Jump to ratings and reviews
Rate this book

Wee de overwonnenen: Germanen, Kelten en Romeinen in de Lage Landen

Rate this book
In Wee de overwonnenen vertelt de talentvolle archeoloog Alexander van de Bunt het verhaal van de vroege bewoners van onze streken. Wij kennen deze volkeren vooral door de ogen van de Romeinen, met name via Julius Caesar en Tacitus. Maar wie waren de bewoners van de Lage Landen? Wat waren hun gebruiken? Welke taal spraken ze? Welke goden vereerden ze? En vooral: waar kwamen ze precies vandaan? Op levensechte wijze beschrijft Alexander van de Bunt vele cruciale gebeurtenissen, zoals de Slag bij het Teutoburgerwoud en de Bataafse Opstand. Hij schrijft over de relatie tussen Germanen, Kelten en Romeinen en laat zien dat globalisering en migratie van alle tijden zijn. Wee de overwonnenen is een diepgravend boek voor iedereen die meer wil weten over de Bataven, de Friezen, de Cananefaten en andere stammen in het huidige Nederland en België rond het begin van de jaartelling.

304 pages, Kindle Edition

First published February 13, 2020

8 people are currently reading
64 people want to read

About the author

Alexander van de Bunt

1 book1 follower

Ratings & Reviews

What do you think?
Rate this book

Friends & Following

Create a free account to discover what your friends think of this book!

Community Reviews

5 stars
8 (11%)
4 stars
32 (45%)
3 stars
24 (33%)
2 stars
6 (8%)
1 star
1 (1%)
Displaying 1 - 10 of 10 reviews
Profile Image for Giekes.
168 reviews5 followers
April 13, 2020
Om de zoveel jaren verschijnt een nieuw boek over de interactie tussen het Imperium Romanum en de bevolking aan de noordelijke rand van het rijk; er zijn bepaalde variaties op een deel van de onderzoeksvragen en de afbakening in tijd en ruimte: ‘Romeinse verovering van de Lage Landen’, ‘Caesar in onze streken’, ‘Germanenpolitiek’, ‘Germaniëbeleid van princeps Augstus’ enz., maar doorgaans zijn er grote inhoudelijke overlappingen en gaat het vooral om een keuze waarop men het diepst wil ingaan. De auteurs beroepen zich telkens op grotendeels hetzelfde materiaal: de klassieke auteurs en de hedendaagse interpretatie daarvan en de wisselwerking daarvan met het zich steeds uitbreidende archeologische materiaal én - dit is nieuw de laatste jaren - de resultaten van de zogenaamde DNA-revolutie.

De laatste worp in de rij van werken over de Romeinen in ‘onze streken’ is Wee de overwonnenen. Germanen, Kelten en Romeinen in de Lage Landen. Omdat dit boek geschreven werd door een archeoloog, Alexander Van de Bunt, en de achterflap interessante onderzoeksvragen ten berde brengt was mijn nieuwsgierigheid sterk gewekt. De onderzoeksvragen: “Wie waren de bewoners van dit drassige gebied aan de Noordzee? Wat waren hun gewoonten en gebruiken? Welke talen spraken ze? Welke goden vereerden ze? En vooral: waar kwamen ze precies vandaan?”

Wee de overwonnenen begint met een goede beschouwing over de belangrijkste klassieke stem over Rome en de Germanen: Tacitus. Want zoals Jona Lendering eerder zei is Tacitus een ‘moralist die als historicus poseert’: “Tacitus’ Germanenteksten zijn geschreven tussen pakweg 100 en 120 nC. Het Dossier Germanië vormt een commentaar op Domitianus’ claim het gebied te hebben onderworpen, terwijl de Historiën en Annalen tonen hoe een senator zich wel of niet moet gedragen. Dat zijn heel specifieke boodschappen, gericht aan een heel specifiek, senatorieel publiek. Te lang is deze context vergeten en zijn de Germanenteksten gelezen als feitelijk accuraat. Uiteraard is dit niet uniek voor de Tacitusinterpretatie. De context wordt bij antieke teksten wel vaker vergeten.” (In moerassen en donkere wouden, p 23).
Hierna serveert Van de Bunt ons een heel interessant eerste hoofdstuk over de ‘voorgeschiedenis’ van Kelten en Germanen beginnende bij de komst van Centraal-Aziatische steppevolkeren naar Europa. In dit hoofdstuk worden in feite al een groot deel van de onderzoeksvragen significant uitgewerkt. Toch vond ik het jammer dat dit hoofdstuk niet nog dieper groef en bijvoorbeeld veel meer voorbeelden gaf van de materiële vondsten gerelateerd aan de genoemde culturen (Touwbeker, Hallstatt, La Tène). Er wordt niet gesproken over de Germaanse culturen van Przeworsk (in het huidige Polen) en Jastorf (langs de Elbe): als deze termen ondertussen achterhaald of niet meer gebruikt worden had ik dit graag vernomen. De relatieve beknoptheid van dit hoofdstuk verbaasde mij, met de gestelde onderzoeksvragen in het achterhoofd.

Na het eerste hoofdstuk worden in de verdere hoofdstukken de ontwikkelingen sinds de komst van Caesar in de Lage Landen op chronologische basis uitgewerkt waarbij er zeer sterk gesteund wordt op de klassieke auteurs. Soms vind ik de toon van de verteller te narratief - bijvoorbeeld in het hoofdstuk over de Varusschlacht gaat Van de Bunt helemaal op in het vertellen van een spannend verhaal; zie ook het gebruik van uitroeptekens. In mijn opinie ontstaat er een te groot contrast tussen de passages waarin verwezen wordt naar archeologie en de passages waarin zeer uitgebreid het verhaal van de Romeinse campagnes in Germanië wordt verteld.
Wee de overwonnenen is het sterkst in de passages waar de archeologische vondsten worden gepresenteerd en besproken en daarbij zijn volgens mij ook telkens de correcte wetenschappelijke nuanceringen aangebracht. Maar het boek kent ook enkele hoofdstukken waarin in de voetnoten amper een spoor te vinden is van hedendaagse onderzoek en waar we story-telling voorgeschoteld krijgen gebaseerd op wat overgeleverd is van wat Tacitus, Suetonius, Cassius Dio, Velleius Paterculus e.a. vertelden over de daden van de eerste keizers en hun generaals in een stijl die aan Tom Holland doet denken. Holland verantwoordde zijn stijl recent nog als volgt: “De anekdotes over de keizerlijke dynastie, waarin de diepgewortelde vooroordelen en angsten van hun verspreiders worden weerspiegeld, leiden ons tot de kern van de Romeinse psyche. Daarom kan een boek over Augustus’ dynastie nooit alleen dat zijn, maar moet het daarenboven dienen als portret van het hele Romeinse volk.
Dat is ook de reden waarom een narratieve geschiedenis die de hele Julisch-Claudische periode omvat misschien de veiligste manier is om tussen de Scylla van slappe goedgelovigheid en de Charybdis van overdreven gespierde scepsis door te laveren. Het is duidelijk dat niet alle verhalen over de vroege Caesars betrouwbaar zijn. Anderzijds bieden vele ervan ons wel degelijk inzicht in hun waarschijnlijke voedingsbodem.” (Dynastie, p 20) Je kan genieten van de meeslepende vertelstijl van Holland, maar je kan bij zijn verantwoording ook meerdere bedenkingen bij hebben. Het is dus op zijn minst belangrijk om uiterst omzichtig om te gaan met de klassieke auteurs en als je de toer opgaat van de narratieve geschiedenis moet dit duidelijk afgebakend worden.

Ik verwees hierboven al naar het feit dat in sommige hoofdstukken weinig (of niet) in voetnoot naar recente geschiedeniswerk wordt verwezen. Wanneer ik de literatuurlijst nader bekijk valt die mij tamelijk mager uit. En er is iets vreemd aan de hand met de verwijzingen naar standaardwerken. Zo wordt naar de befaamde studie uit 1972 van C.M. Wells (The German Policy of Augustus: an examination of the archaelogical evidence) slechts éénmaal met voetnoot verwezen en dan gaat het over een ‘bijzaak’ als de zoektocht naar de ligging van het Drususkanaal... Ook naar recenter gedegen werk wordt zeer summier verwezen, niet naar de kern van het werk, maar naar een bijzaak zoals het verhaal van de reissnelheid van Tiberius als een Romeinse legende. (K.P. JOHNE, Die Römer an der Elbe. Das Stromgebiet der Elbe im geographischen Weltbild und im politischen Bewusstsein der griechisch-römischen Antike, 2006). Een andere opmerking: A. Goldsworthy wordt in de literatuurlijst vermeld met drie werken, maar niet met een werk uit 2003 dat in voetnotenapparaat wordt vermeld - en ook hier wederom een éénmalige vermelding over een bijzaak ipv de kern van het werk (over de persoonlijke Germaanse ruiterij van de keizer). Het komt vreemd over om merkelijk weinig naar standaardwerken te verwijzen en de hypotheses of conclusies van de auteurs niet te vermelden. Patrick De Rynck schreef in zijn bespreking van Wee de overwonnenen in De Standaard dat dit boek er misschien wel te vroeg gekomen is en verwees vooral naar de vele te verwachten nieuwe ontdekkingen ten gevolge van de ‘DNA- en isotopenrevolutie’. Ik ben hier niet geheel mee akkoord, maar ik denk wel dat het boek ook een steviger skelet had mogen krijgen van recent geschiedkundig onderzoek en dus om een andere reden te vroeg is uitgebracht.
Als aanloop naar het verhaal van de Romeinse campagnes tegen de Germaanse stammen vertelt Van de Bunt het markante verhaal van de wereldkaart van Agrippa, de zogenaamde Orbis Terrarum. Op de kaart werd de wereld voorgesteld als een ronde schijf met Italië en Griekenland in het midden en daaromheen de Middellandse Zee en Europa, Azië en Afrika. “Dit alles werd op zijn beurt omringd door een grote wereldzee waar bovennatuurlijke chaos en zeemonsters heersten. China (Seres), India en West-Rusland (Sarmatia) worden ook weergegeven als kleine regio’s aan de rand van de wereld. Het feit dat ze op de kaart staan, is een aanwijzing dat Agrippa en zijn tijdgenoten goed op de hoogte waren van hun bestaan. Daarentegen wisten ze nog weinig van het bestaan van Scandinavië en de uitgestrekte vlakten van Rusland. In de achterhoofden van vele Romeinen moet de drang hebben bestaan om het ooit op te nemen tegen hun eeuwenoude vijand: de Parthen. Door Augustus werd lang gezocht naar een noordelijke maritieme route om de weg naar het oosten vrij te maken. Desondanks zou het nog tot in de zeventiende eeuw duren, voordat wij door zeevaarders als Willem Barentz erachter kwamen dat een dergelijke noordelijke zeeroute niet mogelijk was. Dit neemt nog steeds niet weg dat de Romeinen vastberaden genoeg waren om het toch te proberen. En er was nog een obstakel dat Augustus in de weg zat om zijn droom te verwezenlijken, en dat waren de Overrijnse stammen van Germanië.” Een originele insteek en een mooie aanloop naar de campagnes van Drusus, maar is dit nu de mening van Van de Bunt, of zijn de impliciete uitspraken over het Germaniëbeleid van Augustus gebaseerd op recent onderzoek? Er zijn geen voetnoten en in feite wordt domweg een hele academische discussie over de intenties van Augustus genegeerd.

Nog één iets wat ik vreemd vond in Wee de overwonnenen: de afbeeldingen van schilderijen en gravures waarop voornamelijk hoofdrolspelers zoals bijvoorbeeld Arminius en Julius Civilis afgebeeld worden. Waarom in de plaats hiervan niet meer afbeeldingen van archeologische vondsten en meer kaarten opnemen, zoals bijvoorbeeld in het werk van R. Nouwen (Keizer Augustus en de Lage Landen)?

Van de Bunt geeft op het eind van het boek een uitgesproken reflectie mee die terecht de voorstelling van de Rijn als een harde grens afwijst en stelt dat de Romeinse geschiedenis van de eerste eeuw niet “een verhaal is van contrasten en scheidslijnen, maar gaat over hedendaagse thema’s als groeiende interconnectiviteit, globalisatie en culturele transformatie.”
Ik zie in de epiloog verder een impliciete verwijzing naar onze recente Europese obsessie met het thema migratie, als in: ‘menselijke mobiliteit en migratie is van alle tijden’. Misschien zal deze stelling ooit te voorzichtig blijken, misschien was de prehistorische mens, de Ijzertijdmens, de inwoner van het Romeinse rijk en/of de Germaan nog mobieler dan de mens tijdens het Ancien Régime en alles wat daarna kwam, tot en met onze eigen tijd? Verder onderzoek in DNA en isotopen kan ons hier de komende jaren nog enorm veel over leren. Want: “Alle ontdekkingen die sinds 2015 zijn gedaan op basis van onderzoek van oud DNA, zijn niet alleen een belangrijke aanvulling op hoe wij volkeren op basis van hun materiële cultuur beoordelen, maar ook op hoe zij zich op voorouderlijke basis tot elkaar verhouden. Dit zijn ontdekkingen die grote gevolgen hebben voor de manier waarop wij kijken naar de prehistorie en onze eigen geschiedenis en hoe de lage Lage Landen ten tijde van Julius Caesar eruit moeten hebben gezien.”

***

Omtrent het Goodreads ratingsysteem: ik durf in te schatten dat wie nog niet vertrouwd is met eerdere werken over Caesar in Gallië, princeps Augustus en de Germanen, het Teutoburgerwoud en de verdere ontwikkelingen aan en over de Rijn zonder problemen een ster kan bijtellen. Voor mij persoonlijk besteedde Van de Bunt teveel letters aan het ‘chronologische verhaal’, dat ik elders al meermaals las, met betere context van de klassieke auteurs of betere inhoudelijke dosering of afbakening. Voor de lezer die minder vertrouwd is met de Romeinse geschiedenis van de Nederlanden of de lezer die mijn bemerkingen muggenzifterij vindt - wat natuurlijk onterecht zou zijn :) - zal dit boek waarschijnlijk heel ‘leesbaar’ overkomen en mogelijk een schat aan nieuwe informatie opleveren, evenals een aanzet tot verdere verdieping in het onderwerp.

***


VAN DE BUNT A., Wee de overwonnenen. Germanen, Kelten en Romeinen in de Lage Landen, Omniboek, 2020.
HUNINK V. en LENDERING J., Tacitus. In moerassen en donkere wouden De Romeinen in Germanië, Athenaeum-Polak & Van Gennep, 2015.
LENDERING J., De Randen van de aarde. De Romeinen tussen Schelde en Eems, Ambo, 2000.
NOUWEN R., Keizer Augustus en de Lage Landen, Davidsfonds, 2009.
LENDERING J., Wahibre-em-achet en andere Grieken. Landverhuizers in de Oudheid, Omniboek, 2019.


Profile Image for Geertje.
1,044 reviews
Read
October 7, 2022
Ik had gehoopt op meer informatie over het dagelijks leven in de Lage Landen ten tijden van de Kelten, Germanen en Romeinen. Het boek gaat echter meer over de verschillende veldslagen e.d., maar goed, het is dan ook meer een introductie op het onderwerp. Als introductie fungeert het overigens goed.
Profile Image for Mathijs Loo.
Author 3 books17 followers
April 20, 2021
Op de achterflap van het boek worden een paar interessante vragen gesteld die nauwelijks of niet aan bod komen in het boek en hierdoor word je als lezer op het verkeerde been gezet. Het boek is voornamelijk een beschrijving van de vele Romeinse militaire campagnes in Germanië en voegt daardoor weinig toe. Het boek is rijkelijk geïllustreerd door middel van afbeeldingen en kaartjes die zeker een toegevoegde waarde hebben. Het boek is makkelijk leesbaar, maar sommige uitwijdingen zijn onnodig.
Profile Image for Robert Meijer.
60 reviews
December 30, 2021
Goed boek voor wie meer geïnteresseerd is in het verleden van de lage landen ten tijden van de Romeinen. Nu met limes uitgeroepen tot Unesco erfgoed is leuk en zeer informatief om er een boek over lezen. Het is jammer dat we hier niet meer over weten. Ik heb gelezen over stammen volken waar ik tot nu toe nog nooit van had gehoord. Ook de rol van de Bataven in het Romeinse leger was mij onbekend.
Ik heb genoten van dit boek omdat dit een leuke inkijk ga in deze omstreken tijdens de Romeinse tijd.
28 reviews1 follower
October 20, 2024
Dit boek beschrijft de geschiedenis van de Lage Landen en het Rijngebied in deeeuwen voor en kort na het jaar 0. Het geeft de veelzijdigheid in het Romeinse Rijk weer en de aangrenzende gebieden.
Het verhaal laat zien dat niet alleen de Romeinen beschaving hadden, maar ook de " barbaren" redelijk ontwikkeld waren. Deze inzichten zijn winst.
Door onderzoek in een grote verscheidenheid aan bronnen is het lastig lezen. Het leest als een proefschrift.
114 reviews
September 29, 2022
Een erg interessant boek dat veel informatie geeft over de vroege geschiedenis van de Lage Landen. Het eindpunt lijkt echter wat willekeurig omdat na de Bataafse opstand er wordt gezegd dat in de periode daarna er weinig is geschreven over het gebied.
4 reviews
February 4, 2024
Niet een makkelijk boek om mee te beginnen, maar wel een handig boek om beter begrip te krijgen over geschiedenis
Displaying 1 - 10 of 10 reviews

Can't find what you're looking for?

Get help and learn more about the design.