Een vergeten boekje van Jacob Israël de Haan dat pas in 1984 werd gepubliceerd met een nawoord van Rob Delvigne en Leo Ross. Een Zaandams molenaarsgezin verarmt, de ouders overlijden en de kinderen vliegen uit. Kees vetrekt naar Canada, Johanna trouwt een luie kerel en baart een ziekelijke zoon, Liesbeth wordt prostituee in Parijs en Anna lijdt een arbeidzaam en spaarzaam vrijgezel bestaan als verpleegster in Amsterdam. Ze werkt hard om haar zus Johanna en haar neefje (in een sanatorium) te ondersteunen. Na vele jaren is de schoonheid van Liesebeth verwelkt, staat ze ineens in de kamer van Anna en en heeft grote, dwingende verwachtingen van haar zus.
In Ondergangen beschrijft taalkunstenaar De Haan menselijk verval in zeer bijzondere, maar toch leesbare bewoordingen. Het geeft een mooie illustratie van het in Nederland spaarzame literair decadentisme