In Veldwerk verzamelt Bernke Klein Zandvoort gegevens over haar relatie met de wereld. Ze neemt monsters van de blikken tussen mensen, bekijkt het verleden in vitrines en dan weer midden op straat, observeert de bedrading van onze lichamen en sociale verbanden, ontleedt de lagen waaruit haar eigen denken is opgebouwd. Steeds is haar vraag: hoe nemen we de wereld waar en welke rol spelen we zelf als actieve makers van die beelden?
met je lijf als een vuurtoren kan je je uitademing ver van je af zien gaan tot de inademing je weer verzameld zoals golven elkaar komen ophalen aan het strand
dat is waarom mensen aan zee de tijd kwijtraken’
‘doen we met onze ogen dan niets anders / dan het bijeenknipperen van een stromende werkelijkheid?’
Heel veel moois, maar een paar gedichten die ik wat minder vond. + gelezen met studenten in de eerste schrijfles die ik ooit gaf, dus lees hun enthousiaste interpretaties er nu steeds in mee
Ach, wat vond ik dit een leuke bundel om te lezen! Ten eerste vind ik de vormgeving van dit boek echt heel mooi en dat is juist ook wat me meteen aantrok toen ik het zag liggen in de boekenwinkel. Deze vormgeving is ook een resultaat van de manier waarop de bundel in elkaar zit. Gedichten hebben wel een titel, maar deze bevindt zich naast het paginanummer. Hierdoor vloeien de gedichten heel mooi in elkaar over alsof het een verhaal is wat opgebouwd is uit gedichten naast allemaal losse stukken tekst. Door middel van soortgelijke thema's of terugkomende motieven wordt dit ook duidelijk. Er is geen specifiek begin of einde van een thema of motief, waardoor alles in elkaar over lijkt te vloeien van begin tot einde. Sommige mensen kunnen dat onoverzichtelijk noemen, ik vind het erg over het algemeen samenhangend aanvoelen en dus ook erg sterk.
Door de vormgeving wordt er ook veel gespeeld met de vorm van de gedichten en hoe ze op de pagina's en in het boek staan. Lange gedichten, korte gedichten en vaak ook enkele zinnen staan afwisselend van elkaar op de pagina's. Deze afwisseling zorgt ervoor dat ik heel graag de pagina om wil slaan om te zien wat er nu staat. De gedichten zelf zijn namelijk ook heel mooi geschreven, ik heb op meerdere punten in het boek gedacht dat de zin die ik op dat moment las wel de mooiste in de bundel moet zijn, maar vaak had ik het fout.
In het eerste gedicht schrijft Zandvoort: 'soms ben ik bang dat metaforen de werkelijkheid verdunnen.' Deze zin heeft ze blijkbaar ten harte genomen, want in bijna geen enkel gedicht had ik het idee dat het nu wel too much was geweest met de metaforen (afgezien van misschien 1 of 2 gevallen, maar niet iedereen is perfect I guess). Er staan heel veel hele mooie gedichten en hele hele mooie fragmenten in deze bundel en ik raad het iedereen aan om te lezen!
Hier een paar van mijn favoriete stukjes:
"landschap a) dat wat in alle richtingen blijft ontstaan als de langgerekte gaap van een kat die het laatste beetje nacht uit zn poten duwt"
"zou het uit bescherming zijn dat onze ogen niet in 360 graden rond ons hoofd zijn geëvolueerd?"
"- ook deze dag eindigt vanzelf als de ring volloopt, naar de andere kant, ook vanavond ligt de stad weer in hoopjes kleren naast het bed"
Je merkt gewoon dat er goed nagedacht is over deze bundel. Niets is overbodig, alles staat in verband met elkaar - zelfs oneliners waar ik op het eerste gezicht het nut niet zo van zag, kregen verderop in de bundel toch hun plek. Ik begreep niet alle beelden in de gedichten, maar dat is ook niet nodig om te kunnen genieten van wat hier geschreven staat.
Ik weet nooit zeker of ik iemand ben die gedichten begrijpt, maar soms lees ik iets dat me raakt en onder mijn huid kruipt en denk ik ja, dit begrijpt mijn lichaam. Deze bundel deed precies dat met me.