Een fel pleidooi tegen alles wat religie ons brengt en gebracht heeft. Maar dan zonder de verwijtende toon van Dawkins: 'God als misvatting'. In de inleiding geeft hij aan oprecht verwonderd te zijn door het feit dat nu nog steeds ongeveer 40% van de mensen aangeeft in God te geloven. Ook mensen die hij als aardig, verstandig en slim ziet. Deze verwondering heeft hem ertoe gebracht dit boek te schrijven. Hij ziet als de centrale bestaansgrond voor de religies hun uitvinding van de onsterfelijkheid. Men geloofd niet in onsterfelijkheid, omdat men in God geloofd, maar de mens geloofd in God omdat hij ons de onsterfelijkheid belooft. De religies brengen wel veel nare bijkomende effecten mee: fanatieke bekeringsijver, intellectuele intolerantie en een absolutistisch wereldbeeld. Dit uit zich sterk in de claim op de moraal. Deze is uitsluitend gebaseerd op onderschikking aan de Goddelijke wet en ontkent zo juist de eigen verantwoordelijk van de mens om zich morele regels in wisselwerking met anderen eigen te maken én ernaar te leven. Ethiek heeft, net zoals politiek, helemaal geen religie nodig. Hij geeft 5 regels voor een seculiere samenleving: 1) normen en waarden staan altijd ter discussie en zijn herroepbaar en vormen het fundament voor de wetten die voor iedereen gelden. De scheiding van Kerk en Staat beschermt religies tegen elkaars intolerantie en burgers tegen religieuze dogma's. 2) Je hebt het recht op elke mogelijke religieuze opvatting, maar dit kan nooit een plicht voor een ander worden. 3) iedere religie kan zijn eigen zonden benoemen, maar het is aan de seculiere staat om te bepalen of iets een delict is. 4) in openbare scholen wordt alleen onderwezen wat er in de maatschappij geldig is voor iedereen en geloofsonderwijs kan nimmer verplicht worden. 5) De joods-christelijke wortels van onze beschaving horen er juist in te bestaan dat de door het Christendom bewerkstelligde ontkoppeling van het heilige en het sacrale, hier in de seculiere betekenis, wordt centraal gesteld.
Een pleidooi om onze eeuwige worsteling met de dood uit de klauwen van de religie te redden en onze sterfelijkheid juist onder ogen te zien en ten volle te leven en dat als we er niet in slagen het kwaad te overwinnen, dat geen nederlaag is, maar ons moet aanzetten tot meer inzet.