Boaz zit in de klimboom aan de rand van het duinmeertje. Het is al etenstijd geweest, dat merkt hij aan de zon die ondergaat. En aan zijn maag, die vreemde geluiden maakt. Mooi dat hij niet naar huis gaat. Mooi niet. Misschien wel nooit meer. Aïsha is nieuw in de klas. En ze is een indiaan, Boaz weet het zeker. Hij verstaat haar niet, maar haar tekeningen begrijpt hij wel. Vanaf nu is het leuk op school. Totdat papa met een heel nare verrassing komt…
De Nederlandse jongen Boaz is dromerig, verveelt zich vaak op school, is eenzaam, heeft een fascinatie voor indianen, is gevoelig, leeft in zijn eigen gedachtewereld. Dan komt Aïsha bij hem in de klas en Boaz denkt door haar uiterlijk dat zij een Sioux-meisje is. Zij spreekt geen Nederlands, maar toch ontstaat er een bepaalde vriendschap als ze naast hem komt te zitten en later werken ze samen aan een werkstuk over Maya's. Hij schrijft, zij tekent. Het werkstuk, waarin zeker humor is verwerkt, lees je in het boek mee. Met name zijn ambitieuze vader wil dat de slimme Boaz na de herfstvakantie naar een volgende groep gaat en meer uitdaging heeft. Zijn oma waar hij vaak is en hij een 'museum' heeft, komt na een ruzie en weglopen voor hem op: Boaz heeft nu eindelijk iemand waar hij mee optrekt en wat is er belangrijker, prestige of geluk? Voor Boaz wordt het duidelijk dat Aïsha geen indiaan is maar dat maakt hem dan niet meer uit. De vluchtelingenproblematiek komt kort ter sprake. Er zijn veel thema's verwerkt in dit relatief dunne boek, o.a. eenzaamheid, voor jezelf opkomen, vluchtelingen, vriendschap, begaafdheid, schuldgevoel bij ruzie, persoonlijke ontwikkeling.
Wat mij opviel is dat ik vooral tijdens de eerste helft van het boek een bepaalde afstandelijkheid heb ervaren. Er is geschreven vanuit het hoofd van Boaz, waarom dan niet in de ik-vorm verteld? Hoe kan het dat een juf een kind altijd maar alleen laat zitten? In dit verhaal lijkt het erop dat vader bepaalt of een kind een groep overslaat. Ik had graag de vriendschap tussen dit Nederlandse en Syrische kind meer uitgediept gezien en gehoopt dat er meer geschreven zou worden uit het oogpunt van een Nederlands kind hoe het is als er kinderen uit een vluchtelingengebied in de klas komen. Hierbij heb ik andere boeken in gedachten die vanuit vluchtelingenkinderen zijn geschreven.
De illustraties van Martijn van der Linden zijn prima passend bij de informatieve tekstblokken verspreid geplaatst in het boek. De tekstblokken bevatten weetjes die afzonderlijk van het verhaal gelezen kunnen worden. Wat kinderen mij vaak vertellen is dat ze het niet prettig vinden dat tekst door illustraties wordt gedrukt of zoals hier zwarte letters met een rode achtergrond. Het valt positief op dat er nergens een mening wordt gegeven of een belerende toon wordt aangeslagen m.b.t. de vluchtelingenproblematiek in dit kinderboek v.a. 9 jaar.
Dit is een aandoenlijk, klein verhaal met grote boodschappen. Over de sensitiviteit van slimme kinderen, de rol van volwassenen hierbij en ook over vreemdelingenhaat. Ik vind het ontzettend raak geschreven. De wijze waarop door volwassenen over kinderen en niet met kinderen wordt gesproken. Gelukkig zijn er nog oma’s, die de tijd en wijsheid hebben om een kind echt te zien en te laten zijn zoals het is.
Mooi, leerzaam boek over vriendschap tissen Boaz en een nieuw meisje in de klas. Moeilijke woorden worden in de zin of onderaan de pagina toegelicht en op sommige pagina's wordt in een kader extra informatie over bijvoorbeeld de sioux indianen of maya's gegeven. Aanrader!
This book starts pretty slowly but keeps the interest. Then it begins to open up and face everyday conflicts and problems from the family level all the way to daily politics, all from the perspective of a little boy who has his own little day to day challenges.
This book is full of love, attention, and interesting information. When I read it to my kids, it hit me in my stomach several times and makes me think it while my little boys were excited and waiting for what would happen to Boaz.
I recommend this book to everyone; we all need to think about these problems and what we are doing with the world, with our family with ourselves.
Last but not least, the illustration of the book is amazing. So good to hold this book in hand.
Het probleem bij van huis weg lopen is: wanneer ga je weer terug? Boaz worstelt met van alles. Een zwijgzame jongen met een flinke fantasie, een oma die hem hartverwarmend voorleest en een vader die te druk is met werken bij De Zaak. Boaz is ook een jongen zonder vrienden. Tot Aïsha 'zomaar de klas in wandelt', een indianenmeisje volgens Boaz - in werkelijkheid een vluchtelinge. Zoals hijzelf een indiaan is. Hij moet ervan huilen. Van geluk en van verdriet. Een indiaan als jij en ik (6+) gaat over vriendschap sluiten en samensmeden. En over fantasie. De verbeeldingskracht van de auteur bracht mij tot in het holst van de nacht (eigenlijk was de avond nog maar net gevallen) in een ijskoud reservaat (de donkere duinen waar Boaz zwervend verdwaalt). Een heel spannend hoofdstuk, zoals het hele boek een vaart van jewelste heeft en soms serieus, soms lichter en grappig is. Sommige personages hadden meer ruimte verdiend (het meisje, de moeder), maar aan de andere kant: dit is wat Boaz zich inbeeldt, en de volwassenen blijken minder stug dan gedacht - met een heldenrol voor oma. Zonder dat Aïsha opeens een spraakwaterval is, voel je hoe zij en Boaz bevriend raken en, subtiel opgetekend door Sassen, van elkaar leren - zoals vrienden doen. Sassen heeft veel informatie in het boek (in kaders en tussen de regels) gestopt zonder een wollige boodschap op te dringen. De Boaz die wegloopt, die een schatkamer bouwt en de Boaz die aanvoelt dat hij voor zichzelf moet opkomen: een jongen om in je armen te sluiten. Voor het boek geldt hetzelfde! Het is letterlijk een boek om te aaien, alleen al om het waanzinnige uiterlijk van dit boek - hulde voor illustrator Martijn van der Linden en vormgeefster Nanja Toebak - dat zich met groot genoegen laat voorlezen. Over samenwerken gesproken.
Dun boekje over vriendschap tussen een slim, eenzaam jongetje en een stil meisje (vluchtelinge uit Syrië) die samen op school aan de slag gaan met een werkstuk over de Maya's. Het boek staat vol illustraties in de tekenstijl van de Maya's. Gaandeweg het verhaal leer je Boaz en Aïsha een beetje kennen en ontdek je meer over hun privé situatie. Boaz vindt Indianen geweldig en wil niets liever dan dat Aïsha een echt indianenmeisje is. Maar uiteindelijk maakt het helemaal niet meer uit, want Boaz heeft voor het eerst een echte vriend en Aïsha heeft een echte vriend heel hard nodig. Fijn dat de volwassenen dat uiteindelijk ook begrijpen.
Mooi, leerzaam en actueel verhaal met schitterende illustraties.
Moeilijke woorden worden in de zin of onderaan de pagina uitgelegd en op sommige pagina's staat een kader met extra informatie over bijvoorbeeld de sioux indianen of de maya's.
Wat een superlief kinderboek met een emotionele lading. Een goed voorleesboek waar met de groep over kan worden nagedacht en gepraat. Zeker een goed boek passend bij het kinderboekenweek thema van dit jaar.
Prachtig boek. Over hoogbegaafdheid, vluchtelingen en indianen. Mooi om alles vanuit het kind perspectief te lezen. Hoe belangrijk het sociaal emotionele aspect is, ontzettend krachtig weergegeven. Voor vanaf groep 5.
This entire review has been hidden because of spoilers.
Es un libro muy simple que toca temas muy profundos y difíciles, como la marginación, las consecuencias de dejar tu cultura y las dificultades para adaptarse a la sociedad, las imposiciones de los padres hacia los hijos, todo desde la perspectiva de un niño, me encantó.
Een mooi verhaal en af en toe erg grappig opgeschreven. Er zit heel veel in het boek gestopt (kaders, voetnoten, illustraties) en dat vond ik wel erg druk en warrig. Misschien als je dit op een beginnende lezers-tempo leest is dit minder.
Een ontroerend boek over het schoolleven en cultuurverschillen. Het verhaal van Boaz en Aïcha , zij begrijpen elkaar en ontwikkelen een vriendschap zonder dat zij daar woorden voor nodig hebben.