Kader Abdolah is the penname of Hossein Sadjadi Ghaemmaghami Farahani, an Iranian writer who also writes in Dutch. Abdolah has lived in the Netherlands since 1988.
He studied physics at the Arak College of Science and fled the country as a political refugee in 1988. Today he lives in Delft (The Netherlands), writing under a pseudonym made up of the names of two murdered friends. Het huis van de moskee (The House of the Mosque), catapulted Abdolah into the Dutch bestseller lists.
Dit is Kader Abdolah’s eerste bundel columns, gepubliceerd in de Volkskrant in 1996-1997. Gevlucht uit Iran en relatief ‘vers’ in Nederland, geeft de auteur zijn visie, nu eens met grote verwondering, dan weer indringend pleitend of simpelweg ontroerend op een verscheidenheid van fenomenen en gebeurtenissen. Het betreft ook wel eens herinneringen uit zijn land van herkomst. Aansprekend. JM
Citaat : Het gedicht vormt een stevige afgesloten kist waarin een raadsel zit, waarop je kunt gaan staan en zwaaien naar een dichter die viel. Review : De titel Mirza is ontleend aan de Perzische taal waarin dit woord staat voor een man die de pen hanteert. Deze naam werd door vele oude Perzische schrijvers als titel en erenaam gedragen. Nu is het columnschrijven een moeilijk genre want je moet met weinig woorden heel veel kunnen zeggen. Ook moet je over een vlotte taalbeheersing en een verbeeldingskracht beschikken die ervoor zorgen dat de pointe aanslaat. Een misplaatste zin, een ongelukkig woord en je column gaat de mist in.
Persoonlijk had ik nooit verwacht dat Kader Abdolah reeds na amper acht jaar, al zijn talenten ten spijt, de technische vaardigheid zou hebben om goede columns te schrijven. Na enkele van de kronieken van onze 'mirza' gelezen te hebben, verdween mijn scepticisme als sneeuw voor de zon. Kader Abdolah gebruikt elke vezel van zijn anatomie om van iedere column op zich een waardevol document te maken. Hij weet zijn thema's ook zeer beredeneerd te kiezen. Wat ik ook erg knap vind is dat hij het imago dat hij zichzelf vanaf zijn eerste verhalen heeft aangemeten -namelijk dat van de banneling die vol verwondering, bewondering maar ook heimwee in Nederland rondkijkt- in zijn columns nog intenser bijna tragi-komisch uitbouwt.
Wanneer de columnist van een krant de Media-prijs krijgt, geniet de krant toch ook mee van de eer en de publiciteit. Voor Kader Abdolah is deze erkenning wel uiterst belangrijk. Door zijn columns krijgt hij de kans om aan te tonen hoe mooi het kan zijn als twee culturen zich met mekaar vermengen en tevens kan hij zich profileren als schrijver met een eigenzinnige kijk op de samenleving!
In 'Mirza' is een aantal columns verzameld die Kader Abdolah in de jaren '90 schreef voor de Volkskrant. Die columns gaan nauwelijks over de politieke actualiteit, maar vooral over de kleine menselijke gebeurtenissen die de schrijver in zijn nieuwe Nederlandse bestaan tegenkomt. Menselijke sores en plezier die soms verrassend veel lijken op die uit zijn vaderland Perzië, maar soms ook verrassing of vervreemding oproepen die geboren Nederlanders ontgaat of als heel gewoon wordt beschouwd. Zo geven de columns een heel nieuwe kijk op het dagelijks leven, haast bezien door een nieuwsgierig kind dat continu nieuwe ontdekkingen doet. En zo ook laat zien wat een vlucht naar een ander land voor iemand betekent.
Eigenzinnig en melancholisch. Bewonderenswaardig dat Kader Abdolah Nederlands leert via moeilijke dichters als Bloem en van Eeden. Je krijgt een goede indruk van de problemen van een Iraniër in Holland. De droefheid spat er vaak vanaf. Soms begrijp ik hem niet. De column De kaart van Holland vond ik een dieptepunt. De Perzische literatuur is kennelijk veel zinnelijker en poëtischer dan de Nederlandse.