In ‘Witte schuld’ bespreekt Elma Drayer identiteitspolitiek in de mediawereld, literatuur, kunst en politiek. ‘In het huidig racismedebat zie ik te veel dat me te weinig bevalt en ik zou niet weten waarom ik daar als witte vrouw beleefd over zou moeten zwijgen.’ Sinds het racismedebat vanuit de Verenigde Staten overwaaide naar Nederland heeft Drayer het in columns en discussies becommentarieerd. Waarom slaat het debat zo aan? Wat is de rol van de sociale media? Ze schuwt de polemiek niet. Door haar onverschrokken helderheid en haar humor weet ze de ernst van de problemen als geen ander over het voetlicht te brengen, en aan te zetten tot nadenken.
De ondertitel van dit boek luidt: 'Over identiteitspolitiek'. Identiteitspolitiek houdt me al een tijdje bezig, eerder las en besprak ik 'Identiteit' van Francis Fukuyama en 'Over identiteit ' van Bart De Wever.
De identiteitspolitiek waarover Elma Drayer (een Nederlandse, blanke journaliste en columniste met een flink aantal jaartjes ervaring op de teller) schrijft, is die van de veeleer linkse, activistische strekking. Het is hierbij relevant haar huidskleur te duiden omdat ze precies schrijft over het antiracistisch activisme van voornamelijk zwarte vrouwen (en mannen in kleiner aandeel). De titel van haar boek verwijst knipogend naar de titel 'Witte onschuld' van de kleurlinge Gloria Wekker. Ik heb dat boek vorig jaar gelezen in het kader van mijn hoofdstuk 'over zwarte en witte mensen' in mijn boek 'De slaap van de rede brengt monsters voort'. Normaal gezien zou ik de huidskleur van de auteurs niet vermelden, omdat ik dat irrelevant vind. Maar hier gaat het net om activisme van een groepsidentiteit die sterk ofwel helemaal door huidskleur en etnische afkomst bepaald wordt.
Als blanke auteur vindt Elma Drayer dat ze flink wat kanttekeningen mag maken bij die activistische identiteitspolitiek. Die heeft met name al de terminologie aangepakt zodat het in Nederland gewoon is te spreken van witte mensen i.p.v. blanke mensen. Ik heb daar eerder over geschreven in mijn boek, Elma Drayer wijdt een heel boek van tien hoofdstukken aan deze problematiek. De strekking van haar boek is dezelfde als de mijne (in mijn hoofdstuk). Zij is bijzonder kritisch voor een denkwijze die overgewaaid is vanuit de V.S. en voor het eerst op het voorplan kwam met de felle discussies rond Zwarte Piet. De auteur opent dan ook haar boek met een hoofdstuk over deze controverse die de geesten in Nederland fel beheerst. Ze behandelt nog verschillende andere aspecten: de taalpolitieke methode ("zeg niet blank maar wit, zeg niet slaaf maar tot slaaf gemaakte" etc), de 'safe places' en andere identiteitsperikelen in academische milieu's, het dekoloniseren van geschiedschrijving (cfr . musea als het Afrikamuseum in Tervuren), de discussie rond de 'witheid' van de media en de politiek, de zgn. ongeoorloofde 'culturele toe-eigening' door blanken, de veronachtzaming van antisemitisme, in de politiek met partijen als DENK en Artikel1 ... Elma Drayer documenteert al deze verschijningsvormen van het zwart activisme met talrijke en recente voorbeelden, hoofdzakelijk uit Nederland soms ook uit België.
Grosso modo komt de kritiek van activisten à la Gloria Wekker erop neer dat de Nederlandse samenleving op een verkeerde manier 'kleurenblind' is: blanke mensen wentelen zich in onschuld, maar in feite bestaat er nog steeds structureel racisme en is het kolonialisme en de slavenhandel waaraan Nederlanders zich eeuwenlang schuldig maakten niet (helemaal) verdwenen in de hoofden van de hedendaagse Nederlanders. Het hoeft geen verbazing dat deze activisten steeds opnieuw terugkomen op het verleden van kolonialisme en slavernij, waardoor - in hun visie- er een soort erfzonde kleeft aan elk blanke persoon.
Elma Drayer neemt de verschillende aspecten van dit activistisch denken en van deze praktijk onder de loep. Zij stelt vast : 'Identiteitspolitiek verziekt het klimaat, vanwaar ze ook komt'. Inderdaad, dit activisme is gericht op conflicten en geobsedeerd door huidskleur en ras. In zijn meest extreme uitingen kan je spreken van een omgekeerd racisme: zwarten die relaties met blanken verdacht vinden, die zwarte mensen met maatschappelijk succes (in politiek, media, cultuur.. ) beschouwen als 'bounties' (zogenaamd 'zwart van buiten, wit van binnen'), zwarten die alleen nog met mensen uit dezelfde identitaire groep willen omgaan.
Het identiteitsactivisme waarover Elma Drayer schrijft, doet me terugdenken aan 'Identiteit' van Francis Fukuyama (een boek waarnaar ze ook verwijst): er is in de voorbije een beweging in de richting van (sub-)groepen die pretenderen alleen nog door leden van diezelfde groepen begrepen te worden. Vrouw zijn is zo anders, mannen begrijpen dat niet. Als zwarte ben je mogelijk een afstammeling van een slaaf, 'witte' mensen begrijpen hen niet. Waar voorheen de nadruk lag op de betrachting van gelijkheid (gelijke rechten, gelijke kansen), willen die groepen nu veeleer een erkenning van hun eigenheid (alsof inlevingsvermogen niet bestond). Het gevolg op termijn is dat die subgroepen zich steeds meer gaan afzonderen en dat de communicatie in de hele samenleving onder druk komt te staan. Een besluit van Elma Drayer : 'Identiteitsdpolitiek is een giffabriekje dat alleen maar méér identiteitspolitiek fabriceert.' Het gevolg is eveneens een maatschappelijke verharding , omdat 'het rechtse kamp van de weeromstuit zich nog steviger vastklampt aan het eigen gelijk'.
Dapper om vanuit de linkse hoek, de linkse hoek aan te pakken. Het is een uiterst leesbaar boekje waarin de gevaren van het identiteitsdenken duidelijk worden beschreven. Over het algemeen overheerst de redelijkheid van Elma Drayer. Dat is wel de redelijkheid van de status quo. Voor verandering van die status quo voelt ze niet veel. 'Er is niet veel mis in Nederland en al heel lang niet.' daarmee redt ze het net niet om echt empathisch te zijn of streeft ze niet de absolute objectiviteit na. Dat is ook erg moeilijk en het is knap genoeg dat ze ver komt om haar verbazing over het verketteren van elkaar grond te geven. Toch zijn er paar dingen onbevredigend. Allereerst het onbegrip voor hen die zich ondergeschikt voelen. Dat heeft ze zelf nooit gehad. Ook niet als vrouw in de jaren zeventig tot nu toe. Prima en stoer, maar soms heb je dat niet zelf in de hand. In de tweede plaats vind ik het jammer dat ze steeds weer uitkomt bij de holocaust en de Joodse zaak van toen en nu. Niets kan natuurlijk concurreren met de vernietiging van zoveel joden en toch zegt ze dat ze het juist heel vervelend vindt als leed met elkaar wordt vergeleken. Het lijkt haar zwakke plek en daarmee neem ik de rest misschien ten onrechte ook iets minder serieus. En dat is zonde want er staat genoeg in wat de moeite waard is.
'Witte Schuld - Over Identiteitspolitiek' is een helder en nuchter werk inzake [de doorgeslagen kant van] het racismedebat. Met name de helderheid en vlotte wijze van schrijven zorgen er voor dat de analyses en conclusies in dit boek goed tot uiting komen. Hieronder één van dergelijke lucide fragmenten. Het boek gaat hier uiteraard veel dieper op in. 4 Sterren.
"Martin Luther King ging het erom dat zijn 'vier kleine kinderen' ooit in een land zouden wonen waarin ze niet beoordeeld zouden worden op 'the color of their skin but by the content of their character'. Identiteitspolitiek tracht ons juist wél te ketenen aan waar we mee geboren zijn. Klikt ons vast in wie we zijn. Negeert in één moeite door wat we dóén. En heeft geen oog voor wie we willen zijn. [...] Wie blank is wordt geacht "wit" te denken en te voelen, hetzelfde geldt voor wie zwart is of vrouw of man of homo. Het vermogen tot zelfstandig denken en handelen, en de vrijheid je los te maken van een dergelijke indeling worden ontkend."
"Identiteitspolitiek tracht ons juist wél te ketenen aan waar we mee geboren zijn. Klikt ons vast in wie we zijn. Negeert in één moeite door wat we dóén. En heft geen oog voor wie we willen zijn. Identiteitspolitiek betekent uiteindelijk dat je moet samenvallen met je geslacht, de kleur van je huid, et cetera. Je bent niet vóór alles individu, je bent vóór alles lid van een groep die dezelfde kenmerken bezit." (178-179)
Drayer probeert in dit boek bloot te leggen wat negatieve kanten zijn van de opkomende identiteitspolitiek (politiek en activisme die grotendeels bepaald worden door onze afkomst en zelf-identificatie met bepaalde karakteristieken die me meet ons meedragen - kleur, geslacht, herkomst, etc.). Daar slaagt ze wat mij betreft wel in. Een voorbeeld is de groeiende (zelf)segregatie, veroorzaakt door de idee dat verschillen tussen verschillende identiteiten zo groot zijn, dat ze onverenigbaar zijn en je liever (of zelfs beter) alleen maar kunt omgaan met mensen die hetzelfde denken. Interessant is ook het hoofdstuk over Israël en antisemitisme, waarin Drayer onder andere illustreert hoe de Holocaust door activisten wordt gebagatelliseerd in relatie tot slavernij.
Het ligt vast aan mij, maar ik trek dit boek niet zo goed. Uiteraard moeten we kritisch zijn en blijven, maar gewoon: naastenliefde? Empathie? Compassie? Nee, ik ontken niks. Ik erken zeker. Toch liever niet lullen, maar poetsen.