'Na een paar jaar werkte ons gezin vloeiend en in stilte, als een machine die steeds maar doorging – een perpetuum mobile. We fladderden en draaiden om elkaar heen, schepten patat in witte plastic bakjes, zwaaiden met de geel-witte papieren inpakzakken, gooiden met builtjes sambal en potten zelfgemaakte satésaus, werkten bestelling na bestelling af.
‘Mooi,’ zei een klant eens. Ze had ons een paar minuten staan observeren nadat ze een grote bestelling had geplaatst. ‘Mooi dat jullie zo goed in stilte kunnen samenwerken.’
Niemand van ons reageerde, maar ik voelde iets van trots: wij moesten wel een goede familie zijn. Mijn vader noemde hardop en in gebrekkig Nederlands alle bestelde snacks op voordat hij die aan de desbetreffende klant overhandigde. Op zomerdagen zetten we de deuren open en ging de softijsmachine aan. Als je niet beter wist, zoals de klant die ons observeerde, dan leek het een fijne tijd, maar het was gewoon: een tijd.' <3 <3 <3