Waar in ‘Café Dorian’ de sfeer ontegenzeggelijk prettig, warm en vriendelijk is, is die sfeer aan het begin van ‘Dorp’ ver te zoeken. Dat komt voornamelijk door de horkerige hoofdpersoon in dit werk, Melchior.
In deze kleine en bovenal zeer trage (in de positieve zin van het woord) volg je de geschiedenis van Melchior - gedeeltelijk uit de ogen van een ijsvogel. Na het lezen van het tweede werk van Van der Loo wil ik toch al zeggen dat hij een meester is van het construeren van ‘een sfeer’. Wederom was ik dáár - nu in het kleine, verlaten, enigszins trieste dorp van Melchior. De kleine verhaallijntjes komen schitterend samen en het perspectief van de ijsvogel werkt vervreemdend en vertrouwelijk. De poëtische stijl van Van der Loo laat niets te wensen over: je proeft, ziet, hoort, voelt, ruikt en vindt alles.
Ik ben fan. Van ‘Dorp’, van ‘Café Dorian’ nog wel een stukje meer, maar zeker weten van Van der Loo. Hup! Schrijven!!!