Een pleidooi voor het aanhalen van onze banden met de natuur, met ons voedsel en met degenen die dat voedsel produceren: de boeren. Als kind had Lidewey van Noord een hechte band met de natuur. Ze wilde boerin worden, had een eigen moestuin, kende de namen van vele planten en vogels en vond kikkerdril even fascinerend als koeien. Maar die band raakte ze ergens in haar tienerjaren kwijt. Het verlangen om boerin te worden stak rond haar dertigste weer de kop op. Ze verhuisde naar het platteland, werkte maandenlang op boerderijen en leerde over zaaien en oogsten, fokken en doden. Het schokte haar te beseffen hoe ver wij verwijderd zijn geraakt van onze voedselbronnen en hoe verstrekkend de gevolgen daarvan zijn, niet alleen voor onze gezondheid, maar ook voor die van de natuur. In Terug naar de natuur onderzoekt Van Noord de wisselwerking tussen mens en natuur aan de hand van uiteenlopende bronnen, persoonlijke ervaringen en interviews met boeren in binnen- en buitenland.
Lidewey van Noord (1985) studeerde Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam. In 2016 verscheen haar debuut Pellegrina, dat ze maakte met grafisch ontwerper Robert Jan van Noort. Het stond op de shortlist voor de Nico Scheepmaker Beker, de vakprijs voor het Sportboek van het Jaar, won de Zinnen Roës Award en werd vertaald naar het Duits. In 2024 verscheen haar memoir Vluchtheuvel.
Van Noord debuteerde als fictieschrijver met De Spaanse renner (2022). De novelle leverde haar opnieuw een nominatie op voor de Nico Scheepmaker Beker. In januari 2026 verschijnt haar debuutroman De as komt eerst.
Terug naar de natuur. Een pleidooi voor het herstellen van de banden met ons eten. Door Lidewey Van Noord.
Als kind had Lidewey een hechte band met de natuur, net als ik. In haar tienerjaren verwaterde dat maar toen ze dertig werd stak haar verlangen naar boerin worden weer de kop op. Daarom trok ze de wereld in om op verschillende boerderijen te gaan werken en wonen als WWOOF’er (een soort van vrijwilliger). Ze leerde hoe het er op uiteenlopende boerderijen aan toe ging en ze leerde vooral de boeren zelf kennen. Diens verhalen en de nieuwsberichten over de rol van de boeren in de klimaatcrisis liggen aan de bron van dit boek.
Waar ik (als vegetariër) een pleidooi voor het minder of niet meer eten van vlees had verwacht leest dit boek ongeveer als het tegenovergestelde. Maar op een goede manier (als dat al kan). Van Noord pleit er voor dat we terug een band krijgen met de natuur en zo ook met de plaats waar ons eten vandaan komt. We moeten weer beseffen dat voor elke hamburger die we naar binnen schrokken er een dier is gestorven. (Zelf het dier doden dat je gaat opeten is daar een goede manier voor.) Dan gaan we misschien ook bewuster eten en minder verspillen. Want daar zit een groot probleem: de gigantische hoeveelheid eten die wel elk jaar verspillen.
Ze toont ook aan hoe het probleem van de boeren eigenlijk een probleem is dat werd en wordt gecreëerd door de politiek. En dat wij als milieubewuste burger in feite hypocriete consumenten zijn. Door persoonlijke verhalen te vertellen van boeren die ze heeft ontmoet en door alle (actuele) informatie die ze heeft verzameld via kanalen gaande van krantenartikelen, over boeken tot Instagramaccounts bruist dit boek van weetjes, informatie en ideeën die je hoofd doen tollen, je hard doen nadenken over je eigen aandeel in de crisis en je ferm aan het denken zetten. Terug naar de natuur is een boek dat je blik verruimt en je kijk op de (voedings)-wereld immens verandert.
Een boek dat er toe doet, zeker vandaag de dag. Een boek vol liefde voor de natuur, mens, dier én boer. (En hoe dat allemaal harmonieus kan samengaan lees je dus in dit boeiende boek.) Must read.
Leest lekker weg, maar het springt een beetje van de hak op de tak. Wil dit boek nu een grondig onderbouwd informatief boek zijn, of meer een persoonlijke ervaring? Nu is het van allebei net niks en blijft het een beetje hangen op het niveau van een TED talk.