In Oogje. Het kleine meisje uit de Lange Tafelstraat rekenen twee pubers even geestdriftig als nietsontziend (en ongericht) af met de schande van hun verwaarlozing. De oersterke Beertje wordt door zijn harteloze ouders in een circus gedumpt, een omgeving die zijn leven er nauwelijks beter op maakt. Maar hij ontmoet er de hyperintelligente idiosyncratische Oogje (een meisje met downsyndroom) met wie hij op een oude Zündapp op de vlucht slaat. Wat volgt is een spectaculaire en spannende road novel vol bizarre ontmoetingen waarin de twee veronachtzaamde kinderen een spoor van vernieling aanrichten, zeker nadat Oogje verdwijnt en Beertje haar moet terugvinden.
Marnix Peeters (°1965) groeide op in Beverlo en woont afwisselend in Antwerpen en Zuid-Frankrijk. Zijn nieuwe roman De schandalige studententijd van Emma Mus (18) verschijnt in oktober 2026 bij Pottwal Publishers.
Sinds 2023 schrijft hij als columnist voor Het Laatste Nieuws. Eerder leverde hij negen jaar lang een wekelijkse column aan Zeno, de zaterdagbijlage van De Morgen. Peeters debuteerde als romanschrijver in 2012 met De dag dat we Andy zijn arm afzaagden, genomineerd voor De Bronzen Uil en later vertaald in het Italiaans. De roman markeerde zijn overstap van journalistiek naar literatuur, nadat hij zich in 2010 had teruggetrokken in de zuidelijke Oostkantons om zich op het schrijven toe te leggen. Zijn tweede roman Natte dozen zorgde voor ophef en brede aandacht, en kende een groot succes.
In de jaren die volgden publiceerde hij onder meer de romans De tenondergang en de ongelooflijke wederopstanding van Eddy Vangelis, Niemand hield van Billie Vuist, De Trapchauffeur, Kijk niet zo, konijntje, In elke vrouw schuilt haar moeder, Ik heb aids van Johnny Diamond en Oogje. Het kleine meisje uit de Lange Tafelstraat. Deze romans verschenen bij De Bezige Bij, Prometheus, De Arbeiderspers en Hollands Diep.
In Zo donker buiten (2019) verwerkte hij het afscheid van zijn moeder, die aan alzheimer leed. In Zei mijn vrouw (2017) bundelde hij de gesprekken en observaties die ontstonden in het dagelijkse samenleven met zijn vrouw Jana Elza Wuyts, eerder verschenen als Brieven uit de Oostkantons in De Morgen.
Samen met zijn vrouw maakte Peeters de historische reisreeks De zomer van 1939, gebaseerd op citytrips door België met de Guide Michelin van dat jaar.
Naast zijn literair werk zette Peeters met Pottwal Publishers een eigen uitgeefproject op. In 2022 verscheen Komt een priester bij Beëlzebub bij Pottwal Publishers, gevolgd door De ontluikende sekslust van Emma Mus (15) in 2024. In datzelfde jaar schreef hij het geschenk voor de Vlaamse Boekenweek, Als de liefde faalt. Pottwal Publishers brengt ook de eerdere romans van Marnix Peeters opnieuw uit. In 2026 verscheen 'De schandalige studententijd van Emma Mus (18)'.
Voor zijn carrière als auteur en columnist werkte Peeters bij Studio Brussel en interviewer en als reportagemaker voor Het Laatste Nieuws. Hij publiceerde in uiteenlopende kranten en tijdschriften, waaronder Oor, Guitar World, De Morgen en Algemeen Dagblad. Tussen 1990 en 1996 was hij muziekjournalist bij Humo en meermaals jurylid van Humo’s Rock Rally. Zijn rockinterviews — met onder meer Dave Grohl, Rage Against The Machine en Robert Plant — verschenen ook in buitenlandse muziekbladen, tot in Japan en de Verenigde Staten. In 2014 nam hij deel aan De Slimste Mens Ter Wereld.
Momenteel zijn nagenoeg alle romans van Peeters opnieuw in druk; nadat hij de rechten ervan opnieuw verwierf, maakte hij ze opnieuw beschikbaar via de website van Pottwal Publishers.
De boeken van Marnix Peeters bevatten allemaal dezelfde magische formule van humor, absurditeit, seks en veel actie. Je verveelt je dus geen moment. Een Nobelprijs zullen ze wellicht niet snel winnen, maar dat vinden oogje en beertje vast geen probleem ...
GEWELDIGGGG !!!! Dit boek gaat over Oogje en Beertje ( die namen alleen al 🤣 ) die verwaarloosd zijn door hun ouders en elkaar leren kennen in een circus waar ze door de ouders werden gedumpt. Ze ontmoeten allerhande mensen en we komen in een leuk avontuur vol ontmoetingen terecht.
Het tiende boek van Peeters. Het eerste boek dat ik van hem lees maar zeker niet het laatste. Dit is echt volledig mijn ding. Hardop gelachen met dit boek en de absurditeit. Die droge humor ( ik ben fan ) en de directheid die doordringt in zijn schrijfstijl. Ik vond het absoluut een topper!!!!
Graag gelezen! Heel origineel, snel en meedogenloos!
Heb al enkele boeken van Marnix gelezen en deze sluit het dichtst aan bij 'De dag dat we Andy zijn arm afzaagden' en dat is een goeie zaak! Natte dozen bvb vond ik toch wel iets minder.
Het doet me ook wel plezier dat het boek zoveel aandacht krijgt! Marnix Peeters is een echte voorvechter van goeie literatuur en ik gun hem alle succes.
Ik geef toe: ik een fan van het eerste uur – vanaf zijn eerste publicatie – van auteur Marnix Peeters. Ik ben weg van zijn hoogst originele schrijfstijl, zijn zwarte humor, de personages die hij tot leven brengt met telkens een scherp uitgediept karakter, de hilarische situaties waarin ze terechtkomen.
Meestal zijn het zwartgallige, marginale personages, gedrochten zelfs, van wie je meteen denkt: zo iemand bestaat toch niet? Ho maar, denk jij maar vlug iets anders!
Het zijn inderdaad niet de doordeweekse Jan Modaal of de onberispelijke buurvrouw waar Peeters over schrijft, maar wel personages met een hoekje – zeg maar een aanzienlijke hoek – af. Zo ook Oogje en Beertje, de hoofdrolspelers van deze roman. Wat een kanjers! Ze beleven de ongelooflijkste avonturen en komen telkens van de regen in de drop terecht. Maar ze laten zich niet op de kop zitten, wel integendeel. Ze redden het wel. Van de personages die ze ontmoeten kan jammer genoeg niet altijd hetzelfde worden gezegd.
De ik-figuur Beertje gedraagt zich als een zwaar puberende tiener met veel fantasie en – zo zegt hij het zelf: “ik ken mijn eigen kracht niet” of: “Ik ben stérk, man”. Dit heeft zo zijn gevolgen! Oogje gedraagt zich zoals elk kind met downsyndroom zich gedraagt, al verrast ze af en toe met haar intelligentie, die zij zelf als vanzelfsprekend ervaart.
Peeters schrijft zoals zijn personages denken. Ellenlange zinnen worden afgewisseld met grappige dialogen en wat het meest opvalt: de ruwe taal en de spitsvondige krachttermen waarmee dit alles doorspekt is. Wat een taaltje! Een mengeling van vunzig en kluchtig, maar altijd trefzeker.
“Ik zeg maar wat, dat is mijn kracht”, zegt Beertje op pagina 61. Je zou kunnen denken dat Marnix Peeters ook zomaar wat schrijft, maar wie tussen de regels van deze road novel leest, weet wel beter. Elk woord, elke zin, elke verhaallijn is gewikt en gewogen.
Nu zou je hier de indruk kunnen krijgen dat Marnix Peeters een grappig sprookje heeft geschreven waarin rare kwieten hilarische situaties beleven. Maar er is veel meer. Dit boek is een regelrechte aanklacht tegen onverantwoord ouderschap, tegen verwaarlozing van kinderen, zowel materieel als psychologisch.
Op pagina 151 legt de auteur deze woorden in de mond van Kenny Reetliker:
“Er wordt moord en brand geschreeuwd als mensen in een impuls een hond kopen die ze een maand later, als het nieuwe eraf is en als blijkt dat hij het in huis blijft doen, aan een boom vastbinden en de wijk nemen, maar niemand vindt het verwerpelijk als men zonder nadenken aan kinderen begint,” legde Kenny uit.
En daar gaat het boek in essentie over. De keuze om kinderen te “nemen” zou geen evidentie mogen zijn. De gevolgen zijn soms vreselijk, ook en vooral voor het kind. En daarmee is alles gezegd.
“OOGJE Het kleine meisje uit de Lange Tafelstraat” is voor mij het beste werk van Peeters tot nu toe. Mogen er nog vele volgen!
Op de achterflap staat 'laverend tussen Boon, Tarantino, Welsh en Uilenspiegel', maar dit boek is eerder het literaire equivalent van een Urbanusstrip. Best amusant, veel viezigheid maar ook een paar originele ideeën, maar veel diepgang moet je niet verwachten.
3,5⭐️ Leest als een trein, vol humor en een ongebreidelde fantasie. En heel visueel, ik zie zo al sommige scènes verfilmd. Maar misschien net iets te weinig verrassend.
Fantastisch verhaal! Super geschreven, gemakkelijk om te lezen, maar toch gecompiceerd. Een verhaal soms te gek voor woorden en zo realistisch dat het echt is. Zeker een aanrader!
Alles is over the top. Twee tieners, eentje achtergelaten en eentje met downsyndroom in een bizarre roadtrip in de randjes van de samenleving (circus, huis van lichte zeden, vervallen huis,...). Referenties naar Brusselmans (in het schetsen van personen) en Elschot (Lijmen). Moeilijk om je in te leven en te identificeren in het verhaal waardoor het geen echte pagetiener is. De schrijfstijl is als vanouds uitmuntend en een genot om te lezen. Vandaar toch 4* Ik ga Peeters zeker nog lezen.
Schandalig goed geschreven zoals steeds. En Oogje is een van zijn mooiste romanfiguren. Waar hij het blijft halen: een raadsel, zijn fantasie is onuitputtelijk en zeer aanstekelijk. Dat de butler het gedaan had wist ik wel al na één bladzijde.
Om maar meteen met de deur in huis te vallen: wat een raar boek heb ik zojuist gelezen. Een bizar verhaal, en ik denk steeds maar: was dit nu een goed boek, of vond ik het zo raar dat ik het toch niet leuk vond? Ik weet het echt niet. Het boek is zeker niet slecht geschreven en een chapeau voor de schrijver die het verhaal heeft bedacht. Voor wie nieuwsgierig is naar dit boek; ga het vooral lezen. Ik ben heel benieuwd naar jouw mening.
Beertje, een jonge jongen wordt door zijn ouders aan het circus verkocht. Daar zijn ouders hem al jaren meer dan zat zijn, het ombrengen van de jongen hen een mogelijke gevangenis straf oplevert besluit zijn vader hem dan maar te verkopen. In het circus ontmoet Beertje het meisje Oogje. Oogje heeft het syndroom van down en lijkt eveneens door haar ouders te zijn gedumpt. De twee kinderen raken aan elkaar gehecht en Beertje neemt Oogje onder zijn hoede. Tot de oude circus directeur zich aan Oogje vergrijpt. En Beertje die zijn eigen krachten niet kent maakt een einde aan het leven van de directeur, en vlucht met Oogje van het circus weg. Maar wat moeten ze dan? Op weg naar, tja... naar wat? Hebben de twee kinderen bijzondere ontmoetingen met vreemde mensen.
Het was inhoudelijk een origineel verhaal, en het is goed geschreven. Ik heb het boek gelezen omdat ik grote fan ben van de columns van Marnix Peeters in De Morgen en benieuwd was naar zijn boeken. Zijn schrijfstijl bevalt mij zeer.
Toch is het boek niet echt mijn dada. Uit de reacties blijkt al dat veel mannen het boek lazen en het is inderdaad een boek dat bij mij, als vrouw, soms een beetje wringt door bepaalde beschrijvingen/manieren van beschrijven. Ik heb bij één passage zelfs gedacht: 'dit wou ik echt niet lezen'. Ik begrijp dat het past bij de macho-schrijfstijl/mannelijke fantasie die geregeld bovendrijft in het verhaal maar mij spreekt dat niet aan, integendeel. Het doet mij toch twijfelen om nog een fictieboek van hem te lezen.
Dit boek was echt hilarisch, grappig, raak, vol wijsheden, humor, absurditeit en heel veel actie! Jammer dat ik het uit heb..
Alleen op het einde vond ik het wat overhaast gaan, ik had graag meer geweten over waarom in een bos te wonen en hoe ze daar verder leefden. Het einde waarin alle figuren nog eens langskomen was ontroerend, maar ook nogal er doorheen racend?
Dolkomisch en toch worden zware onderwerpen aangesneden (bv. aanranding & mensen die kinderen krijgen zonder hun verantwoordelijkheid op te nemen). De meest random ontmoetingen houden in hun absurditeit toch steek.
Een heel specifiek genre, dat me wel kan bekoren als afwisseling van zware onderwerpen of romans.
Ik had er iets meer van verwacht. Vaak te warrig, soms te kwansuis. Ik hou van zijn taalgebruik, al loert Herman Brusselmans iets te vaak en iets te dicht van achter het hoekje. Soms toch. Kwansuis. Maar ik blijf fan. Ook van HB.
Een gekke mix van absurditeit, van-de-pot-gerukte personages, seks en bloed. Ook nog eens aanstekelijk geschreven én schitterend ingesproken op Storytel door Roel Van Kerckhoven!