15 augustus 1945. Japan capituleert. Nederland maakt zich op voor herstel van zijn koloniale gezag in Nederlands-Indië. Twee dagen later roepen de Indonesische leiders Soekarno en Hatta de onafhankelijke Republiek Indonesië uit. Nederland legt zich hier niet bij neer, stuurt troepen en probeert een geleidelijke dekolonisatie onder Nederlandse leiding af te dwingen. Het is tevergeefs.
De dekolonisatieoorlog - het grootste gewapende conflict uit de geschiedenis van ons koninkrijk - zet de 'Gordel van Smaragd' vier jaar lang in vuur en vlam. De Republiek Indonesië en tal van autonome strijdgroepen bestrijden de Nederlanders én elkaar. Nederland kan geen militaire beslissing forceren en raakt internationaal geïsoleerd. Ondanks de inzet van 200 000 militairen raakt Nederland zijn belangrijkste kolonie kwijt.
Luitenant Ben Bouman is een van die 200 000 militairen. De jonge officier, als oorlogsvrijwilliger in Engeland opgeleid, dient bij de 2e afdeling van het 6e Regiment Veldartillerie. Deze voornamelijk met dienstplichtigen gevulde eenheid van de 1e Divisie '7 December' arriveert eind 1946 in de chaos die op dat moment heerst op West-Java. Samen met een eenheid (inheemse) speciale troepen van luitenant Tivadar Spier voeren ze in hun 'bataljonsvak' drie jaar lang een meedogenloze (guerrilla)strijd. De 7 December-mannen lijden pijnlijke verliezen, maar boeken ook opmerkelijke militaire successen. Bijna zeventig jaar later legt Ben Bouman, inmiddels gepensioneerd generaal en gepromoveerd historicus, de laatste hand aan het manuscript Succes in een verloren oorlog. Daarmee voltooide hij - vlak voor zijn dood - een openhartige en intieme geschiedenis van oorlog, geweld en kameraadschap.