De verhalen in Het water vangen zijn speels en zwierig, licht en zwaar, en de personages passen altijd net niet in de wereld die ze bewonen. Een jonge vrouw is ervan overtuigd dat ze zwanger is van een dolfijn, Adorabelle hoort de tweede oerknal, die in haar oor verder echoot, een meisje vermoordt per ongeluk haar kip en de jonge asielzoeker met buigzame hoop is nergens veilig.
Het water vangen is een troostrijk debuut over de hunkering naar verbinding, over pijn die je het liefst met nog meer pijn bestrijdt en over water natuurlijk.
Het openingsverhaal vond ik schitterend: een meisje voelt zich schuldig over de dood van haar favoriete kip. Eenvoudig, lichtvoetig en o zo broos ineen. Gekunsteld, dat ook. En waar dat in één verhaal nieuw voelt, wordt het al snel storend.
Zoals ik wel eerder heb vermeld, heb ik een haat-liefde verhouding met korte verhalen bundels. De meeste bundels hebben maar een paar verhalen die me weten te raken, ofwel met het plot ofwel met de personages. Met Het water vangen heeft Lies Gallez me zeker geraakt. Haar verhalenbundel was precies zoals de samenvatting beschrijft: speels en zwierig, maar bevat ook zeker een bepaalde donkerte die de verhalen een ongemakkelijk randje geven. De verhalen waren heel divers, waardoor het me met elk verhaal weer wist te verrassen!
De verhalen in Het water vangen voelden voor mij als dromen: ze zijn realistisch, maar weten je toch dat wollige surrealistische gevoel te geven waarmee je wakker wordt na gedroomd te hebben. Gedurende de dag na het lezen van een verhaal in deze bundel vroeg ik me op momenten af of een bepaalde herinnering nu een droom was, of een verhaal van Lies Gallez.
Op mijn boekenblog lees je mijn hele recensie van Het water vangen.
* Ik heb een recensie-exemplaar gekregen in ruil voor promotie en een eerlijke recensie.
Nadat Lies over haar ervaringen als OKAN-leerkracht was komen vertellen, was ik benieuwd naar haar boek vol verhalen van mensen die net niet in onze maatschappij passen.
De eerste verhalen van het boek lieten zich vlot lezen. Ook al was ik voortdurend op zoek naar de rode draad, toch kon ik er nog van genieten.
Eens aanbeland bij het verhaal over Omar werd ik echt even stil. Dat was niet zomaar het volgende verhaal in de rij, maar een waargebeurd verhaal waarin de auteur een belangrijke rol speelt. Op een heel empathische manier laat ze de lezer het lot van Omar mee beleven. Het liet me niet onbewogen.
Hoe verder in het boek ik kwam hoe meer ik verward was. Zag ik de rode draad niet of zocht ik net te veel naar een duidelijke link tussen alle verhalen? Waren alle verhalen autobiografisch? En wat schuilt er achter de verhalen die de auteur aan ons toevertrouwt?
Ook al was het boek vlot geschreven en kon ik bij momenten genieten van heel poëtische taal, toch heb ik mezelf steeds moeten overtuigen om verder te lezen. De verhalen vond ik erg verwarrend waardoor ik dreigde af te haken. Misschien zijn verhalenbundels ook niet echt mijn ding?
Weer vooral een aardige bundel – een verhalenbundel is vaak geen verzameling gelijkwaardige verhalen, en het is dan ook de afwisseling waardoor ze vele mensen kunnen aanspreken (als die toch eens de moeite namen dit ondergewaardeerde genre op te pakken). Een erg goede verhalenbundel is natuurlijk een bundel met voornamelijk goede tot fenomenale verhalen; dat is 'Het water vangen' helaas niet, maar de reeks verhalen in het deel 'Drijven' zijn echt fenomenaal en het alleen al waard deze bundel ergens te pakken te krijgen (en wellicht enkel deze te lezen, maar dan mis je ook een hoop).
‘Daar kom ik later op terug’ en ‘Voordat ik verder ga eerst dit’ komt regelmatig terug in de korte verhaaltjes en dat vind ik zo irritant! Het leidt af en zo kom je niet lekker in het verhaal. Ik vind het vooral vaag en ook een beetje maf geschreven. Er wordt veel gezegd, maar het zegt mij niets.
Er zitten goede stukken in, zoals in Drijven en Hier begint de zee. Maar ik kon er voor de rest heel weinig mee. Dit boek heb ik halverwege bijna weggelegd om nooit maar op te pakken, maar het is toch gelukt om het helemaal uit te lezen (schouderklopje voor mij). Het mag duidelijk zijn: geen boek voor mij.
“De waarheid is soms dat je iemand wilt afschermen van de werkelijkheid. Dat je er je beide handen boven wilt houden als een dakje waarop ook de regen afketst.”
“‘Ja,’ antwoord ik met een smiley 🙂. Gelukkig hoef ik dat nu zelf niet te doen: glimlachen.”
“Het eerste wat wij volgens mij in dit leven leren, is om ons geslacht te zijn. En wat gebeurt er met de mensen die geen lidmaatschapskaart willen hebben, of er twee willen bijvoorbeeld?”
“Er zijn lichamelijke verschillen tussen meisjes en jongens die wij voor elkaar moeten verbergen onder kleren. maar ook door wat we doen, leuk vinden, zeggen en niet zeggen, behoorden we tot de categorie ‘de meisjes’ of ‘de jongens’.
‘Ik vraag me hier tussen haakjes af hoe je kunt weten wanneer je eindelijk jezelf geworden bent. Hoe weet je wanneer je lichaam je eindelijk past, zoals bijvoorbeeld je lievelingsjas?’
3,5 - Prachtige bundel, maar ik vond het nét wat te veel verhalen. In het begin is de manier van schrijven heel nieuw en verrassend (vond het openingsverhaal ook echt prachtig), maar het ging me vooral naar het einde toe een beetje vervelen.
Ik lees nauwelijks verhalenbundels en ik snap ook wel waarom: er zijn altijd een paar parels die veel te snel afgelopen zijn, maar helaas zijn er ook verhalen waar je niet mee klikt.
Het verhaal over Omar vond ik in ieder geval prachtig!
Ik vond het ook mooi hoe bepaalde motieven en details terugkwamen in verschillende verhalen.
Wat mij vooral opviel is dat het verhaal rond de vluchteling ‘O’ helemaal anders is qua stijl dan de andere verhalen in het boek, en er dus eigenlijk niet echt bij past. De overige vertellingen bevatten veel gelijkaardige elementen en zijn doorweven van nostalgie en dromerigheid, terwijl dat rond Omar net heel rauw en realistisch is. Toch vond ik beide stromingen goed, er is veel om van te houden bij Lies Gallez, en ik ben eigenlijk wel benieuwd om meer van haar werk te ontdekken.
Verhalenbundel met een paar pareltjes (Omar!) en wat verwarrende onsamenhangende verhalen met continu een doorbreking van mijn leesplezier door opmerkingen als: “voor we verdergaan nog dit” / “daar kom ik nog op terug”. Ik was vooral de hele tijd op zoek naar een rode draad die ik uiteindelijk niet heb gevonden.
De verhalen in het midden over een asielzoeker vind ik het beste, wat daarna komt ook, maar het begin en het einde is me iets te surrealistisch (hoewel ik daar over het algemeen geen bezwaar tegen heb).
Eerste boek van een leeszomer, en voelde als het perfecte boek. Heel gevoelig en mooi (en veel blauw). Ben wel benieuwd hoe een roman van haar zou zijn, sommige verhalen vielen nu wat mij betreft te vaak in herhaling.
Na deze verhalenbundel weet ik nog altijd niet hoe en of ik het water moet vangen. Moet ik het vasthouden of het water weggeven? Wat ik wel weet, is dat ik het boek het liefst vast wil houden, opnieuw wil lezen en wil wonen in de dromerige zinnen. (Dit specifieke exemplaar moet helaas terug naar de bieb, anders wacht een boete. Maar. Op het lijstje voor mijn verjaardag.)
De personages staan door de stijl sterk op zichzelf en context ontbreekt dikwijls. Dat moet de lezer liggen of niet. Dat geldt eveneens voor de gedachtesprongen die elkaar niet altijd logisch opvolgen. Heb je de eerste alinea gelezen, dan moge duidelijk zijn dat ik daar een groot fan van ben!
DnF. Niet voor mij helaas. De verhalen zijn absurdistisch en proberen gekke, menselijke gevoelens neer te zetten, maar ze raken me niet door het afstandelijke perspectief. De ontknopingen in het plot zijn weinig zeggend.
Soms praat ik over jou alsof je nog leeft, en ben ik blij dat jij dat in mijn gedachten nog altijd doet. Want tijd is een ster, en jij hebt je daar bijgevoegd.