Wouter is op een leeftijd dat hij de wereld wil ontdekken. Hij doet erg zijn best, maar hij is overgeleverd aan de grillen van het lot. Op een dag verdwijnen zijn ouders spoorloos uit het dorp aan zee. Dagen later spoelt het lijk van zijn vader aan. Van zijn moeder vindt men bij een strandhuisje alleen een hoopje kleren. De gevoelige Wouter klampt zich vast aan de mogelijkheid dat zijn moeder nog in leven is en raakt zo langzaam verstrikt in een door wanhoop en waan geregeerde werkelijkheid.
Na de grote verrassing die Robert Haasnoot mij de vorige keer bracht (Waanzee zie recensie) durfde ik de gok te wagen om mijn tanden in een tweede boek van Haasnoot te zetten; 'Steenkind'. Het begint dat de vader en moeder van een jongen samen de duinen in gaan. Hoogstwaarschijnlijk snapt u ook wel wat er in die duinen gebeurde. De ouders keren niet terug. En het lichaam van de vader wordt later terug gevonden. De jongen en zijn broer zijn nu alleen en kregen hulp van een tante. De eerste 2 a 3 hoofdstukken lijken veelbelovend. Vader en moeder vertrekken dronken naar de duinen maar keren niet terug. Na dit veel belovende begin is ook alles gezegd. In de rest van het boek wordt op een heldere manier verteld wat er daarna met de broers gebeurde: Helemaal niks. Er wordt beschreven dat ze het huis slecht onderhouden en de kunstgalerij van hun ouders leeg moeten halen. En dat de jongen waanideeën heeft en denk dat hij zijn ouders hoort spreken. Maar verder gebeurt er helemaal niks. Na de eerste paar hoofdstukken gebeurt wat je niet verwacht; het verhaal valt stil. Zeker na het boek Waanzee ligt dit boek me als een steen op de maag.