Die ochtend vond Wietse geld in het kippenhok. Het was stom toeval dat hij het zag liggen: het zat in een blauw plastic zakje en lag achter een plank. Als Wietse een deel van het gevonden geld uitgeeft, komt hij al snel in de problemen. Van wie was dat geld eigenlijk? Heeft zijn broer Siep er soms iets mee te maken? En als Siep het geld niet heeft verstopt, wie dan wel?
We lazen het boek Kippenhokgeheim met plezier, maar niet overdreven veel lol. Geen spannend verhaal, eigenlijk meer een verhaal over eenzaamheid. Het heeft soms mooie literaire observaties, maar ik vond het moeilijk voorlezen. De zinnen lopen niet lekker en het Brabantse ‘ons pap en mam’ moest ik telkens aanpassen. Dat was niet nodig geweest. Nu op naar een nieuw boek.
Ik ben afgehaakt. Ik ergerde me teveel aan het Brabantse “ons mam” en “ons opa”. Natuurlijk heb ik geprobeerd door te zetten - alleen al om te ontdekken waarom Mieke van Hooft hiervoor heeft gekozen - maar toen in hoofdstuk 2 drie van de vijf zinnen begonnen met “Ons mam...” ben ik echt afgehaakt. Ik kan dat hier in Zeeland niet promoten zonder uitleg waarom dit fout gespeld is... als nou direct aan het begin heel duidelijk is dat het een Brabander is, dan is het een ander verhaal.
Overigens zijn de (potlood)tekeningen in dit boek wel heel gaaf.