s-Gravendeel, 1953. Sara Groeneveld overleeft als door een wonder de watersnood. Haar moeder is echter voor haar ogen meegesleurd door het kolkende water. Sara wordt met haar dochtertje Ellie ondergebracht in de Ahoy-hal in Rotterdam, samen met vele andere vluchtelingen. Hier sluit ze vriendschap met de stuurse verpleegster Catharina uit Dordrecht. Vlak voor de noodlottige nacht heeft Sara een houtskooltekening gevonden, weggeborgen in een la. ‘Saartje en haar moeder’ staat erop. Maar de vrouw lijkt niet op haar moeder. Wie was zij dan wel? En waar is haar echte moeder?
Springtij van Femke Roobol is een aangrijpend verhaal over Sara, die langzaam tot de conclusie komt dat ze haar eigen levensverhaal opnieuw moet invullen, zowel haar verleden als haar toekomst.
De twee verhaallijnen maken het boek spannend om te lezen. Wel blijven er wat losse eindjes over. Heel interessant is de verwerking van de historische gebeurtenissen, waarnaar de schrijfster grondig onderzoek heeft gedaan.
Op zich een aardig thema maar ik heb het boek, na ongeveer een derde te hebben doorgeworsteld, weggelegd omdat ik me vreselijk ergerde aan de vele gebeurtenissen die gewoon onmogelijk waren. Ik zat continu maar te denken, 'ja, pff, dat kán helemaal niet, wat een nonsens'. Zoals bij voorbeeld de beknelling van een arbeider onder een steen: Het duurt een hele tijd voordat de dokter erbij is, allicht, in die tijd kon het allemaal niet zo snel, maar dan ligt die man nog steeds onder de steen. De dokter geeft dan opdracht om met een kraan de steen weg te tillen. Fijne collega's die zelf blijkbaar nog niet op dat idee waren gekomen. De arme man heeft z'n been lelijk gebroken, hoe nu te vervoeren? En goh, het tienermeisje bedenkt dat dat wel op een deur kan. Wat knap! De arts of al die arbeiders bedenken dat niet? Hoe er dan verteld wordt dat hij wordt vervoerd, tenenkrommend. Dan wordt hij het café binnengedragen, van de deur afgetild, eerst op de grond, vervolgens op de tafel gelegd. Niemand kwam op het idee om de deur met patiënt op de tafel te leggen? Als je een gebroken been hebt ga je door een hel als je verplaatst moet worden, maar Luigi jammert of schreeuwt niet hoor. Alleen bij het terugzetten van het bot schreeuwt hij 'Madonna. Porca miseria!' Na het spalken zegt hij dat hij het nu goed voelt en dat hij wil gaan werken. Een echte held! Hierna haakte ik af. Ik had me vanaf de eerste bladzijde al zitten ergeren aan dat soort fouten, het boek staat er vól mee.
Ik heb dit boek impulsief gekocht na een indrukwekkend bezoek aan het Watersnoodmuseum (een museum die ik iedereen kan aanraden ooit te bezoeken!) en begon eraan zonder te weten waar het precies over ging. Of thans, zonder iets over het verhaal te weten buiten het feit dat de Watersnoodramp een belangrijke gebeurtenis was.
Het boek las als een trein, met twee verhaallijnen die elkaar afwisselen en telkens op een cliffhanger stoppen (zeker die uit ‘53, maar later ook die uit ‘32). Femke Roobol maakt het zo ontzettend moeilijk om het neer te leggen, maar dat is enkel hulde aan haar. Ik vind het jammer nu het prachtige einde bereikt te hebben en zou het zeker iedereen aanraden te lezen als deze premise je interesseert!
Vond het een erg leuk boek. Twee verhaallijnen die in een historische setting naar elkaar kruipen. Er kwam een punt dat ik gewoon wilde weten hoe het nu precies zat en afliep. Het heeft een goed einde, maar deen sprookjes einde en dat is eigenlijk ook goed. Wel blijf je met vragen hangen over hoe de meest historische verhaallijn verder is gegaan om te eindigen in het heden. Misschien optie voor vervolg Of toch gevalletje lat de lezer de vrjheid van verzinnen (ook goed trouwens) Op naar het volgende boek. Eerlijk is eerlijk het is een schrijfste die heerlijk wegleest Ideaal voor ontspanning, maar met historische contex