Toen Couperus begin 1893 voor de eerste maal Florence bezocht voelde hij zich daar onmiddellijk thuis. Ruim twintig jaar lang zou hij regelmatig terugkeren naar deze 'Blanke Stad van de Lelie', die zijn grote liefde werd. Hier, zo geloofde hij, had hij in een eerder leven voortbestaan, als Florentijn ten tijde van de Medici's, aan het hof van Lorenzo Il Magnifico. De stad met haar vele kunstschatten binnen en buiten de kerken en paleizen was voor hem één groot openluchtmuseum, waarin van alles te genieten viel. Met zijn levendige verbeelding kon Couperus, dwalend door Florence, moeiteloos vizioenen uit het verleden oproepen en zichzelf daarin wegdromen. Op zijn eigen karakteristieke wijze heeft Couperus zijn indrukken van Florence in een aantal gedichten, novellen en opstellen verbeeld. Een tiental stukken bundelde hij in 1912 onder de titel 'Florence' in het eerste deel van 'Uit blanke steden onder blauwe lucht'. Voorzien van foto's uit de tijd dat de schetsen werden geschreven zijn ze hier integraal heruitgegeven. In het voetspoor van Couperus kan de hedendaagse reiziger in Florence deze bundel gebruiken om, dwalend aan zijn hand, driekwart eeuw later te genieten van al wat de stad haar bezoekers te bieden heeft. Want hoewel Florence zich in de loop der jaren natuurlijk gemoderniseerd heeft - reeds Couperus moest onwillig aanzien hoe ze in de twintig jaren dat hij haar bezocht, van ingeslapen provinciestad veranderde in een druk toeristenoord - en het aantal bezoekers zich heeft verveelvoudigd, is er au fond niet veel veranderd. Niet alleen staan de kerken en paleizen nog steeds op hun zelfde plaats en werd aan hun kunstschatten slechts gerestaureerd, maar ook het hotel van Couperus bestaat nog, Pensione Fiorentina, compleet met hangende tuin, in het Palazzo Niccolini aan de Via dei Fossi, en bij Gilli op de Piazza della Republica kan men, in gezelschap van de 'Jongens van Florence' nog altijd taartjes eten.
Louis Marie-Anne Couperus (June 10, 1863 – July 16, 1923) was a Dutch novelist and poet of the late 19th and early 20th century. He is usually considered one of the foremost figures in Dutch literature.