'Tot een werkzaam leven opgeleid': De wezen van Veenhuizen (1824-1859)
In 1824 arriveren de eerste ‘weezen, vondelingen en verlaten kinderen’ in het kinderetablissement Veenhuizen. Hier moeten ’s lands meest kansarme kinderen worden opgevoed tot nijvere landarbeiders. Er wonen er uiteindelijk in totaal zo’n 8600; steeds met z’n tachtigen op zalen van elk 4,7 bij 30 meter.
Het ‘landbouwend weeshuis’ is een initiatief van Johannes van den Bosch en de Maatschappij van Weldadigheid. Met veldwerk en fabrieksarbeid zullen de kinderen hun onderhoud en onderwijs bekostigen. Een waterdicht plan – althans, in theorie. De werkelijkheid pakt anders uit: gemeenten zijn er niet happig op hun wezen naar Veenhuizen te sturen; armoede, ziekte en sterfte grijpen om zich heen en de kosten rijzen de pan uit. In 1859 wordt het kindergesticht overgenomen door het rijk en uiteindelijk omgevormd tot de beruchte strafinrichting.
In De kinderkolonie beschrijft Wil Schackmann de wezen, hun opzieners en de bestuurders. Op basis van uitgebreid onderzoek in het rijke Kolonie-archief wekt hij deze bijzondere geschiedenis tot leven.
Dit non-fictie werk past mooi in een tijd waarin Belgie en Nederland samen de kolonien van weldadigheid op de werelderfgoedlijst proberen te krijgen: http://www.kolonienvanweldadigheid.eu Dit boek concentreert zich op de kinderkolonie te Veenhuizen (NL)
Je zou het een drama kunnen noemen, al lezend wat er allemaal misging. de viersterren zijn niet zo zeer om de vlotheid van het verhaal. Alswel om het belang dat ik hecht aan dat dit soort boeken / verhalen naar buiten gebracht Worden. Een stukje ongekende geschiedenis.
Stiekempjes hoop ik dat de kolonies in Belgie ook aan bod komen in een volgend boek van deze auteur.
Dit was eigenlijk ook niks meer dan een opsomming van het komen en gaan van de kinderen. Je hoeft het niet te lezen als je meer wilt weten over het leven in Veenhuizen, want dat komt niet aan bod. Hier zijn gewoon wat oude notulen uitgewerkt, that’s it. Niet de moeite.
Oh en je bent wel een extra kind of special als je in je dankwoord beweert dat de mensen die jou dag in dag uit hebben geholpen met archiefstukken er niet toe doen, en dat dit hele boek ‘geheel op jouw conto is’. Zo boeiend is je boek niet, stel jezelf niet te veel voor vriend.
Geen makkelijk leesbaar boek, wel interessant. Oude zinnen worden in dit boek veelvuldig gebruikt en dan zie je ook wat het doet als er geen afspraken zijn over hoe je woorden spelt en schrijft. Zinnen kunnen dan door anderen totaal verkeerd begrepen worden. Er is door de auteur gebruikt gemaakt van de vele bewaarde bronnen en heel veel kinderen die ooit in Veenhuizen verbleven hebben komen in dit boek aan bod, vaak in korte stukjes hoe het in de kinderkolonie verging of ervoor of erna. De tien lange hoofdstukken zijn in korte behapbare stukjes verdeeld waardoor je het boek kan lezen in etappes want dit lees je niet even achter elkaar door zeg maar.
Een verhaal over hoe goede bedoelingen kunnen botsen met de publieke opinie en vastlopen in uitvoeringsproblemen. Ik vond de beschrijving van het 'wezenetablissement' in Veenhuizen en alle organisatie daaromheen op zichzelf al fascinerend, maar het zet ook aan het denken over hoe de sociale voorzieningen een kleine twee eeuwen later zijn ingericht, en hoe daar nog steeds voortdurend aan gesleuteld wordt. En ik vind het heel knap hoe in dit boek een zwaar onderwerp, namelijk het harde leven van weeskinderen in die tijd, zowel met medeleven als met humor gebracht wordt.