Dit is het geruchtmakendste boek - op het Boekenweekgeschenk na misschien - van de Boekenweek De Moeder De Vrouw' - en dat is niet omdat dit boek vooral over een man (Pietje) gaat, over de Kistman om precies te zijn. Maar Moeders lichaam is gelukkig geen sensatiebeluste misdaadroman over de verstrekkende, lugubere liefde tussen moeder en zoon. Het is een geschiedschrijving van een vereenzaamde, anarchistische familie en (of in) een afgebakende, Nederlandse dorpsgemeenschap. Als een journalistieke rechercheur annex warme socioloog graaft Van Casteren hier letterlijk en figuurlijk in het unieke en opzienbarende leven van een enerzijds aartsluie en anderzijds gedreven Einzelganger tegen wil en dank. De moed om dat te doen, en de finesse om het met gevoel, oog voor detail (van een conifeer tot Piets wagenpark tot moeders zuurkool), respect en humor op te tekenen zijn karakteristiek voor Van Casteren. Zo scherp als zijn waarnemingsvermogen is, zo ingetogen is Van Casteren weergave meestentijds: wat onderkoeld, zakelijk - de werkelijkheid verwondert en ontregelt van zichzelf. Er valt wat af te dingen op de uitvoerigheid - Van Casteren pluist de stamboom van vrienden en en buren en kennissen en familieleden van de hoofdpersonen heel strikt uit, en hij gaat zich te buiten aan een beschrijving van de seksuele voorlichting ter plaatse - maar ergens voegt ook die informatie iets toe aan dit uitgekiend gecomponeerde boek dat alles in zich heeft (ook) een klassieker in het genre van de reportage te worden.