Dit boek probeert economische termen en problemen op een makkelijke manier uit te leggen. Economische processen worden uitgelegd in simpele taal en aan de hand van alledaagse analogieen. Enerzijds is het geweldig dat er schrijvers zijn die het lukt om lastige materie voor veel mensen toegankelijk te maken. Maar anderzijds is het juist deze eenvoud die maakt dat ik het lastig vind om zijn conclusies te onderschrijven. Bij veel onderwerpen missen namelijk fundamentele factoren die het plaatje (en de conclusie) aanmerkelijk zouden beinvloeden.
Zeker in het eerste deel van het boek, waar de werking van de vrije markt wordt beschreven, missen verwijzingen naar milieuimpact, landbouwsubsidies, de invloed van reclame, de inkoopmacht van grote afnemers, uitputting van grondstoffen; dit maakt dat ik bij al zijn conclusies (want die trekt hij tussendoor veelvuldig, op basis van zijn redeneringen) een grote 'ja, maar' voel, en daarmee frustratie. Dit is waarschijnlijk de prijs die je moet betalen voor het vereenvoudigen van problemen.
Andere conclusies lijkt hij te trekken na geen of nauwelijks 'bewijsvoering', waardoor hele pagina's voortbouwen op aannames die ik niet aannemelijk vind (bijvoorbeeld: koffieboeren in verre landen hebben altijd een vrije keuze om hun leven anders in te richten). Ook het idee dat leningen in principe het spaargeld van een ander zijn dat door banken worden uitgeleend wordt ergens in het boek wel ontkracht (geld wordt gecreeerd door banken) maar later in het boek toch weer als aanname gebruikt. Ook vind ik hem weinig kritisch naar het systeem en het vakgebied, terwijl zijn vragen daar toch best aanleiding toe geven.
Het boek is wel interessant, maar laat me, door zijn conclusies gebaseerd op een vaak onvolledige redenatie, wel achter met een onbevredigend gevoel.