Op 14 januari 1933, midden in de crisisjaren, dook de negentienjarige Lou Vlasblom van een bekende spoorbrug in Rotterdam. Hij zette zich af op de duizelingwekkende hoogte van 67 meter, maakte een lange duikvlucht met twee salto’s en kwam heelhuids in het water terecht. Talloze verslaggevers, columnisten en schrijvers probeerden zijn motieven te duiden, kenden een symbolische betekenis toe aan de sprong. Zo werd een stofwolk van hele en halve waarheden opgetrokken waarin een uniek stadsverhaal vorm kreeg: De jongen die van De Hef dook.
An okay book if you like Rotterdam and parts of the history of Rotterdam. I do have to say that the book could have been written in a better way and not so dry as is now.
Wat een fijn boek om te lezen als je van Rotterdam houdt. En zeker als je geïnteresseerd bent in de geschiedenis van de stad. Het verhaal gaat over meer dan alleen Lou. De schrijver weet aan de hand van de duik van De Hef (laat Jeff Bezos de P****** krijgen) een stukje geschiedenis tot leven komen aan de hand van vlot geschreven verhalen verrijkt met mooi beeldmateriaal. Super boek!
Vooral leuk voor Rotterdammers. Vertelt veel lokale geschiedenis over het Rotterdam van vlak voor de Tweede Wereldoorlg. Het boek begint goed, leest lekker weg. Halverwege een beetje te veel zijsporen en vooral wat onnodige herhaling. Dit wordt aan het einde weer goedgemaakt.
Al met al een leuk, luchtig en goed leesbaar boek voor een paar avondjes lezen over de lokale geschiedenis van Rotterdam en een van de oude 'helden' van de stad.
In goede en slechte tijden willen mensen hun kunnen bewijzen. Op 14 januari 1933, midden in de crisisjaren, dook de 19-jarige Lou Vlasblom van De Hef, een spoorbrug in Rotterdam. Hij zette zich af op de duizelingwekkende hoogte van 67 meter, maakte een lange duikvlucht met twee salto’s en kwam veilig in het water terecht. Tot op de dag van vandaag heeft niemand ooit, waar ook ter wereld, een duik gemaakt vanaf een grotere hoogte. Heel even was deze doodgewone arbeidersjongen uit Crooswijk – hij werkte als ‘darmenschrapper’ in de vleesverwerkingsindustrie, een baantje met de allerlaagste status – net zo beroemd als die andere kampioen uit Crooswijk: bokser Bep van Klaveren, winnaar van een olympische gouden medaille. Nadat Lou zijn duik had volbracht, kreeg hij veel lof maar hij werd niet alleen overladen met superlatieven, maar ook met veroordelingen. Hij was een held, een kampioen die een legendarische prestatie had geleverd, vonden velen. Nee, vonden anderen, hij was eerder een schlemiel, een slachtoffer van de reclame- en vermaaksindustrie. Zijn daad was een symptoom van de uitzichtloosheid van de crisisjaren. Talloze verslaggevers, columnisten en schrijvers probeerden zijn motieven te duiden, kenden een symbolische betekenis toe aan de sprong. Zo werd er een stofwolk van hele en halve waarheden opgetrokken waarin een uniek stadsverhaal vorm kreeg: De jongen die van De Hef dook. De sprong van Vlasblom van de Hef staat niet op zich. Thissen schrijft in De jongen die van de Hef dook hoe in Rotterdam begin jaren '30 veel mensen bezig zijn met deze sport. "Het was een volkssport, mensen volgden dat, ze hielden van dit soort nieuws. In 1932 duikt Vlasblom van de boog van de Hef | Foto: collectie familie Vlasblom "Voor Rotterdammers was het toch wel een daad van betekenis omdat nog nooit, waar ook ter wereld iemand van zo'n grote hoogte had gesprongen. Overal werd het geprobeerd, in New York, in Stockholm, overal werd van grote hoogte gesprongen, maar de meeste mensen die boven de 50 meter kwamen, braken ruggenwervels, armen, benen, ze braken hun nek, ze gingen dood. Veel Rotterdammers kennen het verhaal van de jongen die van de Hef dook. Maar evenzoveel mensen weten niet hoe het nou precies zit. Dat was de reden voor Siebe Thissen om het boek De jongen die van de Hef dook te schrijven. Het boek is niet alleen voor Rotterdammers interessant. Iedereen die geïnteresseerd is in bijzondere gebeurtenissen van onbekende mensen zal aan De jongen die van De Hef dook veel plezier beleven. Het boek heeft een mooie cover en opmaak . Thissen geeft ook bijzonder mooi het tijdsbeeld, de moraal van die tijd van pers en het gewone volk weer.
Op een koude januari middag 1933 klom 17-jarige Lou Vlasblom op De Hef, de beroemde spoorbrug in Rotterdam, en duikt met twee salto’s naar beneden. Tot ieders verbazing overleeft hij de sprong. De stad staat op z’n kop, maar waarom Lou het deed, blijft onduidelijk. Door de jaren heen is Lou langzaam veranderd in een lokale legende. Stadshistoricus Siebe Thissen raakt, zoals vele Rotterdammers voor hem, in de ban van dit uitzonderlijke verhaal. Hij graaft in archieven, spreekt met nabestaanden en probeert te achterhalen wie Lou was en wat hem tot die sprong dreef. Gaandeweg komt er niet alleen een beeld naar voren van een kwetsbare jongen, maar ook van een stad in crisis: Rotterdam in de jaren ’30, vol werkloosheid, armoede en stille wanhoop. De jongen die van de Hef dook is meer dan een reconstructie; het is een ode aan een jongen die uit beeld verdween en tegelijk een portret van een tijd waarin velen wankel balanceerden op de rand.
Dit boek was een onverwachte parel. Ik had dit boek alleen gekocht om het boekenweekgeschenk te krijgen. Omdat ik vrijwel geen Nederlandse literatuur lees, had ik geen idee welke Nederlandse boeken nou echte “must reads” zijn. Dit boek had een mooie cover (dat goud en groen is prachtig), dus de keuze was makkelijk gemaakt. Ik had geen idee dat dit boek mij een prachtig genuanceerde snapshot van Rotterdam in de jaren 30 zou geven. Ik heb ontzettend genoten tijdens het lezen.
Wat ik het meest bijzonder vond, is hoe herkenbaar het Rotterdam van de jaren 30 was. Zoveel problemen waarmee de stad en haar inwoners toentertijd mee te kampen hadden, zijn nog steeds actueel. Wat mij het meeste aansprak, was de genuanceerde illustratie van de maatschappelijke structuren, op kleine schaal in Crooswijk tot het gehele plaatje van de socio-politieke situatie van het gehele land. En hoe armoede een enorme rol heeft gespeeld in de identiteitsvorming van de stad en haar inwoners. Een stad waar zulke problemen heersen, verlangt naar een lokale held die net als zij is – het verhaal van Lou Vlasblom past, uiteraard, in de jaren 30, maar zou ook zo in onze tijd op kunnen komen. Siebe Thissen heeft dit alles (en meer) enorm gedetailleerd uiteengezet, en geschreven in makkelijke, boeiende taal. Ik kon dit boek niet wegleggen. Als iemand die zichzelf wel ziet als een echte Rotterdammer, was het ontzettend interessant om meer te leren over de stad die mij zo dierbaar is.
Dit is een mooie beschrijving van Lou Vlasbloms duik van De Hef in 1934, voorzien van een uitgebreide sociale en politieke context en verluchtigd met bijzonder fotomateriaal. De arme 19-jarige Rotterdammer, van beroep darmenschrapper ('een absolute ondergrens in de samenleving') kon zich een week lang de grote held voelen van Rotterdam en ver daarbuiten. In die week krijgt hij in het Grand Theatre van Tuschinski voor zijn sportieve prestatie een huldiging die zijn weerga niet kent. Maar dan haalt een andere arme sloeber het in zijn hoofd deze prestatie te overtreffen, met dramatische gevolgen.