Interessante toekomstroman van een jonge Nederlandse schrijver, die een andere invalshoek kiest dan de meeste schrijvers in dit genre. Want, is dit een dystopie, een utopie of iets ertussenin? Het gaat hier niet om de klimaatcrisis of wrede dictaturen. Maar om een subtieler verhaal.
Een klein staatje bestaand uit een stad, Stokerdam (dat erg op Rotterdam lijkt), kiest voor sociaal beleid. Beleid met de beste bedoelingen dat een aantrekkingskracht heeft voor de hele wereld. Maar dat ook te ver door kan schieten. Dat vraagt om je geheel sociaal wenselijk te gedragen en als dat niet lukt, je letterlijk een spiegel voor houdt. Het draait om politiek en illusie, vluchteling en toerist, excellente burger en buitenbeentje.
Het begin vond ik een beetje moeizaam. Er is ook wel wat op de stijl aan te merken. Maar toen het verhaal vorderde, greep het me en vielen steeds meer dingen op zijn plek. Het heeft spanning, is slim opgebouwd en heeft een mooie balans tussen dingen die vertrouwd en vreemd zijn. Door dat laatste raak je niet de draad kwijt, maar blijft het verrassen. De keuze voor Norah als hoofdpersoon, iemand die als kind Stokerdam heeft verlaten en nu terugkeert, werkt daarbij goed.