Nog nooit leefden we zo lang, zo welvarend en zo vreedzaam als vandaag. Kan dit mooie liedje blijven duren? Doemdenkers verkondigen dat we op de rand van de afgrond staan, cultuurpessimisten dat onze moderne samenleving aan een diepe malaise lijdt. In Waarom de wereld niet naar de knoppen gaat breekt Maarten Boudry een lans voor het vooruitgangsdenken. Hij bestrijdt het wijdverbreide pessimisme en zoekt naar verklaringen voor de doembeelden over klimaat en islamisering, over toenemend racisme en groeiende ongelijkheid, en over de diepe wanhoop van de westerse mens. Boudry pleit voor de beproefde waarden van wetenschap en Verlichting. Doemdenken leidt niet tot daadkracht maar tot fatalisme, terwijl vooruitgangsdenken net wervend is. De wereld stond er nooit zo goed voor als vandaag, en we kunnen haar nog veel beter maken.
Maarten Boudry (1984) is schrijver, wetenschapsfilosoof en was van 2019 tot 2023 houder van de leerstoel Etienne Vermeersch aan de Universiteit Gent. Hij schreef onder meer de bestseller Waarom de wereld niet naar de knoppen gaat (2019), waarover Marcel Hulspas schreef: ‘Strijdlustig. 340 pagina’s lang belijdt Boudry zijn onverwoestbare geloof in de vooruitgang’ (de Volkskrant, ****). Andere boeken zijn Illusies voor gevorderden (2015) en Waarom ons klimaat niet naar de knoppen gaat (als we het hoofd koel houden) (2021).
Ik heb net "Feitenkennis" van Hans Rosling en "Verlichting nu" van Steven Pinker gelezen. En vorig jaar heb ik "The Moral Arc" van Michael Schermer gelezen. Ik had dus mijn twijfels of Maarten Boudry me met dit werk nog iets extra ging bijbrengen. Ik vreesde dat hij vooral wat uit die boeken ging citeren Maar mijn vrees was ongegrond. Weer een zeer helder geschreven boek dat vlot leest, zoals we van hem gewend zijn. Mooie analyses. Verwijst regelmatig naar bovenstaande boeken, maar voegt er zeer interessante zaken aan toe. Hij projecteert deze ideeën ook op de maatschappij zoals ze door een "lage lander" ervaren wordt. Een aanrader.
Ik heb wel een en ander te zeggen over dit boek, zelfs in die mate dat ik tegen de karakterlimiet van de Goodreads-reviews aanbotste. Ik heb mijn recensie dan maar op mijn persoonlijke blog geplaatst (klik hier voor de volledige recensie - bevat spoilers uiteraard - lees het niet als je de inhoud van het boek eerst zelf wilt ontdekken!). De bottom line: de wereld gaat inderdaad niet naar de knoppen, maar een flink deel van dit boek wel, omwille van allerlei onvoorzichtige of zelfs foute beweringen. Twee sterren dan maar: één voor de schrijfstijl, een tweede voor het vooruitgangsoptimisme zelf.
Voor hedendaagse mensen met een hedendaags tijdgebrek: zie hieronder voor een samenvatting van mijn review (spoiler alert!):
Maarten Boudry volg ik al een tijdje op Facebook en ik lees regelmatig zijn bijdragen in verschillende dagbladen, maar het is het eerste boek van deze vooruitgangsfilosoof dat ik in handen kreeg. En ik heb het met veel plezier gelezen. Alhoewel ik persoonlijk meer neiging heb om in pessimisme - niet zozeer in doemdenken - te vervallen wanneer het de grote wereldproblemen betreft, werkt de manier van denken en van schrijven van Boudry toch enigszins aanstekelijk. In tegenstelling tot het gevoel dat ik had na het eerste deel, leest het boek heel vlot en is het vrij toegankelijk. Vooral de hoofdstukken over het ecologisch doemdenken en de islamisering van Europa heb ik met meer dan gewone aandacht gelezen.
Boudry staaft zijn redenering(en) met harde feiten, recent cijfermateriaal en grote stukken geschiedenis. Hem wegzetten als een onverbeterlijke optimist of een filosoof met de zoveelste mening is hem onrecht aandoen. Hij vervalt niet in alle richtingen uit schietende meningen, noch in enig perspectivisme, maar hij geeft een nuchtere, degelijk onderbouwde kijk op de wereld zoals hij is. Het onderscheid dat hij maakt tussen de verschillende types of categorieën vooruitgangsloochenaars was mij vreemd (tredmolendenkers, wacht maar!-pessimisten, cyclische pessimisten en de nostalgici), maar hoe hij hun redeneringen analyseert, blootlegt en daarna stuk voor stuk weerlegt, is een lust voor het oog.
De volle argumentaties onthouden is voor mij schier onmogelijk, laat staan het in toekomstige discussies of debatten aan te halen. Wat Boudry in het begin van zijn werk citeert, is iets wat ik dan wel weer de moeite vond om mee te nemen:
"Paul Verhaeghe schrijft: 'We genieten ons te pletter. Maar niemand is tevreden.' Klinkt heel diepzinnig. Of waarom niet andersom? 'Iedereen is tevreden, maar niemand geniet ervan."
Na het lezen van een kleine geschiedenis van de vooruitgang vond ik dat het tijd was voor een beetje opbeurende non-fictie. Alleen al de titel van het boek sprak me zeer aan. Hoewel ik zeer positief in het leven sta, heb (of had, na dit boek heb ik mijn mening moeten herzien) ik toch een "negatieve" kijk op de toekomst.
Al in de inleiding blijkt dat ik niet de enige ben. Het is blijkbaar een gegeven dat bij veel mensen voorkomt en in het boek mooi wordt samengevat met de volgende zin:
"Met mij gaat het goed, met ons gaat het slecht".
Mede doordat het boek een grote verscheidenheid onderwerpen aanhaalt, heeft het me geen seconde verveeld. Alle thema's waren even boeiend en vooral even relevant en actueel.
Zowel (rechtse) meningen over onder andere islamofobie als (linkse) meningen over het klimaatprobleem worden met de grond gelijk gemaakt. Dit allemaal met de nodige portie humor, maar vooral met veel cijfers en grafieken om alles goed te staven.
Zoals ik al vermeldde heb ik mijn mening over bepaalde zaken moeten herzien, maar ik heb ook gewoon superveel bijgeleerd. Zeer blij dat ik dit gelezen heb, echt een aanrader!
We laten ons graag meeslepen door de deprimerende en verontrustende verhalen van cultuurpessimisten en doemprofeten. Maar hebben zij wel recht van spreken? Cultuurpessimisten hebben er patent op om op basis van hun onderbuik de samenleving te fileren - geheel gespeend van een feitelijke onderbouwing. Doemprofeten slaan met hun heilige doel voor ogen vaak zo door naar het worst case scenario, dat ze datzelfde doel dreigen voorbij te schieten of, net zo gevaarlijk, uit beeld te spelen. Dit verfrissende betoog van Maarten Boudry wat niet alleen optimistischer is, maar ook beter onderbouwd, is dan ook zeer welkom. Hier en daar stapt hij iets te snel heen over de onmisbare rol van nietsontziende critici voor maatschappelijke verandering, maar over het algemeen blijft zijn punt overeind: het zou niet nodig moeten zijn om de feiten te verdraaien en te overdrijven om mensen te overtuigen van de noodzaak tot verandering.
Nee, alles komt niet vanzelf goed, maar wanneer we de feiten helder onder ogen zien en vanuit vertrouwen in ons kunnen blijven inzetten op oplossingen, zien we in dat er daadwerkelijk steeds minder racisme is, het met die toenemende ongelijkheid best meevalt en hoeven we niet te vrezen voor de ondergang van onze westerse cultuur en onze planeet.
Uitgebreide SML-samenvatting van Kenny-Dave Bricks.
Erg vermoeiend is het ondertussen geworden hoe Maarten Boudry (MB) vaak wordt weggezet op social media als rechts figuur of op één hoop wordt gegooid met NVA-ideologen of de Mia Doornaerts van deze wereld. Door MB's soms inderdaad wat pedant overkomende stijl en volgens mij ook door zijn zeer energieke drang om zich in het publieke debat te mengen (wat eigenlijk in zekere zin bewonderenswaardig is) vergeten vele critici wel eens op welk een pedante stijl zij zelf discussies aangaan en hoe zij zelf vanuit vastgeroeste wereldbeelden of cliché's redeneren. Eén van die dingen waaraan ik mij zelf heel erg kan storen is welke hersengymnastiek de verketteraars van kernenergie vaak tentoonspreiden. Ik probeer het zo samen te vatten: omdat velen in de meest welvarende landen een grote angst hebben voor kernenergie en 'kernafval' vinden deze mensen dat er meteen gestopt moet worden met kernenergie. Deze grote angst is volgens mij mede ingegeven door het schrikbeeld van Tsjernobyl en de verschrikkelijke atoombommen die tijdens Wereldoorlog II dood en verderf zaaiden boven Japan en de menselijke geschiedenis. Het feit dat de 'overschakeling' op (andere) groene energie niet snel genoeg gaat, wijt men zo goed als volledig aan 'het systeem', aan het gelobby van de bestaande energiewereld en de onkunde van de politiek...Problemen en nodige investeringen worden uitvergroot voor kernenergie en geminimaliseerd voor bestaande andere groene energie; men maakt niet het onderscheid tussen beleid omtrent kernwapens en beleid omtrent energievoorziening; men blijft verwijzen naar Tsjernobyl als ultiem argument; men schenkt amper aandacht aan het giftige ‘afval’ van (andere) mijntechnieken voor diverse grondstoffen, productieprocessen en berging.
Het gevolg van het dogmatisch afzweren van kernenergie is juist dat het aandeel van fossiele brandstoffen in de energieproductie (te) hoog blijft en er vele geopolitieke complicaties optreden, bijvoorbeeld de grotere afhankelijkheid van import van gas of olie uit dictatoriale staten. De te trage vergroening zou dan de schuld zijn van de energielobby. Maar zelfs als die lobby al zo’n grote rol zou spelen, waarom dan zo vastklampen aan het eigen grote gelijk van de ban op kernenergie waardoor het probleem van klimaatopwarming en milieuproblemen alleen maar vergroot wordt? En zal door zelf minder in te zetten op innovatie en internationale samenwerking omtrent kernenergie de uitrol van kernenergie in minder ontwikkelende economieën ook niet trager en mogelijk zelfs gevaarlijker verlopen? (kerncentrales in failed states, dictatoriale regimes cfr. Internationaal atoomagentschap en Iran)?
Deze kwestie komt, naast vele andere, aan bod in ‘Waarom de wereld niet naar de knoppen gaat’. MB probeert met cijfers en argumenten tot een positiever beeld over onze wereld en een optimistischer toekomstbeeld te komen. “Er is ontzettend veel ellende in de wereld EN nooit eerder was er zo weinig ellende in de wereld als vandaag.” MB schopt hierbij tegen veel heilige huisjes en wil ook verklaren waar onze pessimistische gedachtegangen vandaan komen. Er wordt dieper ingegaan op actuele kwesties als racisme, de vermeende ‘ondergang van het Avondland’, climate change en geluk, armoede en ongelijkheid.
In de context van de coronacrisis wordt wel eens verwezen naar het ontluisterende werk van historicus Walter Scheidel over historische ongelijkheid (The Great Leveller, 2017): pandemieën hebben in het verleden, naast oorlogen, revoluties en ineenstortende staten, telkens weer voor meer gelijkheid gezorgd. Als bevolkingsaantallen door bijvoorbeeld de pest sterk terugvielen, had dit telkens een grote impact: voedselprijzen daalden en dus ook de waarde van het landbouwland, de lonen van de arbeiders stegen want er was geen overaanbod aan arbeiders. Het mag duidelijk zijn dat we nu echter in een onvergelijkbare wereld leven. Zoals Scheidel bijvoorbeeld zelf zegt: “In verhouding zal het nieuwe virus minder slachtoffers maken dan de Zwarte Dood. Ten tweede lijkt het coronavirus het vooral op ouderen gemunt te hebben, waardoor er maar weinig mensen op arbeidsleeftijd zullen sterven. En vroeger leefden we in een agrarische samenleving, nu leven we vooral in een diensteneconomie. Die economie zal heel anders worden getroffen door een pandemie. Hoe precies, dat kunnen we niet voorspellen.” En zelfs: “de beurs zal zich herstellen, het financiële systeem werkt nog altijd. De rijken zullen hun vermogen snel terug zien groeien. Als je nu als gewone burger financiële moeilijkheden krijgt, hoelang zullen die dan blijven aanslepen? Als je je job verlies, krijg je die dan ooit nog terug? Het lot van de gewone man zal sterk afhangen van hoe de overheden reageren.” De internationaal gerenommeerde ongelijkheidsexpert Branko Milanovic denkt dat de sociale kloof en ongelijkheid binnen staten door de coronacrisis de komende jaren groter zal worden. De huidige crisis is ingrijpender dan de financieel-economische crisis van 2008 en de impact op de inkomens zal groter zijn, “voor mensen met een laag inkomen wordt het zelfs funest. Wie zijn loon van 1500 euro naar 1000 euro ziet dalen, voelt een veel grotere procentuele impact dan iemand met een hoger maandelijks inkomen.” “Zonder productie vallen alle vormen van inkomsten weg en kunnen de overheden hun uitgaven niet blijven rekken. Ik houd mijn hart vast voor wat er dan gebeurt met de minderbedeelden.”
Over ongelijkheid stelt Walter Scheidel ook, in overeenstemming met MB, dat het een kleiner probleem is dan armoede. “Je kunt beter een ongelijke maar minder arme samenleving hebben dan een gelijke samenleving met veel armen.” MB zegt dat het vanuit moreel oogpunt belangrijk is dat iedereen voldoende heeft, niet dat iedereen evenveel heeft, maar zegt erbij dat ongelijkheid in de praktijk kan samenhangen met andere zaken die moreel verkeerd zijn en dat we de zaken daarom pragmatisch moeten bekijken. “Een zekere ongelijkheid is niet zomaar een neveneffect van welvaartsgroei, het is één van de voornaamste motoren. In een vrije samenleving is economische ongelijkheid wenselijk, zolang ze voortvloeit uit ongelijke inspanningen en talenten. Een zekere mate van herverdeling blijft natuurlijk moreel wenselijk, niet om ongelijkheid an sich te bestrijden, maar om te vermijden dat sommige mensen in armoede leven. Het is ook logisch dat we voor armoedebestrijding de zwaarste lasten op de sterkste schouders laten rusten. Buitenissige ongelijkheid kan ook schadelijke neveneffecten hebben, zoals de ondergraving van de democratie.” Interessant is hierbij ook de bespreking van het werk The Spirit Level – why more equal societies almost always do better van Richard Wilkinson en Kate Pickett en de nadruk op de rol van rechtvaardigheid in de discussie over ongelijkheid. Dit is iets wat de laatste jaren opnieuw meer lijkt op te duiken in analyses: de rol van streven naar erkenning en morele waardepatronen als achtergrond bij politieke en sociale denkbeelden. MB: “hoeveel ongelijkheid kan een samenleving verdragen? Dit hangt er van af hoeveel ongelijkheid men rechtvaardig vindt. De banken werden van de ondergang gered met belastinggeld, maar de verantwoordelijken ontsprongen de dans en kregen op de koop toe een riante ontslagvergoeding. Dat vinden mensen oneerlijk, en terecht. Hetzelfde geldt voor belastingparadijzen. Dat soort zaken moeten we bestrijden, niet vanuit een weerzin voor ongelijkheid, maar vanuit een gevoel voor rechtvaardigheid. Dat de rijkste mensen naar verhouding het minste belastingen betalen, is inderdaad hemeltergend.”
Zeer lezenswaardig is de beschouwing van MB over ‘neoliberalisme’. Het klopt dat dit een moeilijke term is die voor verschillende mensen verschillende betekenissen lijkt te hebben en helaas bij sommigen ook als een groot monster in hun discours opduikt ter verklaring van zo goed als alle onheil in de wereld. Tijdens iedere vakbondsmanifestatie kom ik wel iemand tegen die het discours begint of onderbouwt met “het is allemaal de schuld van het neo-liberalisme!” Volgens MB wordt neoliberalisme echter zelden afgebakend – in 69% van de artikels wordt er geen definitie gegeven. MB verwijst naar filosoof Hans Achterhuis die dit wel doet (voornamelijk in zijn De Utopie van de vrije markt) en stelt dat neoliberalen een blind geloof hebben in de werking van de vrije markt waarbij dit een utopische heilsleer wordt, een vrijemarktfundamentalisme. Een vraag voor de samenvatter: verwijst MB ook naar het werk van Jaap Kruithof van de UGent die al decennia geleden een lijvig werk schreef? (Het Neoliberalisme). Een punt dat MB terecht maakt is dat de critici van neoliberalisme het verwarren met corporatisme, een systeem waarbij big bussiness en big government met elkaar verstrengeld zijn, iets waar neoliberale ‘founding fathers’ als Friedman en Hayek van gruwden. In reactie op Achterhuis stelt MB bovendien dat Ayn Rand (Atlas Shrugged) als de kwade genius achter het neoliberalisme wordt gezien, maar dat zij in filosofisch opzicht tot het veel radicalere libertarisme behoort; “Rand vond Friedman en Hayek een bende socialisten en haar invloed is gering, zij was een cultfiguur met marginale politieke invloed. Hans Achterhuis vergist zich schromelijk wanneer hij haar verantwoordelijk stelt voor de neoliberale hervormingen in de jaren tachtig.” MB onderbouwt zijn discours goed door het toe te passen op de financieel-economische crisis van 2008 en stelt controversieel dat de huidige wereld dus niet neoliberaal genoeg is. Immers, in ontwikkelingslanden heeft vrijhandel, deregulering en privatisering in het algemeen geleid tot een forse welvaartsstijging. “Het is bijvoorbeeld een gotspe dat de Europese Unie tot op de dag van vandaag jaarlijks miljarden aan landbouwsubsidies uitbesteedt aan haar eigen boeren; Afrikaanse boeren krijgen geen toegang en wij dumpen onze landbouwproducten daar ook nog eens op lokale markten.” Die Agrarfrage und Neoliberalismus! Lees hierover bijvoorbeeld ook het fascinerende De Graanrepubliek van Frank Westerman.
MB besluit dat de critici van neoliberalisme wel een punt kunnen hebben als je het vernauwt tot de ideeën van Friedman en Hayek zoals ze toegepast werden door Thatcher en Reagan: deregulering is mede verantwoordelijk voor de financiële puinhopen van 2008. Het is waarschijnlijk meer in die zin dat de eerder vernoemde Branko Milanovic (BM) recent stelde dat “de coronapandemie opnieuw de beperkingen van het neoliberale beleid van de afgelopen veertig jaar toont. Het is ietwat ironisch dat Duitsland wordt geroemd voor zijn uitstekende gezondheidszorg. Vorig jaar adviseerden de overheden er nog om een efficiëntieoefening te maken en het aantal bedden op intensieve zorg terug te schroeven. En dat is net het punt: we mogen onze gezondheidszorg niet louter funderen op doorgedreven efficiëntie, zoals privébedrijven dat doen. In normale tijden moet er inefficiënte overcapaciteit zijn die in crisistijd kan worden aangewend. […] Ik heb de indruk dat tijdens deze crisis steeds meer mensen beginnen te beseffen dat gezondheidszorg, onderwijs en infrastructuur niet op louter monetaire en financiële principes mogen worden geschoeid.” We kunnen ons ten tijde van de coronapandemie met ploeterende politici, een wanhopige zorgsector en bedelende ondernemers en multinationals dus niet alleen vragen stellen over de verhouding tussen overheid en privé en over de politieke cultuur, maar ook de kwestie van kwaliteitsvolle organisatiestructuren en dus over de toepassing van de neoliberale economische recepten over privatisering en misschien zelfs minder over dereguleringen zoals bij de financieel-economische crisis van 2008.
In welke richting moeten we kijken om de toekomst zo goed mogelijk vorm te geven? MB wijst dus onder andere op het belang van rechtvaardige belastingen. BM stelde dat een eenmalige belasting op grote vermogens die in de tijd kan worden gespreid (zoals na de Tweede Wereldoorlog in Duitsland) een zeer waardevol idee is. “Zolang zo’n vermogensbelasting proportioneel blijft. Het probleem is dat velen meteen in een kramp schieten als ze zulke voorstellen horen opduiken. Politici moeten zulke maatregelen daarom duidelijker verantwoorden als een soort sociaal contract waar ook de vermogenden uiteindelijk hun voordeel uit halen.” Ook maatregelen om bedrijven die hun geld in belastingparadijzen parkeren niet zomaar te ondersteunen noemt BM een uitstekend idee. MB houdt verder onder meer een pleidooi voor de CO2-taks (carbon tax). “Alle experts zijn het erover eens dat deze er moet komen.” Dit ligt blijkbaar politiek zo moeilijk dat men het via een achterpoortje en in beperkt opzet en pas over enkele jaren op minder democratische wijze moet implementeren via de grote coronaherstelplannen van de Europese Unie. Een CO2-taks is nochtans in lijn met economische theorie van de vrije markt: CO2 is een economische externaliteit. De verborgen milieukosten zijn niet in de prijs verrekend. Fijn(e) stof tot nadenken…
De synthese van de redeneringen en citaten van Walter Scheidel en Branko Milonovic zijn gebaseerd op interviews in Knack (voorjaar 2020).
Mooie inzichten in waarom we met z'n allen wel de goede kant op gaan naar een betere wereld, onderbouwd door geschiedenis, wetenschap, filosofie en heel veel meningen. Het geeft stof tot nadenken over de verschillende thema's waar ontwikkelde, maar ook ontwikkelende landen vandaag de dag mee kampen.
Ik geef het geen 5 sterren omdat de schrijver er af en toe meningen op na houdt waar ik het niet altijd mee eens ben, maar hij weet er hoe dan ook altijd een positieve draai aan te geven.
En of de wereld niet naar de knoppen gaat! Interessant boek, het neemt de voornaamste bezorgdheden van mensen op de korrel (klimaat, racisme, islamisering ...) en doet een verdienstelijke poging om je gerust te stellen. Must read voor pessimisten en optimisten!
Met dit werk probeert Maarten Boudry ons te overtuigen dat het allemaal niet zo slecht is als het lijkt; het gaat wel degelijk de goede kant op met ons. Ik vind dat hij daar bijna vlekkeloos in slaagt. Eén bedenking die ik toch wel wil benadrukken: rijker worden in monetaire termen is niet gelijk aan beter worden, erop vooruit gaan als maatschappij.
Maarten wordt dikwijls benoemd met de tegenwoordig uitgehoerde term ‘scepticus’. Scepticisme is kritiek gemarineerd in wantrouwen, pessimisme zeg maar. Een gedragslijn die je niet verwacht in een boek die optimisme zou moeten verkondigen. Bovendien niet altijd noodzakelijk en verre van waarde scheppend of discussie stimulerend. Zo is bijvoorbeeld het afschrijven en quasi-denigreren van paus Franciscus - omdat de man deel uitmaakt van een instelling die in het verleden meermaals hedendaagse waarden heeft geschonden - zeer onterecht. Wetende dat de huidige paus gefocust is op de essentie van zijn boodschap en verantwoordelijk is voor heel wat vernieuwingen in een ouderwets en log apparaat (even in het midden latend of de boodschap en apparaat al dan niet ‘goed’ is). Ook viel het wat uit de toon toen hij Boko Haram, een terroristische groepering die kinderen ontvoert, vergeleek met christen monniken uit de 18e eeuw (lees echter het boek om de context te snappen).
Daarnaast ergerde ik me aan de soms kortzichtige of beter gezegd ongenuanceerde besluiten die Maarten trekt uit bepaalde zaken. Zo gaat hij vluchtig over de slachtofferrol van inwoners van arme landen in tijden van globalisering. Ja, deze mensen worden er rijker op, maar niet bepaald ‘beter’. Hun natuurlijke bronnen worden op perverse wijze uitgeput door multinationals (met desastreuze gevolgen van dien) en ze worden als moderne slaven ingezet in onmenselijke werkschema’s en omstandigheden. Maar hey, ze worden ervoor betaald, ze hebben meer dan $2/dag verdiend, hebben de armoedegrens achter zich gelaten, de wereld gaat erop vooruit, iedereen blij. Nu, ik ben ervan overtuigd, of ik hoop althans, dat Maarten een meer geschakeerde opinie op globalisatie nahoudt dan dit. Maar ik mis enige vorm van empathie die ik van een scepticus (zo ook tegenover het kapitalisme) wel verwacht.
Aan de andere kant moet ik het hem nageven, dergelijk uitgebreid kennis op zo’n smakelijke en heldere taal kunnen neerpennen, is niet iedereen gegeven. Naast wat gefrons hier en der, heb ik ontzettend veel genoten van dit boek en ook behoorlijk wat bijgeleerd. Dergelijke boeken zouden verplichte lectuur moeten zijn voor ieder die z’n plaats in de wereld wenst op te eisen. Bravo!
Bijzonder knap boek, gebouwd op een feitenkennis om grote thema’s als immigratie, islamofobie, ecologie, racisme, neoliberalisme en ongelijkheid wetenschappelijk te kaderen. Met een scherpe pen waarbij de auteur niet aarzelt om zijn eigen opinie onderbouwd te poneren. De rode draad door het boek is bovendien een positieve, deze van een gefundeerde vooruitgangsdenker die gelooft dat de wereld niet naar de knoppen gaat!
Dit boek doet me onwillekeurig denken aan "De meeste mensen deugen", van Bregman. Niet alleen omdat dit boek rond dezelfde tijd uitkwam, maar vooral omdat beide auteurs vastbesloten waren om een positief geluid de wereld in te helpen, dat het aantoonbaar niet slechter met de wereld gaat dan menigeen aanneemt. Daarom ben ik dit gaan lezen, in de hoop op inzichten die ik nog niet had, en die kreeg ik.
Gelezen op aanraden van een zeer intelligent iemand. Hij was er lyrisch over. Ik vond het zeer vlot leesbaar. Boudry heeft mijn maatschappijpessimisme verzacht en met krachtige argumenten een aantal hardnekkige denkbeelden vernietigd, zoals ook zijn bedoeling was. Waarvoor dank. Echter, op een paar puntjes blijven wij van mening verschillen. Maar dat mag.
Dit boek zet een kleurrijke parade van intellectuelen, politici, schrijvers, academici, zelfverklaarde profeten en doemdenkers in hun hemd. En staaltje kritisch denken van de bovenste plank. Een dijk van een boek waar geen speld is tussen te krijgen. Helder en vlot geschreven. Ik heb compassie met Maarten's belagers. Puik!
Boudry presenteert in dit boek een positieve visie op de toekomst. Hij behandeld na elkaar de punten die bepalend geacht worden voor het al dan niet met vertrouwen de toekomst tegemoet te kunnen zien. Toch is er bij ieder van zijn beschouwingen wel een kleine op grotere MAAR ..te plaatsen. Racisme verdwijnt echter alle onderzoek laat zien dat er een onuitroeibare behoefte bestaat aan wij-zij wij waarmee we ons identificeren tegenover zij, de anderen die anders zijn en een bedreiging vormen voor onze manier van leven. Volgens Boudry worden we met z'n allen rijker en dan is het niet zo erg dat er een aantal superrijken in de wereld rondlopen. Dat met name in de westerse wereld ertoe leidt dat een aantal individuen zich compleet buiten de wetgeving kunnen plaatsen en daarmee de basis van de door hem zo geroemde ontwikkeling van de democratie bedreigen neemt hij daarbij voor lief. Zijn hoofdstuk vertrouwen in ontwikkeling kan ik grotendeels onderschrijven. We moeten ons niet te bescheiden opstellen in wat we als mensen vermogen. Wat daarbij echter van het grootste belang is, is de transparantie. "Een voorbeeld van slechte ontwikkeling is biomassa verbranding" voorgesteld als beter dan kolen maar veel slechter qua CO2 en andere uitstoot. Van non-transparant handelen geeft Boudry zelf ook een voorbeeld met de Kerncentrale op basis van thorium. Mijn grootste kritiek betreft het onderwerp neo-liberalisme. Boudry hanteert hier een eigen definitie en analyseert die vervolgens zonder in te gaan op de politieke realiteit. Het is onmiskenbaar dat er op dit moment een ongezond politieke invulling van liberalisme post heeft gevat in ieder geval in Nederland. De wijze waarop belangrijke primaire behoeften nu bedreigd worden door bijvoorbeeld woningmarkten vrij te geven voor beleggers die niets toevoegen maar het voor grote delen van de woningzoekenden onmogelijk maken nog een huis te kopen is daar een voorbeeld van. Datzelfde geld ook voor de toegankelijkheid van hoger onderwijs, de kwaliteit van het lerarencorps, enz. Zowat alle maatschappelijk noodzakelijke voorzieningen zoals de zorg worden uitgehold. Oplossingen worden gezocht in brain-drain in landen die het al moeilijk hadden om de touwtjes aan elkaar te knopen. Dit leidt tot steeds meer kansen ongelijkheid en daarmee tot spanningen in de maatschappij. Islamisering is slechts een probleem als het fundamentalisme betreft. In de wereld zullen er steeds weer individuen zijn die de zuivere leer voorstaan en bereid zijn daarvoor te sterven. Dat was in de eerste eeuw al zo en dat blijft zo. Waar Boudry zich echt te makkelijk van afmaakt is de bedreiging die voortvloeit uit het tempo van de opwarming en de zeer beperkte tijd die we hebben om daar iets aan te doen. Hier heeft hij ook geen concreet voorstel in de aanbieding. Kerncentrales met de thorium techniek staan er niet voor 2035. Andere oplossingen zijn er in onvoldoende mate. Dus wat te doen met de methaan bom die vrijkomt uit de permafrost? Ik volg hem in het feit dat somberen niet helpt maar een begin van serieuze actie zou nu toch zichtbaar moeten worden. Voorlopig staat Doel op de nominatie om afgeschakeld te worden en rekening houdend met zijn oproep "kolen voor de armen" moeten we echt rekening houden met temperaturen van boven de 40 graden Celcius, met de daarmee gepaard gaande ellende.
Fantastisch boek. Opbeurend, goed uitgewerkt en gedocumenteerd. Door de vele verwijzingen naar het werk van andere auteurs en denkers, leest het wat minder vlot en heb ik er langer over gedaan dan verwacht. Of misschien ligt dat laatste aan het feit dat ik er veel over heb nagedacht? Een deel van de zaken die hier in staan wist ik al, maar het was leerrijk om ze hier zo grondig uitgewerkt te lezen. Van andere onderwerpen is het goed dat je er af en toe aan herinnerd wordt. De media, traditionale nieuwsmedia en sociale media, geven je een vertekend beeld van de werkelijkheid, met de nadruk op ellende, geweld en sensatie. Ik weet dat, maar door die constante stroom aan dergelijke berichten, wordt je weerstand geleidelijk aan gesloopt. Daarom is het goed om er regelmatig aan herinnerd te worden dat de berichten in de media geen afspiegeling zijn van de wereld waarin we leven. Nog andere onderwerpen waren nieuw voor mij, zoals de oorsprong en oorspronkelijk betekenis van neoliberalisme.
Gaat de wereld naar de knoppen? Nee, maar wereld kan verschillende betekenissen hebben. Bedoel je daarmee de aarde? Die zal lang na het einde van de menselijke beschaving nog steeds haar rondjes draaien. Bedoel je daarmee het leven op aarde? Dat heeft ergere rampen weten te overleven. Bedoel je met de wereld de mensheid of menselijke beschaving? Zo ja, welk deel? Wanneer je hier in de media over de wereld leest en je vergelijkt dat met berichten in de Engelstalige Russische, Chinese en andere verweg media, dan betekent de wereld hier de EU of de NAVO-landen. Afrika, Latijns-Amerika, Azië, ... behoren niet tot onze wereld. Ik heb de laatste jaren hoopgevend nieuws gelezen over Rusland (never waste a good crisis, diversifiëring economie door de sancties, meer landbouwoppervlak door klimaatverandering, ...), China (hebben het westen voorbijgestoken op het vlak van AI, supercomputers, ggo's, ...), de aanpak van de pandemie door China, Japan, Zuid-Korea, ... Dat stemt me hoopvol voor de mensheid. Waar ik somber over blijf, is mijn leefwereld: Vlaanderen / België / Europa. Het sluiten van de kerncentrales om ze te vervangen door gascentrales, de achteruitgang van het onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, de anti-ggo hysterie, de anti-kernenergie hysterie, een land met zes regeringen en steeds langere wachtlijsten in de zorg, dat de EU nog steeds deel uit maakt van de oorlogszuchtige NAVO, de ellenlange procedures om iets gedaan te krijgen, de sluipende ondermijning van de mensenrechten, ... Ik kan zo nog even doorgaan. Over sommige van die zaken pieker ik al 20 jaar, vooral tijdens verkiezingsperiodes. Het enigste wat nodig is om me terug hoop te geven, is een daadkrachtige regering op Vlaams, Belgisch en/of Europees niveau die beslist om een nieuwe koers te varen wat betreft 1, maar liefst meerdere van eerdere aangehaalde problemen. Zelfs dan zal het niet op 1 regeerperiode opgelost zijn, maar Rome werd ook niet op 1 dag gebouwd.
Vanuit het idee van de verlichting en de maakbaarheid van onze samenleving benadert Boudry een aantal hedendaagse problemen zoals racisme, populisme, klimaatopwarming,.... Zijn boek moet beschouwd worden als een antwoord op het negativisme en populisme. De wereld staat niet aan de afgrond. Zelfs op de uitdagingen van de klimaatopwarming zal de mens een antwoord kunnen bieden. Niet door het fatalistisch gebazel van de klimaatactivisten maar door ons vernuft. Want de mens is het meest intellectuele wezen in het ruime heelal! Kortom, we staan allesbehalve aan de afgrond. Integendeel, we zijn er de laatste 200 jaar in geslaagd om een enorme vooruitgang te boeken en heel wat menselijke ellende achter ons te laten. Wat nog niet gelukt is (zoals armoede) zal ons binnenkort lukken.
Hij benadert de wereldproblematiek vanuit een eerder liberale visie. Je moet hem wel meegeven dat de mensheid er inderdaad met rasse schreden is op vooruitgegaan. Dit heeft tot nieuwe problemen geleid waarop we niet meteen een antwoord hebben maar ons menselijk vernuft heeft reeds bewezen problemen te kunnen oplossen. Met pessimisme bereik je niets.
Vooral de klimaat pessimisten moeten het - al dan niet ten onrechte - ontgelden. Of zoals de filosoof Pascal Bruckner schreef: De enorme omvang van de diagnose, de absurde ontoereikendheid van de remedies. Daarom doelt hij op de enorme kloof tussen de ernst van de doembeelden waarin klimaatactivisten grossieren en de frivoliteit van de inspanningen waartoe ze ons aansporen. Daarom pleit Boudry voor ecomodernisme waarin ook een plaats is voor kernenergie en koolstofboerderijen.
Zijn betoog is vlot geschreven en je verveelt je geen seconde. Alleen blijf ik wel een stuk op mijn honger zitten. Zijn soms overdreven optimisme lijkt sommige fundamentele problemen een beetje onder de mat te vegen. Ongelijkheid neemt inderdaad af maar daar hebben de 800 miljoen mensen die nog steeds in extreme armoede leven geen boodschap aan.
Anderzijds durft hij wel enige deuren van heilige huisjes in te trappen en in te gaan tegen de bon ton die er heerst rond racisme, klimaatopwarming, islamfundamentalisme,.... Kritische ingesteldheid moet kunnen! Want zoals hij zelf stelt op pagina 36: "Paniek is een vorm van hoogmoed die voortvloeit uit het zelfvoldane gevoel dat ik precies weet waar het met de wereld naar toegaat."
Confronterend, bij wijlen, toch voor mij. Herkenbaar. Heldere analyses, de Verlichtingsfilosofie in praktijk. Af en toe vind ik Maarten Boudry cynisch, vooral als hij het heeft over activisten die zogezegd niet willen inzien dat 'hun zaak' toch wel vooruit gaat omdat dan hun leven geen zin niet meer zou hebben. Dat doet volgens mij afbreuk aan hun inzet. Ook rond het thema racisme heb ik het moeilijk. Beweren dat racisme uit de wereld is omdat er een zwarte president was en omdat meer mensen aangaven dat ze een gekleurde buur wel zagen zitten (sociaal wenselijk?). Dat vind ik kort door de bocht. Wel geeft hij dan aan dat er nog zoiets bestaat als discriminatie, gelukkig, ik dacht al dat ik in een andere wereld leefde. Andere thema's vind ik evenwichtiger en zeker rond het klimaat slaat hij spijkers met koppen. Al bij al: een aanrader, goed geschreven, in een zeer toegankelijke taal.
Een verademend boek in deze tijden waar opinies vaak gevoed worden door emoties of zelfs hysterie. Boudry slaagt erin om over verschillende actuele thema's waarin doemdenken grossiert niet alleen de traditionele links-rechts dualiteit te doorprikken maar zelfs te ontmaskeren. Ook al is men het als lezer niet voortdurend met hem eens (zijn optimisme over het heden is vaak gebaseerd op een overdreven pessimisme over alles vóór 1800, demografische statistieken zijn geen garantie voor toekomstige ontwikkelingen, slavernij is niet per definitie raciaal gemotiveerd,...) is het hoe dan ook een meerwaarde om dit boek door te nemen en te ontsnappen aan de negatieve futiliteiten van de media en de zaken breder te bekijken dan vandaag. Wie wilt weten hoe goed het gaat met de wereld in de afgelopen decennia/eeuw leest dit boek - of contacteert wetenschappers in kwestie - wie wilt weten welke rampen er toevallig vandaag gebeurd zijn volgt de media.
Maarten Boudry geeft in "Waarom de wereld niet naar de knoppen gaat" duidelijke argumenten tegen vooruitgangspessimisme en populisme, en vóór een toekomstbeeld gebaseerd op wetenschap en feiten.
Al slaagt hij daar niet overal even goed in. Over ongelijkheid gaat hij nogal kort door de bocht door ongelijkheid gelijk te stellen aan welvaart, zonder daarbij het onderscheid te maken met extreme ongelijkheid. In het hoofdstuk over het neoliberalisme besteed hij meer tijd met het wijzen op de foute definitie van het woord, dan met het weerleggen van de argumenten ertegen.
De hoofdstukken over de islamisering en het klimaat zijn daarentegen echte aanraders. Hij zet beide kanten van het debat tegenover elkaar en maakt een scherpe analyse. Hij toont duidelijk aan dat ook de islam niet bestand is tegen modernisering, zonder linkse standpunten te verheerlijken. Rond klimaat ontmaskert hij groene partijen die een veto stellen tegen elke technologische vooruitgang die oplossingen kan bieden, zonder de ernst van de situatie te minimaliseren. Ik kan enkel hopen dat onze beleidsmakers dit ook lezen.
onder het motto: lees eens een boek van iemand dat je niet kan uitstaan. degelijk geschreven, leest relatief vlot. 3 sterren omwille van schitterende leeslijst achterin het boek (waardoor ik "de meeste mensen deugen" van Bregman ben gaan lezen en nog "Vooruitgang : tien redenen om naar de toekomst uit te kijken" van Norberg wil gaan lezen. Boek heeft met veel doen nadenken. nice. Maar sommige redeneringen zitten zo krom als iets. Ik vrees dat Boudry te weinig kaas heeft gegeten van Macro economie. De oversymplificaties en de kort door te bocht redeneringen werken als een rode lap op een stier, bij mij thans. Ook het gebrek aan kennis en voeling met de delicate balans complexe ecosystem en het ook flagrant negeren van bepaalde feiten zijn mij een doorn in het oog.
Maarten Boudry beschrijft in zijn boek op verschillende thema's het vooruitgangsoptimisme en ecomodernisme. Hierin schuwt hij de stellige uitspraken niet, niet altijd met even sterke onderbouwingen. De opwarming van de aarde zal tegengegaan worden door kalmte en de wetenschap (en met een sterke economische groei), al worden oplossingen naar voren geschoven die jammer genoeg vandaag nog geen realiteit zijn. Een ongebreidelde groei zonder grenzen, en een te hard geloof op vooruitgang, zal de noodzakelijke transities (op vlak van mobiliteit, energie, ...) jammer genoeg (in mijn bescheiden mening) niet verwezenlijken.
Een gezonde dosis tegengewicht aan al het doemdenken in onze hedendaagse maatschappij. Alhoewel ik de onderwerpen niet licht vond heb ik het toch vlot kunnen lezen. Maarten neemt je met een vlotte schrijfstijl makkelijk mee in zijn filosofie en doet dit zonder afbreuk te doen aan andere inzichten. Hij beweert zijn standpunten te kunnen staven met wetenschappelijk onderzoek, al heb ik zijn bronnen niet allemaal gecheckt, ik neem het graag van hem aan. Wil je dus graag bevestiging op het idee dat de wereld helemaal nog zo slecht niet draait, dan vind je dat hier zeker.
Ik zag de auteur nu en dan eens opdraven in een praatprogramma, waar hij nauwelijks aan het woord gelaten werd. Toen ik, in een gesprek over koetjes en kalfjes met de buurvrouwen, hoorde dat hij uit onze buurt kwam, was mijn interesse gewekt in deze man. Zeker toen ze meewarig hun hoofd schudden over zijn afglijden naar rechts volgens de ene, naar links volgens de andere. Niemand kon het duidelijk omschrijven. Ik ben fan: duidelijke taal, vernieuwende inzichten. Door zo'n mensen gaat de wereld inderdaad niet naar de knoppen.
Ik vond het een bijzonder interessant boek, en bijzonder hoopvol ook. Hoopvol op basis van feiten en niet gevoelens. Realistisch want het zal er niet zo maar komen, we moeten gebruik maken van het collectieve menselijke vernuft. Zoals effectief altruïsme, je geld geven aan effectieve goede doelen, daar waar het meest toegevoegde waarde gecreëerd wordt. Een boek waarbij je verder moet nadenken en bepaalde zaken in vraag moet stellen. En in deze tijden zijn een paar positieve geluiden deugddoend, want al te veel onheilspreken maakt een mens fatalistisch en daarmee los je ook niets op
Aanrader! Mooie realitycheck bij de grootste politieke thema's. Blij dat het thema Klimaatverandering nog is toegevoegd. al vond ik een aantal situaties wel zeer gesimplificeerd en geloof ik niet in de toepasbaarheid van alle gegeven oplossingen. De zeven hoofdstukken zijn allemaal helder en treffend geschreven en breed onderbouwd. Dit boek wordt mijn naslagwerk.
Heel interessant, veel geleerd. Met name de hoofdstukken over neoliberalisme en klimaat vond ik erg goed. Maar het is jammer dat Maarten Boudry soms zijn neutraliteit verliest en overgaat in een ideologisch betoog. Het komt daardoor wat belerend en arrogant over. Onnodig, want hoe hij de feiten uiteenzet is al overtuigend genoeg! Daarom een ster eraf.
Erg genoten van dit boek. Boudry geeft in zijn boek zowel linkse als rechtse doemdenkers een flinke veeg uit de pan door met cijfers aan te tonen dat ze fout zitten. Van elk hoofdstuk heb ik dingen geleerd die ik niet wist en dat alles op een fijne manier beschreven. Ik heb recentelijk ook het veel geprezen boek van Rutger Bregman gelezen maar dan vind ik dit toch een stuk beter boek.