel boven het hoofd en Winny de Jong die op nummer 4 stond en min of meer door Pim was aangewezen als zijn vervanger genoot door haar manisch-depressieve aard weinig steun in de fractie. Al snel ontstond er grote onenigheid in de fractie om de opvolging van Mat, ruzies die zich ook doorzette naar het kabinet, waarna CDA en VVD de stekker uit het kabinet trokken. Bij de verkiezingen die er op volgden haalde de LPF nog slechts acht zetels en bij de daarop volgende verkiezingen een paar jaar later haalde de partij geen enkele zetel meer.
We kennen Joost Vullings nu als de sympathieke gastheer van het programma Buitenhof, en het is hem niet aan te rekenen dat het zo'n saai en eentonig boek is geworden. Het verhaal is in vele toonaarden hetzelfde: in totale adoratie voor Pim Fortuyn en zonder enige achtergrond in de politiek of kennis van een specifiek onderwerp, tekent men voor een plek op de lijst. Vervolgens botst men in de fractie met de andere ego's, waarvan de meesten ondernemer zijn en absoluut geen teamspeler. Vervolgens lagen door een totaal gebrek aan discipline de interne strubbelingen al snel op straat.
Zoals gezegd is het een eindeloze herhaling van hetzelfde verhaal. Niemand komt met een analyse van de politieke situatie, of tot een evaluatie van de politieke ideeën van Pim Fortuyn. Men herhaalt in alle toonaarden de aversie tegen de PvdA, met name Ad Melkert, of men dompelt zich in complot-theorieën en verwijten aan het adres van de pers. Van enige zelfkritiek is geen sprake.
Om twee voorbeelden te geven: U had een hekel aan paars? Fred Schoneville (nr. 8 op de lijst): 'Zeker. Ik zag Fortuyn een keertje voorbijkomen op tv. Toen vertelde hij hoe hij politiek zou bedrijven. Hij zei: "Als je mij overtuigt van jouw standpunt, dan geef ik je de hand en dan gaan we het zo doen." Toen dacht ik: zo zou politiek moeten zijn.'
Wat is de politiek erfenis van Fortuyn? Wat heeft hij ons nagelaten? Harry Smulders (nr. 26): 'Hij heeft ons de LPF nagelaten en dat is geen fraaie nalatenschap. Maar hij heeft ontzettend veel invloed gehad. Nagenoeg al zijn ideeën zijn overgenomen. De opvattingen over de islam, de opvattingen over Europa en over de zorg. Hij schopte tegen een aantal dingen aan. Hij benoemde dingen die voorheen nooit benoemd mochten worden. (...) Dat die politieke omwenteling nu is ontaard in verregaande polarisatie, dat vind ik wel negatief.'
Kortom, men adoreerde Pim omdat men er een warm gevoel bij kreeg en hij de juiste sentimenten bij zijn aanhangers wist aan te spreken. Maar tot een politieke analyse of een politiek programma is het nooit gekomen. Zo wordt van een efficiënte overheid al heel lang gedroomd binnen de VVD maar dijt nog steeds uit, Europa is inmiddels ook weer terug op de agenda, marktwerking in de zorg is een hoofdpijndossier geworden, en het anti-immigratie standpunt heeft ook tot niets geleid. Je kunt wel een bord bij de grens zetten dat vreemdelingen niet gewenst zijn, je kunt "minder, minder, minder" roepen, je kunt AZC's sluiten, je kunt politici en ondernemers uit de jaren zeventig rechtelijk vervolgen omdat ze gastarbeiders hebben binnen gelaten, het is allemaal volstrekt zinloos, maar kennelijk geeft dat de helft van Nederland een reden om (op basis van hun gevoel) rechts te stemmen.
Pieter Langendam, die de kandidatenlijst mede samenstelde maar niet zelf in de kamer ging zitten, schreef in 2020 nog het boek Het gelijk van rechts, dat echter ook niet verder komt dan links van alles de schuld te geven.
'Nieuwe Politiek is het motto van de Leefbaren. Geen achterkamertjespolitiek, politici die woord houden en vooral meer zeggenschap voor burgers.'
Ik kan niet wachten op het boek 'De kinderen van Pieter' ergens rond het jaar 2040. Dan het liefst wel met een iets creatievere schrijfstijl dan lange vraag- en antwoordgesprekken!