De jaren tachtig. De verteller woont in een woongroep, het restant van een communistische commune, samen met vier moeders, wat andere kinderen en goeroe Bert. De kinderen worden min of meer aan hun lot overgelaten terwijl de volwassenen veel met elkaar praten (het liefst naakt - 'Als je naakt bent, heb je geen schild,' zegt Bert), therapie doen, ruziemaken, en opnieuw met elkaar praten (weer naakt). Aan hun lerares op school hebben ze ook niets, want die gaat ook met Bert naar bed. De enige met wie de verteller enigszins kan opschieten, is Donnie. Als de kinderbescherming dreigt in te grijpen en de volwassenen allemaal in paniek raken, vat de verteller het plan op om samen met Donnie weg te lopen. Naar België. Want daar is de mayo beter.
De auteur omschrijft de jaren tachtig heel treffend. Ook krijg je gelijk een goed beeld van de commune. Hoewel er soms komische taferelen zijn, zit er ook veel ongemak in dit boek. Ik kreeg dan ook voornamelijk een triest gevoel van de situatie waarin de verteller zich bevond.
Staccato geschreven, wat door moet gaan voor het perspectief van een kind. En toen en toen en toen, aangevuld met continue herhalingen. Op EK88 en Elfstedentocht na zijn de jaren 80 niet herkenbaar. Had ook jaren 70 kunnen zijn. Of 60. Of 90.
De kracht van dit boek is wat er niet wordt verteld. Want ondanks dat het verhaal verscheidene jaren beslaat, is het geen dik boek. Op het einde wordt er ook iets over de hoofdpersoon onthuld, waardoor je ineens heel anders naar het verhaal kijkt. Ik vind dat knap gedaan. Vandaar de vier sterren. Het boek leest verder vlot en het taalgebruik past bij de leeftijd van de hoofdpersoon. Ook heeft het erg korte hoofdstukken, hetgeen ik prettig vind.
This entire review has been hidden because of spoilers.
Nadat ik de serie van de Verschrikkelijke jaren 80 al drie keer had gezien dacht ik, ik lees nu het boek maar dat was toch wel echt zoveel slechter dan de serie helaas.
Op basis van de titel en de cover had ik dit boek nooit uitgekozen. Dit boek heeft me echter aangenaam verrast. Tim Kamps is blijkbaar een Nederlandse cabaretier, muzikant, acteur en regisseur die nu ook nog eens zijn debuutroman schreef: De verschrikkelijke jaren tachtig.
De vertellende ik-persoon groeit samen met beste vriend Donnie op met hun moeders en een aantal andere kinderen in een soort commune die samen in één huis hokken. Hun goeroe is 'ome Bert'. De kinderen vervelen er zich hartsgrondig: ze worden er aan hun lot overgelaten en de volwassenen zijn er vooral met zichzelf bezig. Bert is de slechte bullebak die alles en iedereen gewoon verwaarloost - of zelfs misbruikt - en iedereen voor zich laat opdraven. Toch hangen de vrouwen van de commune aan hem als een schoothondje. Ze zijn ook gewoon dom dat ze zich door hem laten leiden natuurlijk. Aan hun lerares op school hebben ze ook niets, want die gaat ook met Bert naar bed. Het is de tijd van vrijheid, blijheid. Maar beide kinderen vinden dit verschrikkelijk en dragen er de gevolgen van.
Het verhaal wordt in een heel eenvoudige, eerlijke kinderlijke taal verteld die je direct mee zuigt in hun wereld. Ik heb dit 200-pagina's tellende boek op een avond tot in de vroege uurtjes en in één ruk uitgelezen, en wou dit niet wegleggen. De rauwe no-nonsense schrijfstijl waarbij dingen worden beschreven zoals ze zijn, spreekt me enorm aan, ook al is de taal misschien wat minder literair. Het woordgebruik past wonderwel goed bij de leefwereld van de kinderen, waardoor dit een levensechte getuigenis wordt.
De situatie waarin de kinderen zitten, is dikwijls tragisch maar toch zit er ook humor in door de manier waarop zij hun omstandigheden observeren en van commentaar voorzien. Er zit zeker een ironiserende toon in die het verhaal goed doet en niet te zwaar maakt. Ik geloofde dit verhaal helemaal en werd er volledig in meegenomen. Helemaal aan het einde van het verhaal word je dan nog eens met een geweldige twist in het gezicht geslagen. Een pluim voor de auteur om op basis van zulke rauwe feiten dergelijk verhaal neer te schrijven!
Ik las dit boek dankzij Hebban voor de Hebban Debuten Lezersjury.
Het is de jaren tachtig en onze verteller woont in een commune. Een huis waarin meerdere vrouwen met kinderen wonen. En waarin Bert de leiding heeft, een oude, vieze man, die eist dat de vrouwen in het gebouw seks met hem hebben. Terwijl de moeder van ons hoofdpersoon eigenlijk lesbisch is, want “Iedereen was lesbisch. Mijn moeder ook.”
Terwijl de volwassenen de kinderen aan hun lot overlaten en de kinderbescherming in beeld komt. Wordt het plan door onze verteller en Donnie gemaakt om weg te lopen naar België.
Want daar is geen commune.
En is de mayo beter.
De Verschrikkelijke Jaren tachtig is een boek wat langzaam maar zeker onder je huid kruipt. Het verhaal van de commune gaf mij een dag leesvoer, maar het plekje wat in mijn hart veroverd is, blijft veel langer dan een enkele dag.
Lees mijn volledige recensie nu op Books & Macchiatos of volg de directe link in de bio!
plottwist zag ik niet aankomen, wel erg sneu verhaal maar ook meerdere keren hardop gelachen, ook lekker snel uit, goed begin van drie weken kamperen zonder wifi
Luchtig ongemak wat je in een avond uitleest. De twist op het eind laat je nadenken: wat lees je echt en wat zijn je aannames op basis van wat je leest? De ultieme onbetrouwbare verteller.
Erg hilarisch boek, alleen vond ik de storyline van de serie diepgaander en afwisselender dan dit verhaal… verschilt vrij veel qua verhaal van de serie, maar het type karakters is echt precies hetzelfde, ofwel hilarisch en fantastisch neergezet en beschreven!
Mijn probleem is dat ik eerst de serie heb gekeken en die was ge-wel-dig, en daar valt het boek toch een beetje bij in het niet. Alsnog een prima en leuk boek, vermakelijk en grappig om te lezen over deze woongroep. Makkelijk te lezen door de korte zinnen.
Op zich geinig dat het tot het einde onduidelijk bleef of de hoofdpersoon een jongetje of meisje was. Ik had verwacht dat dat het hele boek in het midden zou blijven, dat was ook prima geweest. Ik vond de gebeurtenis aan het einde in het hostel nogal heftig en vervolgens ook slecht (of beter gezegd: niet) uitgewerkt. Wat voegde dat nou nog toe?
Tim Kamps is vooral bekend geworden als cabaretier in de cabaretgroep Rooyackers, Kamps & Kamps, die hij in 1997 samen met zijn broer Wart in 1997 heeft opgericht. Daarnaast is hij tevens muzikant, acteur en regisseur. Sinds kort kan daar auteur aan worden toegevoegd, want in oktober 2018 verscheen zijn debuutroman De verschrikkelijke jaren tachtig, een roman die zowel biografisch, autobiografisch als fictie is. Niet lang nadat zijn boek uitgekomen is, zijn de filmrechten van dit debuut verkocht.
In een woongroep in Rotterdam wonen één man, vier vrouwen en vijf kinderen, waaronder de achtjarige naamloze verteller en Donnie. De kinderen worden grotendeels aan hun lot overgelaten en de bewoners van de commune hebben wekelijks een huisvergadering, naakt. Verder wordt er erg veel geblowd. Dan vat Donnie het plan op om weg te gaan lopen. Het idee is om naar België te gaan, omdat de mayonaise daar veel lekkerder is. Maar in de praktijk blijkt dit een stuk lastiger te zijn dan gedacht.
Het verhaal begint met een aantal hoofdstukken waarin een algemeen beeld wordt geschetst van de commune en de bewoners daarvan, maar ook van de verteller zelf en Donnie. Wat daarbij opvalt, is dat die hoofdstukken kort en ultrakort zijn, wat overigens in de rest van het boek net zo is. Hierdoor vliegt het verhaal voorbij en heeft de lezer het boek in een mum van tijd uit. Na wat beschouwd kan worden als een introductie gaat het verhaal, of zelfs begint het verhaal in 1985, waarna het chronologisch oploopt tot aan 1990, dat tevens het einde van die verschrikkelijke jaren tachtig betekent.
Vanaf het begin krijgt de lezer al het gevoel dat het verhaal een weergave is van het leven dat de auteur zelf op jonge leeftijd heeft meegemaakt. Daarover wordt in het boek geen enkel uitsluitsel gegeven, maar in interviews heeft Kamps verteld dat hij zijn eigen ervaringen uit een woongroep heeft gecombineerd met die van een vriendin die tijdens haar kinderjaren in een commune woonde. Dat het verhaal, dat verder fictie is, daardoor realistisch en waargebeurd lijkt, is daar zonder meer een gevolg van.
De door de auteur gehanteerde schrijfstijl is luchtig, soms met een knipoog, maar bovenal prettig. Desondanks laat hij op de achtergrond wel doorschemeren dat de kinderen met misstanden te kampen hebben gehad. Het is immers niet voor niets dat jeugdzorg maatregelen heeft genomen en de commune daarna in de gaten is blijven houden. Aan het eind van het verhaal heeft Kamps nog een grote verrassing in petto, en dat is er dan echt een die je in het geheel niet ziet aankomen. Daaruit blijkt dan wel dat je, als je iets niet voor de volle honderd procent zeker weet, niet altijd uit moet gaan van een aanname. Doe je dat wel, dan kan het heel anders in elkaar zitten dan je aanvankelijk vermoedt.
De titel De verschrikkelijke jaren tachtig doet vermoeden dat het een rampzalige periode was. Voor de betrokkenen uit het verhaal was het waarschijnlijk ook niet al te rooskleurig, maar de lezer kan zich niet aan de indruk onttrekken dat de kinderen ook wel mooie periodes hebben gekend. En het debuut van Kamps, dat is origineel, boeiend en zonder meer de moeite waard.
De onderkoelde toon in de vertelstijl van de hoofdpersoon maakt dit boekje aardig om te lezen. Wie de jaren 80 niet heeft meegemaakt en niet geconfronteerd werd met deze scene zal het volgens mij moeilijk kunnen plaatsen. Maar in de tijd van "Hari Krishna",Maharishi Mahesh Yogi, Baghwan en andere sektes stikte het in de omgeving van Rotterdam van de communes in alle maten en soorten. Het waren de hoogtijdagen van naakt recreëren en spiritualiteit. De dagboekstijl die hier gehanteerd wordt vind ik vrij aardig gevonden. Het is een plezierig boek om te lezen ook al kommen er een aantal ongemakkelijke passages in voor. De reactie's op de diverse therapeuten zijn erg goed neergezet.
Tim Kamps de cabaretier en Tim Kamps de regisseur vind ik erg leuk. Lekker vlot, gek, quirky, raar. Tim Kamps de schrijver blijkt wat serieuzer. Het enige echt typische Kamps-grapje is de verrassende wending rondom de verteller van het verhaal. Verder leent het onderwerp - een opvoedkundig nogal dubieuze communesetting beschreven vanuit het perspectief van een kind - zich ook niet zo goed voor de luchtige kolder die Kamps' werk in het theater kenmerkt. Toch leest het verhaal wel lekker vlot en ondanks de vaak zware onderwerpen luchtig.
De titel trok me aan, juist omdat ik de jaren tachtig zelf niet verschrikkelijk vond (op de kapsels na). Tijdens het lezen kwam ik erachter dat ik Tim Kamps' gezicht kende van o.a. de Mooiboys, een van de onvolprezen jeugdprogramma's van de VPRO. Hij schrijft hier vanuit het perspectief van een kind en treft daarbij precies de juiste toon. Met humor vertelt hij zijn wrange, bizarre verhaal over kinderen in een commune die aan hun lot worden overgelaten, terwijl de volwassenen met zichzelf bezig zijn. Het einde kwam voor mij niet als een verrassing.
[RECENSIE: http://www.readabook.nl/2018/10/tim-k...] Knap om een boek te schrijven over een hoofdpersoon dat zo aan zijn lot wordt overgelaten en daarom een uitzichtloos leven lijkt te hebben. Ik zeg ‘lijkt’, omdat dit boek je niet een negatief gevoel geeft. Sterker nog, het is een boek met humor en dat is precies wat je van een cabaretier verwacht. Maar dan net een stukje beter.
Het boek leest heerlijk weg ook al is niks aan het hele verhaal heerlijk. De volwassenen sporen niet en de kinderen zijn daar de dupe van. Ik heb vaak moeten lachen om de opmerkingen van Donnie en de absurde situaties ook al voelde het niet altijd goed om te lachen omdat het eigenlijk om te huilen was. Het einde kwam ook als een complete verrassing. Die zag ik niet aankomen!
Gelezen doordat de serie op TV is nu. Eerder kende ik dit boek niet. Had hem waarschijnlijk ook nooit gekozen op basis van de beschrijving. Maar geen spijt achteraf. De schrijfstijl is prettig en het verhaal grijpt aan. Met maar 200 of iets meer pagina's is het een dun boekje. Had echter zelf liever een iets uitgebreider verhaal gehad.
Schrijnend en humoristisch verhaal, verteld vanuit het perspectief van een kind. Het einde liet een meelijdend gevoel achter, alsof je weet dat de kinderen waarschijnlijk nooit (of in elk geval nog lang niet) zullen ontsnappen aan de vicieuze cirkel waarin zij zich bevinden. Veel referenties aan de Nederlandse cultuur van de jaren tachtig.
This entire review has been hidden because of spoilers.
je bladert er in twee dagen doorheen, op zich boeide het wel, maar vond de expliciete seks scenes echt om te kotsen, verder gebeurt er vrij weinig misschien wel een realistische weergave maar ik denk dat de serie op NPO wat leuker is
De wereld van een kind van 8 jaar dat in de jaren tachtig in een commune in Rotterdam moet leven. Zeer vermakelijk geschreven niettegenstaande de trieste omstandigheden. De verrassing zit echter in de allerlaatste bladzijden van het boek.
Roman over een commune in Rotterdam mid jaren 80. Verteller en Donnie zijn hoofdpersonages. Magere verhaallijn: het beloofd veel maar er komt weinig. Boekt telt 204 pagina's maar op 1 avond uitgelezen.