Hans den Hartog Jager geldt als een van de toonaangevende recensenten op het gebied van beeldende kunst. Haai op sterk water is de neerslag van vijftien jaar schrijven en denken over schilderen, beeldhouwen en het maken van installaties. De woelige ontwikkelingen in Londen in de jaren negentig volgde hij vanaf het begin van zijn carrière als kunstcriticus op de voet en geven reliëf aan zijn prikkelende opvattingen over beeldende kunst. In Haai op sterk water geeft Den Hartog Jager een uitgebreid inzicht in de ontwikkelingen in de kunst en behandelt hij belangrijke kunstenaars als Gerhard Richter, Caravaggio, Lucian Freud, Andy Warhol, Damien Hirst, Hans Holbein, Luc Tuymans, Rineke Dijkstra en Job Koelewijn. De essays van Hans den Hartog Jager getuigen telkens opnieuw van een wijde blik op de wereld en de kunst, waardoor Haai op sterk water zich laat lezen als een moderne kunstgeschiedenis.
Een goed boek met kleine essays. Ik las het om meer te weten te komen over conceptuele kunst. Dat heb ik niet zozeer gekregen, misschien in de inleiding, maar ik kreeg veel meer in de plaats. Een interessante inkijk in het werk van Damien Hirst, korte essays over verschillende kunstenaars afgewisseld met interviews/gesprekken. De essays gingen over zowel het slagen en de valkuilen van het werk van de kunstenaar en zijn praktijk. Waar de essays soms lijken te vervallen in een negatieve klaagzang aan de kunstenaar, weet hij zich op het einde (aangenaam verrassend) te herpakken. Aanrader, al is het maar om een specifiek essay te lezen.