DE vorige eeuwen hebben op haar Amazonen gepraald, en zo veel werks daar af gemaakt, dat de Wereld by na geen plaats en heeft, die daar niet af weet te spreken; en zeker niet t'onrecht: want het is wat ongemeens een geslacht, het geen zo geweldig reder is, en dat de natuur alleenlyk geschapen schynt te hebben, om door een kwynende lieftaligheyd en andere aanlokselen de mannen te bekoren, de ruwe oeffeningen van den Oorlogs-God te zien waarnemen. Deze Stam, die haar vermaardigheyd een reeks van zo vele honderden van jaren behouden heeft, is noit zo t' eenemaal uitgestorven geweest, of men heeft nog nu en dan Telgen daar af gevonden, die zig in eenige gelegentheyd met een mannelyke dapperheyd gedragen hebben. Haarlem, en meer andere Steden, om niet buiten onze Landpalen te springen, konnen daar getuigenis af geven, alwaar de vrouwen getoond hebben, dat zy liever een roemwaardige dood sterven, als onder 't Spaansche Jok wilden zugten.
Books can be attributed to "Anonymous" for several reasons:
* They are officially published under that name * They are traditional stories not attributed to a specific author * They are religious texts not generally attributed to a specific author
Books whose authorship is merely uncertain should be attributed to Unknown.
Nooit gedacht dat er in de zeventiende eeuw dit soort verhalen werden geschreven. Een vrouw, die al haar hele leven het gevoel heeft in een verkeerd lichaam te zijn geboren, vermomt zich als man en beleeft in de landmacht en bij de marine de meest wonderlijke avonturen, wordt beroofd, ontvoerd, ontsnapt, heeft een lesbische affaire, wordt vervolgd, ontdekt en uiteindelijk geprezen voor haar heldenmoed. De anonieme schrijver heeft niet alleen een hilarische pen, maar ook oog voor details. Zij (of hij?) beschrijft het gevoelsleven van de heldin heel scherp en bedenkt knappe listen en grappen. Helaas nog niet beschikbaar in een moderne hertaling, maar wel als epub te downloaden van dbnl.org in het Nederlands van ca. 1700
“‘k Hoop ook, dat de tyd noch eens gebooren zal worden, dat ik my in staet sien sal van myn leven op ‘t Bed van Eer te komen eindigen, op dat myn Tyds genooten zullen mogen getuigen, dat de dapperheyd, indien niet altyd, ten minsten by wylen, zo wel onder ‘t Vrouwelyk als onder ‘t Mannelyk geslagt te vinden is.”