Ik las Thomas Dekker, mijn strijd door Thijs Zonneveld, de schandaalbiografie van ex-wielrenner Dekker die een boekje open doet over zijn carrière als profwielrenner. Kort samengevat: seks en drugs en fietsen. Vorig jaar goed voor een lekker relletje omdat Dekker er niet voor terugschrikt om ook anderen bij naam te noemen. Ook de smeuïge details over prostituees en drankgelagen deden het goed in de media.
Geschreven in de eerste persoon enkelvoud vertelt Dekker zijn verhaal. Over hoe hij als tiener een veelbelovend talent was, en alles opzij zette voor het fietsen. Zelfs zijn eindexamen liet hij ervoor schieten. Wat volgt is een typisch verhaal van de piepjonge topsporter die al vroeg veel geld verdient, onder hoge druk staat om te presteren, en zich mee laat slepen in een wereld van overdag hard weken, en ’s avonds hard zuipen en feesten, compleet met foute manager. Zodra hij een profcontract op zak heeft merkt hij dat hij niet de enige met talent is, het winnen gaat minder makkelijk, hij blijkt minder uitzonderlijk dan hij dacht. En dan is de stap naar doping snel gemaakt. In detail wordt beschreven hoe dat gaat: de codenamen, de afspraken in anonieme hotels waar zakken bloed worden afgetapt voor later in het seizoen. Fascinerend leesvoer.
Tot halverwege het boek gaat het Dekker voor de wind, de doping werkt, hij leeft een droomleven van vrouwen en feesten. Onvermijdelijk komt natuurlijk de val: hij wordt positief getest, hij wordt op een zijspoor gerangeerd, probeert terug te komen, de hele dopingaffaire komt definitief uit, en dan is er geen redden meer aan.
Het boek leest als een trein. Zonneveld weet het allemaal goed op papier te zetten. Wat ik wel mooi vind is dat Dekker zichzelf niet spaart. Hij heeft inmiddels wel door dat hij een ontzettende lul is geweest, niet alleen met die doping, maar ook op persoonlijk vlak, tegen zijn ouders en (ex-)vriendin. Er is veel te doen geweest over dat hij Michael Boogerd met naam en toenaam heeft genoemd als partner in crime met doping, maar ook met de prostituees en het gefeest. Ik weet het niet. Dat Boogerd ook doping heeft gebruikt is bewezen (en al eerder dan dit boek uitkwam), en ik zou niet goed weten waarom de rest dan niet zou kloppen. Een soort van gedeeld schandaal is half schandaal? Dekker beschrijft Boogerd als een goede vriend in het peloton, en zegt ook expliciet dat Boogerd hem weliswaar heeft geholpen met allerlei minder frisse dingen, maar dat hij nog altijd zelf verantwoordelijk is voor zijn eigen daden. Niemand heeft hem ooit gedwongen doping te nemen, het was zijn eigen keuze. Dat pleit wel weer voor Dekker vind ik, dat hij de schuld echt bij zichzelf legt.
Het kwam op mij wel oprecht over, maar wat zegt dat? Het zou ook voor de bühne kunnen zijn, om met een schone lei aan een nieuwe carrière te kunnen beginnen. Maar goed, het is al heel mooi dat er weer wat meer openheid is over doping, want van die omerta wordt natuurlijk ook niemand beter.
Een beetje schandaallezen dit, maar wel lekker.