In deze verhalenbundel verwelkomde J.M.A. Biesheuvel zijn lezers voor het eerst in zijn karakteristieke wereldje van whisky drinken en pijproken bij de haard, met een van de Russische klassieken opengeslagen op schoot en de liefdevolle zorg van Eva altijd voorhanden. Vanaf deze plek vertelt hij zijn onvergetelijke semi-autobiografische zeeverhalen en huiselijke anekdotes, veelal in het gezelschap van goede vrienden Karel van het Reve en Maarten 't Hart. Met In de bovenkooi bewees Biesheuvel in 1972 al waarom hij tot de beste verhalenschrijvers van Nederland behoort. In elk verhaal weet hij op briljante wijze fictie en werkelijkheid tegen elkaar uit te spelen en verrast hij de lezer met zijn absurde humor, stilistische hoogstandjes en rijke, vaak ontroerende verbeelding. Deze bundel is een fantastische inleiding tot het werk van een groot Nederlands schrijver en een must voor iedere liefhebber van het korte verhaal.
J.M.A. Biesheuvel (Schiedam, 1939) debuteerde in 1972 met de verhalenbundel In de bovenkooi. Daarna volgden talloze bundels, altijd bestaande uit korte verhalen en novellen, waaronder De weg naar het licht, De angstkunstenaar, De verpletterende werkelijkheid, Reis door mijn kamer en kleinere uitgaven als Motje tegen gloeiend lampepeertje en Oude geschiedenis van Pa. In 2008 verscheen zijn Verzameld werk, bestaande uit al het gebundelde werk.
Biesheuvels verhalen zijn veelal autobiografisch van inslag. Hij schrijft over zijn ervaringen als matroos op koopvaardijschepen, over zijn depressies en zijn verblijf in wat hij 'het gekkenhuis' noemt, over zijn vrouw Eva, over zijn huis en werkkamer, over zijn jeugd. Daarnaast schrijft hij verhalen waarin fantasie de vrije loop krijgt.
‘Veel van wat Maarten Biesheuvel schrijft is waar gebeurd. Maar sommige dingen die hij schrijft zijn gelogen. Mijn moeilijkheid is dat ik nooit helemaal zeker weet of wat hij schrijft nu waar gebeurd is of niet.’ – Karel van het Reve
Op 15 december 2006 is aan Biesheuvel de P.C. Hooftprijs voor zijn verhalend proza toegekend. ‘Biesheuvels associatieve verteltechniek geeft zijn proza een weldadig effect en irrationaliteit en onlogica, waardoor het fantastisch element te meer een kans krijgt’, aldus de jury onder leiding van Maarten Asscher. De jury prijst verder Biesheuvels ‘verbeeldingskracht, absurdistische humor en stilistische rijkdom’.
In januari 2007 verscheen een herziene en uitgebreide herdruk van Zeeverhalen, waaraan een cd werd toegevoegd waarop Biesheuvel zijn meest recente verhalen voorleest.
Sommigen zeggen dit het beste werk van Biesheuvel te noemen. Voor mij zijn het moeilijk te volgen verhalen met veel niet terzake doende terzijdes die, ook als ze wel ter zake doen, onnavolgbaar zijn. Het is worstelen, zowel voor de schrijver met het leven en zijn depressies als voor mij als lezer, die daar (geen) kaas of worst van kan maken.
Ik heb allang besloten dat voor mij Biesheuvel een heldhaftig mens is, die de grenzen tussen gek en normaal beslecht en die een grenzeloze oprechtheid en onbevangenheid bezit. Bij vlagen is hij ronduit ontroerend. Als een Sisyphus perst hij telkens weer een wonderlijk verhaal uit z'n ongelukkige staat van zijn ('When life gives you lemons...'). Voor mij, iemand die maar weinig Nederlandse literatuur leest, is Biesheuvel met zijn uit het leven gegrepen verhalen een soort arche-Nederlander, die op een aangename en atypische wijze de kenmerken van een Nederlander draagt.
Met dit beeld in het achterhoofd is In de Bovenkooi voor mij toch niet geworden waar ik op hoopte (wellicht een gevalletje scheve verwachtingen). Hij is wat ouderwets als het aankomt op de thema's die hij behandelt; vaak religie (met lijdzaamheid en protestantisme), vaak sex (ontmaagding, schone vrouwen, etc.), vaak geweld (veroorzaakt door stoere mannen). Hij is wisselvallig; de ene keer zijn z'n excursi bijvoorbeeld vermakelijk ('Slapeloosheid'), de andere keer willekeurig en saai ('Suzanne'). De ene keer is hij aangrijpend en aandoenlijk, de andere keer pathetisch. De ene keer wonderlijk en de andere keer plat. Welp is van een onbegrijpelijk niveau - je moet wel heel erg een jongmens zijn als je bevangen wilt raken door de eendimensionale plaatsvervangende schaamte die je krijgt bij dit verhaal; het is simpelweg tergend flauw. Zo'n 'Brommer op zee' is wel leuk, maar ook wat overschat, als ik het nawoord van Arjan Peters zo lees.
Er zijn wel een aantal zéér mooie verhalen. 'De beo', 'In de bovenkooi' en 'Tanker Cleaning' zijn denk ik m'n favorieten.
Nogal vreemde bundel verhalen: sommige erg realistisch, ander compleet absurd (en daardoor erg aardig). Biesheuvel rekent af met zijn demonen (rakelt dikwijls zijn verblijf in een psychiatrische inrichting op), maar blijft de kleine jongen die geborgenheid zoekt (Het titelverhaal is ronduit prachtig). Uiteindelijk sprak het boek me niet echt aan, ik vermoed dat het te ver van mijn eigen leefwereld staat.
Het debuut van Biesheuvel. Alles zit er al in: gekte, geloof, zee en alle combinaties daarvan. Als ik ergens een parallel leven had liggen, zou ik daarin wel Biesheuvel adept willen zijn, maar voor nu laat ik het erbij. Wel de beste openingszin in jaren gelezen: Wie ‘s avonds om half tien de deur van het kamertje van Jacob B. had opengeworpen, had kunnen zien in welke krankzinnige tweestrijd hij zich bevond: hij lag met z’n armen op zijn bureau en zijn hoofd lag scheef op de wagen van een zestig jaar oude Remington.
? Ik had dit boek al eerder geleend van de Bieb toen ik het zag bij de boekenzolder in Leiden. Toch maar meegenomen, want misschien vond ik het deze keer wel aardig om te lezen....
🤔 op de achterkant geeft Karel van het Reve (Gerard dus) in 1977 aan welke verhalen hij vooral leuk vond. Die verhalen heb ik weer geprobeerd te lezen en de humor. de ontroering of gewoon het bijzondere van deze verhalen te zoeken. Daarnaast heb ik nog speciaal het korte verhaal 'Brommer Op Zee' gelezen omdat ik het literatuurprogramma van de VPRO op de zondagavond met de naam van dit korte verhaal wel kan waarderen. Maar deze korte verhalen dus niet, het spreekt me niet aan, ze zijn niet grappig, ze zijn niet aan mij besteed dus...
MW 10/8/21
Deze week via een andere bundel toch weer een verhaal van Biesheuvel gelezen, wat me deze keer wel beviel (een beetje achtergrond erbij hielp ;-))...heel misschien ga ik dus nog een keer een poging wagen...ooit ;-) MW 21/7/23 Inmiddels heb ik het boek afgegeven bij een mini-biebje zodat iemand anders er wel van kan genieten....
Ik ga akkoord met wat Karel van het Reve op de achterflap van dit boek zegt: Biesheuvel is op zijn best wanneer hij over 'echt gebeurde dingen' schrijft. Daarom dat deze bundel voor mijn part wat kan worden ingekort: de fantasierijke verhalen mogen eruit, en wat overblijft is een sterk debuut. Eén verhaal heb ik niet gelezen, dat over hoe het moet zijn om als wolk door het leven te gaan, daar had ik na enkele regels echt geen zin meer in. 3.75/5
'Inderdaad,' zei ik, 'het enige dat ik wil is de wereld beter maken, ik zal alle beulen en cipiers vernietigen.'
Zo leuk als ik 'Slechte mensen' vond, zo vermoeiend vond ik 'In de bovenkooi'. Ik ben er niet helemaal zeker van of dit aan mijzelf of aan de schrijver ligt, maar de verhalen in 'In de bovenkooi' kwamen op mij over als langdradige, wijdlopige, overmatig bespiegelende en opvallend gedateerde stream-of-consciousness-achtige halfbaksels, die in hun oeverloosheid en richtingloosheid mij erg verveelden, helaas... Niet uitgelezen.
'In de bovenkooi' brengt je een cluster verhalen waarvan je als lezer niet moet verwachten dat er iets van verwantschap tussen zit. De onderwerpen zijn divers. Fictie en autobiografische schetsen lijken elkaar geheel willekeurig af te wisselen. Hierdoor voelde ik me (drastisch) minder geneigd achter elkaar door te lezen. Tegelijkertijd is elk verhaal op zich een nieuwe ontdekkingstocht: 'Wat zal Biesheuvel me dit keer brengen?'.
Zelf heb ik het meest genoten van het verhaal 'Tanker cleaning'. Toen ik even stil probeerde te staan bij het waarom, wist ik het meteen. Dit verhaal presenteert iets waarvan je weet dat je het zelf in het echt nooit zal meemaken. Het is te vergelijken met hoe de mensen vroeger met handelswaar omgingen: hoe exotischer, hoe gewilder en dus prijziger. Onderschat deze waarde niet!
Over waarde gesproken, wat me het meest ontroerde is de verblindende oprechtheid waarmee Biesheuvel vertelt. Hoe vaak kom je dat tegen? Een schrijver die écht schrijft wat hij vindt of denkt? Zonder (te lijken) na te denken over hoe hij dat gaat overbrengen? Fantastisch. Dit is zeldzaam.
Over het algemeen is het mij allemaal net wat te absurd of lastig te volgen. Met enige moeite toch uitgelezen omdat er vaak wel fascinerende elementen in zitten. Een aantal verhalen vond ik dan ook wel de moeite. Hier staat de absurditeit dan meer in dienst van het verhaal of zit er wat meer lijn in.
Ik had nog nooit iets van Biesheuvel gelezen, maar na een interview met hem gezien te hebben (vlak na zijn overlijden vorig jaar) werd ik nieuwsgierig.
Drie sterren voor deze verhalenbundel...er zaten heel mooie verhalen bij, zoals "Brommer op zee" en "De beo," en ook gewoon heel goede zoals "Moeilijkheden" (mijn favoriet). Ook de meeste verhalen waarin Biesheuvel een autobiografische anekdote deelt, zoals in "Sjaan," waren boeiend.
Sommige andere verhalen beklijften echter niet, of kwamen überhaupt niet echt op gang. Als een verhaal geen duidelijk "doel" heeft dan ben ik er algauw klaar mee. Daarmee bedoel ik overigens niet dat ik constant actie verwacht (ik houd juist niet van boeken die alleen gedreven worden door plot), maar er moet wel íets gebeuren: in het hoofd van de hoofdpersoon, in de gebeurtenissen, in het thema of zelfs de stijl. Als dat niet het geval is denk ik naderhand alleen maar: "Ok...dus?" En dat is zonde.
Toch drie sterren, want de goede verhalen compenseren wel voor de wat mindere. Een verhaal als "Moeilijkheden" zal ik me nog lang blijven herinneren, denk ik.
Er zitten zeker straffe verhalen of straffe momenten in, zoals het verhaal 'Rekenschap' waarin hij in het hoofd kruipt van zijn terminale tante tijdens zijn laatste bezoek aan haar. heel overtuigend. Maar het oeverloze en het knullige, ik weet het niet, de psychische aandoening brengt hij misschien onder woorden, maar ik hou er toch niet van. Zo schaamt Biesheuvel zich nog aan het einde van 'Rekenschap' om zijn speculaties over haar gedachten. Maar het lijkt me toch een daad van liefde om iemand op papier nog even tot leven te brengen? Waarom die schaamte? Biesheuvel lijkt aan een psychische complexiteit te willen ontsnappen met soms harde (initiatieverhalen op zee), soms surreële, soms al te autobiografisch klinkende verhalen. Ik zou verwachten dat er vanalles onder de verhalen meezindert, maar ik voel het niet. Ik voel het niet.
Beetje kierewiet en zo heb ik ze graag. Stuk voor stuk interessante taferelen, menselijk o zo menselijk en vooral dan over de wat zottere variant.
Die zottere mens heeft altijd wel interessantere wijsheden te vertellen dan de minder zotte. Ook al ontgaan die je grotendeels, zeker als hij in Bijbelse mijmeringen verzinkt of de Messias begint te zien. Je proeft doorheen de verhalen ook veel eenzaamheid en tristesse, vaak zijn trieste lot.
Maar er zit veel leven en echtheid in de verhalen. Heel puur, vaak automatisch, een flux aan gedachten die uitmonden in een zee aan - helaas - onbegrijpelijke vergetelheid.
Dat ik in de kortverhalen soms toch de draad dreig te verliezen, moet ik misschien maar positief als een teken van psychische gezondheid ervaren.
Onnavolgbaar, helaas niet telkens in de goede zin van het woord. Van verhalen als “brommer op zee”, “beproeving en straf”, “van een man en een beer” en “maan” kan je niet anders dan stilletjes genieten. Ook “de heer mellenberg” is erg sterk. Ik zeg helaas - maar het zal wel een onmisbaar ingrediënt zijn in Biesheuvel, zonder welke het goede ook niet had bestaan - is er ook een handvol verhalen bestaande uit onsamenhangend gebrabbel.
Een verzameling van een aantal topverhalen zoals het titelverhaal, Oculaire Biesheuvel en niet te vergeten Tanker Cleaning, met ook een aantal zwakkere (Van een man en een beer). Biesheuvels chaotische stijl werkt het best als de gebeurtenissen in het verhaal ook chaotisch of absurd zijn.
Fantastische en vooral mooie verhalen. Alle bundels van deze inmiddels overleden schrijver zijn mooi. En de bundel met nagelaten verhalen: Austerlitz-Parijs-Alaska (nog niet vermeld in GR) is ook erg fraai.
I read a lot of Biesheuvel in the eighties, but not since then. Now I reread this book. In soms stories I was disappointed, because there are some humourous or unexpected twists in it, but the stories as a whole ar not entertaining and sometimes boring. But other stories I really liked.
Ik blijf Biesheuvel een fascinerend figuur vinden maar de meeste verhalen in deze bundel gingen aan mij voorbij. Ofwel door het onderwerp ofwel door het gebrek aan alinea's/schrijfstijl.
Bij herlezing nog altijd een topper, deze debuutbundel met verhalen van Biesheuvel. Absurd en ontroerend, maar soms ook moeilijk te vatten in al z'n wijdlopigheid. Daardoor zeker niet voor iedereen weggelegd waarschijnlijk. De beste stukken in dit boeken behoren zeker tot de beste korte verhalen uit de Nederlandse literatuur.