What do you think?
Rate this book


224 pages, Paperback
First published February 22, 2011
'Het niets is een troostrijk idee. Ik stel het me voor als de ruimte, een plek waar je eeuwig kunt zweven, zonder zwaartekracht en zonder tijd. Het is er heel rustig. Het is jammer dat ik er niets van zal merken.'
'Ik was blij dat het herfst was, ik hield niet van de zomer. In de zomer is het te licht en te warm, is er te veel vlees en zijn er te veel ogen. De herfst is een holle boom waar je in kunt schuilen.'
'Na verloop van tijd zou het zijn alsof er niets gebeurd was.
Zo ging het altijd.
Zelfs het gat in de mensen zou na verloop van tijd gewoon worden - het werd misschien niet opgevuld maar de mensen zouden eraan gewend raken, en ik weet niet wat ik erger vond, het feit dat het niet opgevuld werd of het feit dat mensen overal gewend aan raken. Ik weet niet waarom ik het erg vond dat mensen overal aan gewend raken, waarom dat niet juist goed is, een overlevingsstrategie, een teken van kracht en flexibiliteit.'
'Ondertussen glimlachen ze vriendelijk tegen elkaar, of ze kijken serieus, als ze denken dat serieus kijken meer van toepassing is. Mensen zijn treurige dieren, ze kunnen veel zien maar hun hoofd is te klein om precies te begrijpen wat ze zien, en ze denken met de ogen van de ander in hun rug.'
'Mijn moeder stond bij de piano. Ze stond soms zomaar ergens stil. Ze was niet overmand door verdriet, het drukte haar niet tegen de grond, maar het kwam door haar huid naar buiten, het hing om haar heen, als een geur of een jas. In een ander land zou ze haar haren uit haar hoofd trekken, met haar handen op haar borst slaan en huilen als een wolf naar de maan. In dit land slikte ze pillen, overdag om rustig te blijven en 's nachts om te slapen, waardoor alles langzamer bewoog. Ik hield veel van haar deze week, maar het hielp niet.'