In westerse samenlevingen heerst een overvloed aan voedsel, drank, consumptieartikelen, belevenissen en keuzemogelijkheden. Paradoxaal genoeg vraagt dat meer dan ooit om discipline. En juist daarvoor zijn we huiverig. We willen vrij en ongehoorzaam kunnen zijn. In Discipline beschrijft filosoof Marli Huijer de gevolgen van de in de jaren zestig ingezette de-disciplinering. Wij moeten opnieuw nadenken over die verfoeide discipline. Een zoektocht naar een keurslijf dat onze vrijheid juist vergroot.
Over de auteur(s): Marli Huijer is bijzonder hoogleraar filosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en lector aan de Haagse Hogeschool. In 2011 publiceerde zij Ritme.
Dit boek heeft me een breder begrip van discipline (in relatie tot vrijheid) gegeven. Discipline is niet louter iets negatiefs (onvrijheid, slaafs bevelen opvolgen) maar ook iets om meer te waarderen: discipline kan je helpen niet ten onder te gaan in overvloed, helpt om de mooie dingen des levens dichterbij te brengen (sport, hobby's etc.) en is nodig om relaties op te bouwen en te onderhouden. Prettig boek.
Toegankelijk en breed filosofie boek. Hoe meer opties ter beschikking zijn, hoe noodzakelijker een zekere mate van zelfdiscipline. Aangeleerd in de opvoeding of gevormd/vereist in intermenselijke relaties.
De gemiddelde schermtijd onder jongeren is gestegen naar 5 uur per dag, met een hoofdrol voor de sociale media, met name Snapchat en Tiktok. Een waanzinnige verspilling van tijd in de meest productieve jaren van je leven, die gebruikt had kunnen worden voor studeren, muziek maken of sport. Wie kan straks nog een stukje tekst lezen? Is dit een gebrek aan opvoeding?
Marli Huijer, hoogleraar filosofie aan de Erasmus Universiteit, schreef dit boekje in 2013 en toen was de schermtijd misschien nog niet zo aan de orde, maar ze noemt wel de toenemende verhuftering, de kooprages (vandaar de schoentjes op het kaft), en het gebrek aan burgerzin, kortom het gebrek aan maat in het omgaan met vrijheid en overvloed.
De oorzaken van dit gebrek aan discipline liggen voor een deel in de decennia achter ons, de ‘bevrijding’ van de jaren zestig en zeventig, en het ‘individualisme’ van het neoliberalisme van de jaren tachtig en negentig. Helaas dient er zich nog geen nieuw kader aan waarbinnen we beter maathouden. Het boekje is vlot geschreven en raakt aan veel aspecten van ‘hoe te leven’?
Met de bevrijding van de jaren zestig ging ook de discipline verloren die ooit meekwam met de traditionele institutionele verbanden en met de autoritaire opvoeding. Die discipline moet nu zelf worden opgebracht, wat lastig is, zeker als je ouders zelf niet het goede voorbeeld geven.
Terwijl veel enthousiaste “zestigers” zoals Hans Achterhuis, de ontaarding van de idealen van bevrijding vooral wijten aan het neoliberalisme, zien de conservatieve denkers, zoals de Britten Theodore Dalrymple en Roger Scruton, en in Nederland Frits Bolkestein en Ad Verbrugge, het cultuurverval meer als een pervertering van de idealen van de jaren zestig. De positie van de autoriteiten werd ondergraven, de leraar bepaalde niet meer de lesstof, maar ging de leerlingen begeleiden in hun meer praktisch-gerichte ontwikkeling van vaardigheden, de volkse cultuur kreeg meer aandacht op tv, de populaire muziek verdrong de klassieke muziek, en de tattoo's en piercings werden ook en vogue in de hogere culturele kringen.
Toch gelooft Marli Huijer niet dat een terugkeer naar de tucht van de jaren vijftig heilzaam zal uitpakken, en een terugkeer naar de kadaver-discipline van de 19e eeuw al helemaal niet. Dat zal alleen maar bange leerlingen maken en geen zelfbewuste burgers die zelfstandig hebben leren denken.
Blijft het probleem dat de institutionele discipline aangereikt door de werkgever, de school of een andere autoriteit, is verdwenen. Naarmate we zelf de regie over onze tijd in handen krijgen, zijn we meer aangewezen op persoonlijke discipline. Niemand zet de smartphone voor ons uit, geen werkgever dwingt ons te stoppen met werken, en niemand houdt ons tegen als we aan de overvloed van tijd en welvaart ten ondergaan.
Discipline dient drie functies: (1) het bevordert onze gezondheid door minder te eten en meer te bewegen, (2) het brengt zaken dichterbij die we graag willen zoals kunst, muziek en het behalen van goede schoolresultaten, en ten slotte (3) het helpt ons om relaties te onderhouden met familie, partners, vrienden, en collega’s op het werk. De noodzaak om onszelf te disciplineren, in de betekenis van grenzen stellen, neemt toe met het aantal mensen en dingen waar we mee te maken krijgen. De hedendaagse burger die via radio, televisie en digitale netwerken overal en altijd is verbonden met een groot aantal anderen elders in de wereld en met meer ontspanning dan vroeger, heeft meer zelfdiscipline nodig dan zijn voorouders die in de jaren vijftig in een klein dorp woonden. We leren dus dat genieten van onze vrijheid alleen mogelijk is door onszelf beperkingen op te leggen.
Hoe slagen mensen erin om te overleven in een omgeving waarin tijd, welvaart, voedsel, alcohol en drugs overvloedig aanwezig zijn, terwijl vrijwel alle traditionele disciplinerende structuren en gewoontes zijn weggevallen? Volgens Marli Huijer zijn er drie remedies om de discipline terug te krijgen: (1) Het cultiveren van de deugden van Aristoteles: zelfbeheersing, maatgevoel en rechtvaardigheid ten opzichte van de naaste. Het helpt om activiteiten regelmatig te oefenen, zoals sporten of een muziekinstrument bespelen. Een zelf opgelegd tijdschema kan uitgroeien tot een goede gewoonte en daarmee tot een ritme waar je je wel bij voelt en niet meer buiten kunt. Door veel te oefenen word je ergens beter in en ga je het meer waarderen. Het is dé methode om jezelf en je gedragspatronen te veranderen. (2) De invloed van sociale relaties, zoals van je ouders tijdens de opvoeding. Vervolgens op school als je geleerd wordt om je huiswerk te maken en je voor te bereiden op examens. Later kan het aangaan van aanvullende sociale netwerken ons beschermen tegen de risico’s van overvloed en grenzeloosheid. Lid zijn van een vereniging of het doen van vrijwilligerswerk brengt orde in onze vrije tijd, die voorkómt dat we doorwerken of nutteloos voor de tv blijven hangen. Anderen rekenen op je, dus kom je. (3) Het uitbesteden van discipline aan de techniek. De omgeving kan uitgerust worden met ‘scripts’ zoals de dranger op de deur, verkeersdrempels op de weg, flitspalen om je snelheid te matigen, gezond voedsel prominenter in de vakken van de supermarkt, en apps op je mobiel om je te adviseren rust te nemen of de toegang tot sociale media voor een paar uur te blokkeren.
In zijn boek Op zoek naar geluk (2015), komt Ab Dijksterhuis, hoogleraar psychologie aan de Radboud Universiteit, in een poging om westerse wetenschappelijke inzichten te combineren met oosterse wijsheden en welzijnstechnieken, tot een iets andere prioritering: (1) Kies voor beleving, zoals sociale activiteiten, uitgaan met vrienden, reizen, stadionbezoek, festivals, concerten, boven materiële zaken. (2) Probeer anderen gelukkig te maken door zorg voor anderen, vrijwilligerswerk, complimenten geven. (3) Verruil passieve en achteloze vrijetijdsbesteding voor actieve en serieuze tijdbesteding, doe maar één ding tegelijk. (4) Ga niet stilzitten om via introspectie ‘het ware zelf’ te zoeken, maar streef ernaar om meer ‘mindful’ te zijn. Richt je bewustzijn op het hier en nu, en probeer beschouwend, met gepaste afstand, naar je eigen bewustzijn te kijken. Bedenk wat goed gaat en fout.
Dijksterhuis stelt nadrukkelijk dat hij zich beroept op wetenschappelijke resultaten van onderzoek naar geluk. Maar na lezing van Marli Huijer dringt zich toch de vraag op of dit geluk zich niet erg richt op de korte termijn, op het hier en nu. De gevolgen voor de lange termijn van een te veel aan “beleving” (de vrolijkheid van de bierreclames, en het gratuite advies “drink met mate”) worden denk ik niet meegenomen. Het adagium van Marli Huijer, ‘discipline en ritme’, komt pas aan de orde onder (3) actieve en serieuze tijdsbesteding. Kans dat het te veel aan ‘beleving’ zich dan al niet meer laat corrigeren.
2,5 van 5 sterren. In welke wereld leeft mw. Huijer? Haar kennelijke angst om morgen wakker te worden in de 'lagere klasse', zonder enige discipline, volledig overgeleverd aan vetzucht, wekt behalve een satanisch genoegen veel weerstand bij me op, onder meer vanwege haar vele vreemde aannames en niet door haar gecheckte feiten. Haar pleidooi voor meer discipline in de wereld overtuigt niet. Het is voor sukkels en angsthazen. Nee, liever lees ik Roiphes 'Lof van een rommelig leven'. Veel verfrissender! Het stuk over onze omgang met tijd is evenwel interessant.
Interessant boek. Het geeft je stof tot nadenken als je in het onderwijs werkt, want: welke rol spelen discipline en vrijheid in onze samenleving en wat krijgen leerlingen hierover aangeleerd?