Vijay Prashad is an Indian Marxist historian, journalist, political commentator, and editor. He is the executive director of the Tricontinental Institute for Social Research, editor of LeftWord Books, writing fellow and chief correspondent at Globetrotter, and a senior non-resident fellow at the Renmin University of China's Chongyang Institute for Financial Studies. Prashad is known for his criticisms of capitalism, neocolonialism, American exceptionalism, and Western imperialism, and his support for communism and the Global South.
He attended The Doon School as a child. He records that he was subjected to violent rape in his early teens while at school. He received a BA from Pomona College in 1989 as well as a PhD from the University of Chicago in 1994, writing a dissertation under the supervision of Bernard Cohn.
He was the George and Martha Kellner Chair in South Asian History and a professor of international studies at Trinity College in Hartford, Connecticut, from 1996 to 2017.
He also has provided political commentary for Monthly Review and Salon. He has had three articles published in The Nation. With Tings Chak he edits the international edition of the Chinese journal Wenhua Zongheng.
He is an advisory board member of the US Campaign for the Academic and Cultural Boycott of Israel, part of the Boycott, Divestment and Sanctions (BDS) movement,[26] and co-founder of the Forum of Indian Leftists (FOIL).
Elke keer wanneer de VS pleiten voor sancties of militaire interventie om “mensenrechten te beschermen”, weet je dat er ergens geld te rapen valt voor Amerikaanse multinationals. Vijay Prashad heeft betrouwbare credentials, maar ik mis toch wel wat voetnoten en literatuurverwijzingen, die volledig ontbreken.
Vijay Prashad schetst vlot leesbaar (en goed vertaald) hoe het de landen in het Zuiden is verlopen na de Tweede Wereldoorlog. Dat is in de eerste plaats een eindeloos verhaal van Amerikaanse inmenging, coups, moorden (soms op bijzonder grote schaal), financieel-economische chantage en samenwerkingen met de meest reactionaire en brutale politieke krachten. Doorgaans met de volle steun van de andere Westerse landen.
Prashads basisstelling is dat het helemaal niet de Koude Oorlog was, die de VS er toe aanzette om keer op keer linkse regeringen voetje te lichten. De Sovjetaanwezigheid was vaak beperkt. Het was eerder omgekeerd. De Koude Oorlog bleek de perfecte smoes om de eigen wereldwijde economische belangen te beschermen en te versterken. Keer op keer bleken die belangen verweven met die van plaatselijke oligarchen. En keer op keer moesten democratische krachten en linkse volksbewegingen het ontgelden.
Veelzeggend is de Amerikaanse steun in 1956 aan het Saoudische regime bij het neerslaan van opstanden van de arbeiders van de olieraffinaderijen. Zelfs in Saoudi-Arabië waren er in die tijd syndicalisten, socialisten en communisten. Dat is: voor ze met de hulp van het Westen in de gevangenis verdwenen, of werden gedood ... Het verhaal is een opmaat voor de VS-politiek om vanaf de jaren zestig - en via Saoudi-Arabië - volop in te zetten op de antisocialistische en anticommunistische politieke islam.
Een heel boek lang zijn de illustraties treffend, en aangrijpend. Dit is een boek geschreven om je kwaad te maken: Guatemala, Zuid-Korea, Congo, Chili, Burkina Faso, Indonesië, Vietnam, Somalië, Haïti, Grenada, Irak, Afghanistan ... Elke keer er democratische, breed gesteunde, linkse hervormers de kop op staken, werden de CIA en (later) het IMF er op afgestuurd. Leid(st)ers eindigden verbannen, vermoord of achter de tralies. Wanhoop kwam in de plaats van hoop.
Dit boek herinnert aan het vaak vergeten inzicht dat de VS het gevaarlijkste land op Aarde is. Een belangrijke les om de komende tien jaren vol internationale spanningen door te komen. Tja, wat doet België eigenlijk nog in de NAVO?