Essay uit 2016 dat is uitgebreid tot een aardig boekje.
De Vries citeert 5 regels van John Updike (uit 1975) over het schrijven van een goede recensie:
1. Probeer te begrijpen wat de schrijver heeft willen doen, en geef hem niet de schuld van het niet bereiken van iets wat hij niet heeft willen proberen.
2. Geef genoeg directe citaten – ten minste één langere passage – zodat de lezer zelf een indruk kan krijgen van het proza, en het zo zelf kan proeven.
3. Bevestig je beschrijving van het boek liever met citaten uit het boek, zelfs al is het maar één zin, dan dat je jezelf verliest in wazige uittreksels.
4. Vertel niet de hele plot na, en zeker niet het einde.
5. Als je vindt dat het boek tekortschiet, geef dan ook een geslaagd citaat of kies iets uit ander werk van de schrijver. Probeer de tekortkoming te begrijpen. En weet je zeker dat het de tekortkoming van de schrijver is en niet van jou?
#1 Volgens mij probeert De Vries een lans te breken voor pretentie; het minder negatief (zelfs positief) af te schilderen. Daarin slaagt hij best goed.
#4 gaat niet op voor dit essay.
#2 De directe citaten (en #3, citaten die wat mij betreft ondersteunen dat De Vries slaagt in beschrijven van postieve kanten van pretenties):
Pretentie daarentegen is een actieve karakterfout. Wie pretentieus is doet zich slimmer, verfijnder, exclusiever voor dan hij of zij werkelijk is, die speelt bewust een rol. Je kunt niet pretentieus zijn in je eentje, thuis; je bent het pas in de ogen van een publiek dat door je façade heen kijkt.
Snobisme is denken dat je beter bent dan anderen. Pretentie is denken dat je beter bent dan jezelf. Snobisme is bedrog, pretentie is ook zelfbedrog.
Dit wie-denk-je-dat-je-bent-sentiment ligt aan de wortel van elk verwijt van pretentie.
Want hoe je pretentie ook ziet, als social climbing, als niet-authentiek, het verraadt altijd één ding: het laat zien waar je betekenis in zoekt, en dus wat je echt belangrijk vindt.
Dit is de essentie: als je pretentieus wordt genoemd word je verweten dat je overdrijft, dat je je aanstelt. Maar je kunt je niet aanstellen over wat niet belangrijk voor je is. De vorm is overdreven, het doel niet. Als pretentie liegen is, dan is het eerlijk liegen.
Pretentie is geen doel op zich, het is een middel op weg naar authenticiteit. Pretentie is die vorm van jezelf die voor je uit rent; op het moment dat je die vorm inhaalt is het geen vorm meer, dan is het wie je bent.