Op het hoogtepunt van de Gouden Eeuw maakte de Toscaanse kroonprins Cosimo de’ Medici tweemaal een reis naar het Nederland van Rembrandt, Johan de Witt, Willem III en Michiel de Ruyter. Omdat er een verslag bestaat waarin die reizen van dag tot dag worden beschreven kunnen we een idee krijgen van hoe ons land er toen voor vreemden uitzag. Maar het verslag roept ook vragen op. Wat kwam een door en door katholieke prins doen in het ketterse Nederland? Waarom kwam hij telkens zonder zijn beminde, Marguerite d’Orléans, het nichtje van de Zonnekoning? En waarom wordt een belangrijke ontmoeting volkomen verzwegen?
Op zoek naar antwoorden wendde Luuc Kooijmans zich tot een onbekende medereiziger. Door die reiziger te volgen in de straten en kroegen van Amsterdam en in de zalen en slaapkamers van de Medici in Florence kreeg hij een verrassend zicht op de twee werelden die samenkwamen toen Cosimo in december 1667 aan wal stapte op de Amsterdamse Keizersgracht.
Historicus Luuc Kooijmans (1956) heeft veelvuldig bewezen dat hij een complexe geschiedenis helder en indringend kan vertellen. Hij is auteur van boeken die niet alleen lof hebben geoogst in wetenschappelijke kringen, maar ook door een breder publiek worden gewaardeerd. In 2008 werd Gevaarlijke kennis bekroond met de Grote Geschiedenis Prijs en met de Greshoffprijs van de Jan Campert Stichting. Hij schreef daarnaast onder meer De doodskunstenaar, Het orakel en De geest van Boerhaave. In 2004 ontving hij van het Prins Bernhard Cultuurfonds een oeuvreprijs op het terrein van de geesteswetenschappen. Zijn werk werd vertaald in het Engels, Russisch en Pools.
Als specialist in het 17de-eeuwse Florentijnse hofleven, was dit boek voor mij een feest om te lezen. Het is ontzettend goed en volgens mij ook met veel plezier geschreven. Een (naar ik aanneem) fictief hoofdpersonage, met half-Nederlandse wortels, groeit op in Livorno en krijgt uiteindelijk contacten aan het Florentijnse hof bij de Accademia del Cimento, een academie waar empirische wetenschap wordt bedreven, voor die tijd nog uniek. Alles draait op dat moment om de ontdekkingen van Galileo en de kring om hem heen, die door groothertog Ferdinando II de' Medici en kardinaal Leopoldo de' Medici aangemoedigd worden. Zoals bekend door het pauselijk hof niet en Galileo verkeert tijdens het leven van de fictieve hoofdpersoon reeds in ballingsschap. Het boek begint met een van de reizen van Cosimo III de' Medici (de zoon van Ferdinando II) naar Nederland, in 1668, waar onze half-Nederlandse hoofdpersoon in de entourage mee mag reizen en hiervan op informele manier verslag doet. Vervolgens gaat het boek terug in de tijd en vanaf 1654 tot 1675 zien we het leven van de hoofdpersoon voorbij komen, waarin hij in contact stond met veel in die tijd beroemde wetenschappers, zoals Lorenzo Magalotti, Vincenzo Viviani, Francesco Redi, Alessandro Segni, Niels Stensen en Jan Swammerdam.
De levensloop van de hoofdpersoon loopt niet zoals gehoopt en de vrouw met wie hij dolgraag wil trouwen verblijft in Florence, terwijl hij naarstig probeert zijn eigen status op te hogen, zodat hij het waard is om met haar te trouwen. Daarbij begaat hij een stommiteit, waardoor alles van kwaad tot erger gaat en ook hij in ballingschap belandt, in Nederland! Het is leuk verzonnen door Kooijmans en het houdt de vaart in het boek. Eigenlijk lijkt de hoofdpersoon de enige verzonnen persoon te zijn, alle andere personages hebben voor zover ik kan nagaan echt bestaan. Velen ervan komen zelfs voor in mijn eigen proefschrift en het was leuk om ze nu van een andere kant mee te maken. Wat Kooijmans heeft toegevoegd zijn gevoelens en gedragingen, zodat het allemaal levende personages zijn geworden. Wat echter ontbreekt in zijn boek (maar het is dan ook geen wetenschappelijk boek) is een beknopte bronvermelding. Die had ik er toch wel graag bij gezien. Het is totaal onduidelijk waar hij zijn informatie vandaan heeft gehaald, terwijl bijvoorbeeld Stefan Hertmans bij zijn historische romans hier vaak wel duidelijk over is, in elk geval over de hoofdwerken die hij raadpleegde. Desalniettemin is 'Cosimo aan de Keizersgracht' een zeer fijn boek om te lezen.
Bijzonder boek over Italiaanse wetenschappers in de 17e eeuw. Deels speelt het in Holland, leuk om te lezen hoe buitenlanders tegen Holland aankeken. Deels in Italië, de intriges aan het hof en in Florence worden beschreven, als ook de strijd tussen de wetenschap en het geloof, bijv de bestraffing van een genie als Galilei wegens godslastering. Het boek leest heel fijn, maar gaat soms iets te lang door op een onderwerp.
Cosimo aan de Keizersgracht is een bijzonder boek, het vertelt heel veel over het leven van Cosimo, de wetenschappers van die tijd, waar het vooral om Galileo draait. Galileo was een Italiaans natuurkundige, astronoom, wiskundige en filosoof. Hij was hoogleraar in Pisa (1589-1592) en Padua (1592-1610). Cosimo III, was groothertog van Toscane van 1670 tot zijn dood. Hij kwam uit het oude bankiersgeslacht de’ Medici en behoorde tot de rijkste mannen in Europa. Hij had grote belangstelling voor botanie, de classificatie van planten en dieren, en richtte zijn villa’s in alleen maar stillevens, waarop bomen, planten en bloemen waren afgebeeld, die tevens in zijn tuin groeiden.
In het boek gaat het over de reizen van Cosimo naar Nederland, toen nog een Republiek genoemd. Tijdens de eerste reis verbleef hij aan de Keizersgracht. Hij bezocht en bestudeerde velen dingen, zoals de bedijking, en veel schilders werk. Zo ontmoette hij bij zijn tweede reis Rembrandt.
Wat nu het boek zo bijzonder maakt is, dat we de levens van Galileo en Cosimo leren kennen via een fictief persoon waarvan we de naam schuldig moeten blijven. Het enige wat we weten is dat hij meereisde in het gezelschap van Cosimo, half Nederlands was, en redelijk goed Nederlands sprak, en van schrijven hield. Met deze persoon beleven we de reizen naar Nederland, raken we in Ballingschap etc.
De auteur laat de lezer op een bijzondere manier kennis maken met de personen uit de wereldgeschiedenis. Het was wel even wennen, je hebt toch de neiging te willen weten wie nu het verhaal verteld. Het maakte echter ook dat verhaal niet saai en stoffig was, maar redelijk vlot leesbaar. Al werd er op sommige punten voor het gevoel wel erg lang er op in gegaan. Dat had met minder woorden etc. ook duidelijk geweest.
Samengevat : Een verhaal dat vertelt, word door een fictie figuur. Deze verzonnen persoon weet op een interessante manier de geschiedenis van de wetenschap rond Galileo en de geschiedenis van de Kroonprins van Toscane Cosimo III te vertellen. Zeker niet een boek die iedereen zal lezen, maar voor de geschiedenisliefhebber zeker een boeiend boek.
Over de intriges aan het Florentijnse hof van Cosimo II de'Medici. Met uitstapjes naar geleerden zoals Galilei, Swammerdam en Niels Stensen. Wel leerzaam, tikje langdradig.
Sinds lange tijd geen historische roman meer gelezen en dit was geen goeie binnenkomer. Wellicht is het mijn gebrek aan ervaring met het genre, maar ik heb niet zo veel van kunnen genieten als ik had gehoopt.