Slechts een jaar na zijn uiterst succesvolle bundel Afscheid verschijnt nu de nieuwe dichtbundel Vos van Cees Nooteboom. Vos bestaat uit gedichten die hij de afgelopen tijd schreef; over de natuur, over vrienden die hij heeft verloren, over kunst en vooral over het voortschrijden van de seizoenen. Vos is een gevarieerde bundel, die tot de hoogtepunten van de poëzie van Cees Nooteboom kan worden gerekend.
Cees Nooteboom (born Cornelis Johannes Jacobus Maria Nooteboom, 31 July 1933, in the Hague) is a Dutch author. He has won the Prijs der Nederlandse Letteren, the P.C. Hooft Award, the Pegasus Prize, the Ferdinand Bordewijk Prijs for Rituelen, the Austrian State Prize for European Literature and the Constantijn Huygens Prize, and has frequently been mentioned as a candidate for the Nobel Prize in literature.
His works include Rituelen (Rituals, 1980); Een lied van schijn en wezen (A Song of Truth and Semblance, 1981); Berlijnse notities (Berlin Notes, 1990); Het volgende verhaal (The Following Story, 1991); Allerzielen (All Souls' Day, 1998) and Paradijs verloren (Paradise Lost, 2004). (Het volgende verhaal won him the Aristeion Prize in 1993.) In 2005 he published "De slapende goden | Sueños y otras mentiras", with lithographs by Jürgen Partenheimer.
Driemaal gelezen. De eerste keer met potlood in de hand, opzoekwerk vereist. De tweede keer om het te laten binnenkomen en de derde keer om ervan te genieten. En er zullen nog veel keren volgen. Voor mij is deze bundel echter wel minder geslaagd als samenstelling; het ontbreekt aan samenhang. Ok, het gaat vooral over het verglijden van de tijd, vriendschappen, een beetje mystiek en natuurlyriek. Maar apart vond ik sommige gedichten heel erg mooi en elke lezing - ook van de gedichten die me minder raken of die ik niet begrijp - hebben wel iets meditatiefs. De mooiste vind ik Vos en Uil. Hoewel, het me stoort de uil van Nooteboom vleugels heeft die geluid maken. Dichterlijke vrijheid, een staat van superfocus of gebrek aan ornithologische kennis?
‘Omringd door menig universum zoek ik mijn weg in de heuvels, alweer minder dan gisteren, aan de bergen gemeten. De zee is ver weg, het waait een weinig, een dag als alle andere, behalve de engel die naast me loopt. Vleugels die hij niet uitslaat, voeten zoals de mijne, dat wel, en een stem als een klok voor een onmogelijke boodschap. Ik hoor zijn passen, alsof iemand de tijd meet. Hij heeft me verteld dat ik dood ben, ik heb dus geen tijd meer, maar ik voel niets. Al het andere klopt nog, ik hoor een beek, ik ruik de geur van de bomen. De engel neuriet, wie wie hier begeleidt is onduidelijk. We hebben al uren gelopen’ Cees Nooteboom lijkt me een van de grootste kroniekschrijvers van onze tijd"."Met zijn creativiteit overschrijdt hij niet alleen de grenzen van literaire genres, de nomadische schrijver onthult in zijn werk ook het grenzeloze in de mens. Met zijn werk moedigt Cees Nooteboom de lezer aan met een heldere blik te kijken naar de schoonheid van een eindeloze wereld." Nooteboom, die in 1955 debuteerde met klassiekers als Philip en de anderen, schreef tientallen romans die in meerdere vertalingen werden uitgebracht. Hij won eerder de P.C. Hooft-prijs en de Prijs der Nederlandse Letteren voor zijn oeuvre. Slechts een jaar na zijn uiterst succesvolle bundel Afscheid verschijnt nu de nieuwe dichtbundel Vos. Deze bundel bestaat uit gedichten die hij de afgelopen tijd schreef; over de natuur, over vrienden die hij heeft verloren, over kunst en vooral over het voortschrijden van de seizoenen. Het is prachtig hoe hij bijvoorbeeld de wolken beschrijft: ‘Daar was hij dan de optocht van de wolken. Voorop de wolken van zee, zwart en vol onweer. Zijn beschrijving van de storm en zijn gevolgen laat je helemaal kippenvel krijgen. De dichter schrijft zo beeldend dat de lezer zich sterk betrokken gaat voelen. Ook de dood neemt een voorname plaats in bij Nooteboom: Dood zijn is raar, zo alleen in de heuvels. Elke pas is een tel, maar een tel zonder klok is een nul, en het wordt hier niet donker. Voor zijn collega’s dichters en schrijvers componeert hij mooie hommages. Het boek en de uil is een prachtig gedicht voor Jan Vanriet, waarin hij heel gedreven de artistieke talenten van de man weet te vangen. In Fabel maakt hij een prachtig zelfportret. De dichter zei neem je pen, ga met de eerste beweging en een heldere regel naar de rand van de pagina, en schrijf. Vos is een bundel waarin het zeer aangenaam is om te dwalen.
Voor wie van de warme stem van deze dichter/schrijver houdt. Hij neemt stilaan afscheid van zijn lezers, maar doet het gelukkig traag en bedachtzaam. De bundel bevat amper 20 gedichten...
Inderdaad een mooi tussendoortje, deze korte bundel. Hoewel niet altijd benoemd ook met een grote geografische spreiding. Dus haal je er uit wat zelf een herinnering of beeld oproept: Venetië, een graf in de Frari, het graf van Brodsky. Maar ook de asperge. Wat een heerlijk spel met woorden.