Telkens ik een boek lees, dat goed genoeg is om een beoordeling voor te schrijven, denk ik: “Hoe formuleer ik mijn dank je wel aan de schrijfster/ver?” Ik hoor de serieus, georganiseerde volwassen mensen al denken: “ Hoezo, dat zijn toch het aantal sterren die je bij je beoordeling aanduidt.” Best mogelijk, maar zoiets als een ster zegt niet zoveel. Misschien schoof de muis in je hand wel uit en klikte je één ster aan i.pl.v. de bedoelde vijf. Of wie weet gooien de algoritmes achter goodreads of iedereen leest, je sterren wel in een andere volgorde. Misschien…. Wie weet….zeker wel. Schrijven is schrappen van tekst, geen enkele schrijfster/ver hoeft de bedankingen in deze beoordeling te lezen.
Maud Vanhauwaert schreef, bedacht en gaf ‘Het stad in mij’ uit als terugblik op 10 jaar dichterschap / performing / beeldend woordkunstenaarschap. Het gaat over 358 bladzijden verdwaalplezier, vol taal, beelden, foto’s, projecten, tekeningen en bedankingen. Natuurlijk is niet elke bladzijde even boeiend. Ik kwam tijdens een korte kampeervakantie wel papier te kort om ideeën, citaten en wondermooie gedichten of gedachten aan te kruisen in het boek. Ik hoop dat elke bib, elke schoolbib, elke gezin dit boek in huis haalt zodat heel Vlaanderen (en Nederland) de kans heeft om van dit pareltje te genieten.
Compliment één voor de dichteres
Toen ik Maud Vanhauwaert leerde kennen, als afsluitende act in ‘man bijt hond’, kon ik haar absoluut niet pruimen. Omdat ik weinig TV keek, begreep ik het format van ‘man bijt hond’ eigenlijk niet en vond de vreemde capriolen op het einde onbegrijpelijk raar.
Bij één van de poëziedagen kreeg ik op de één of andere manier een gedicht van Maud V op een poster cadeau. In de bibliotheek zocht ik een boek van haar hand. Daarna kreeg ik eens een performance van haar cadeau en nam dus deel aan ‘zaalopstelling’ (blz 352 tot 355) in ‘het stad in mij’.
Bij één van de bezoeken aan Watou vroeg ik aan Maud V een handtekening in de toenmalige, bijhorende publicatie van een beeldverhaal. Ze kreeg de slappe lach bij mijn vraag om een handtekening. Wie weet wat dat wil zeggen?
In 2020 kreeg ik ‘het stad in mij’ cadeau voor mijn verjaardag. Uit principe willen we in een klein huis wonen. Onze boekenrekken hebben dus de gewoonte om uit hun voegen te barsten. Na het lezen van gekochte boeken valt onherroepelijk de beslissing of het boek een plaatsje verdient in huis of een tweede leven in een ruilkastje, ruilbibliotheek, oxfam boekhandel of boekenjagerfoto. ‘Het stad in mij’ zal het volgend jaar broederlijk naast het boek van Kae Tempest op mijn nachtkastje liggen – inslaaplectuur ofzo. Poëzie vraagt erom om herhaaldelijk herlezen te worden.
Compliment twee voor de dichteres
Maud V schrijft herhaaldelijk dat ze zichzelf niet ziet als een activiste. Voor mij gaat dat niet op. Door haar creativiteit, speelse woordenrijkheid, rake beschrijvingen heeft ze me zeker 200 actuele en kritische vragen laten stellen over “mens zijn” in de wereld (Antwerpen incluis). Mocht iemand het niet weten Maud V is twee jaar stadsdichter geweest in die éne stad aan de Schelde. Tweehonderd vragen! Remco Campert beweert dat verzet start met één vraag en één iemand die die vraag aan een ander stelt. Via deze uitgave zit je hoofd en je hart vol vragen, het verzet volgt als de lezers die vragen stellen aan iemand anders…. Dank je wel. Dus ja, ook elke parochiekerk moet een exemplaar ter inzage leggen voor de mensen die de kerk bezoeken.
Compliment drie voor de dichteres
Als kind had ik leerproblemen. Ook vandaag zijn er kinderen met leerproblemen. Voor hen en de talloze nieuwkomers in ons land, zeg ik dank je wel voor blz. 182 – 193. Blijkbaar zijn er 5.040 manieren om “ik spreek de taal niet zo goed” te schrijven. Heel veel daarvan zijn grammaticaal correct. Ik kan dat moeilijk beoordelen. Ik geloof haar op haar woord.
Compliment vier voor de dichteres
Zoals iedereen ben ik vaak op zoek naar ‘unieke’ dingen om op kaartjes te schrijven (condoleancekaartjes, verjaardagwensen, beterschapskaartjes etc). Door ‘het stad in mij’ ben ik weer voor een aantal jaren verder. Om mijn verkooppraatje volledig te maken:
blz. 47: omdat ‘uitwaaien’ een uniek Nederlandstalig of Vlaamstalig begrip is;
blz. 61: het probleem van moederkesdag 2020 vond een geweldige oplossing en elke vrouw, moeder of niet kan van die tekst genieten;
Blz. 75: steek ik als een geplastificeerd kaartje in mijn portefeuille. Het overkomt me niet vaak dat ik grootsprakerige dames of heren niet kan stopzetten maar vanaf nu haal ik, bij verlies, mijn kaartje boven;
Blz. 106 – 113: kom je, aub nog eens ijsbeer spelen voor de Gentenaars? Je mag er gerust geld voor vragen. Als je me verwittigd, ga ik zelfs met de hoed voor je rond.
Compliment vijf voor iedereen de betrokken was bij deze uitgave.
Omdat mijn verjaardag samenviel met een korte kampeervakantie ging “het stad in mij mee” op de fiets omwille van coronatijden. Het mooie boek-exemplaar is niet langer maagdelijk wit. Het boek oogt nu al kapot gelezen. Ik kan maar amper wachten tot ik ontdek wanneer de bladzijden in deze speciale editie los komen en welk gedicht ik daartegen van buiten kan opzeggen. Kapot gelezen boeken kunnen vervangen worden en zijn voor de eeuwigheid en worden dan terug maagdelijk wit.