2016 is niet het meest swingende jaar in de geschiedenis van Tim Foncke. Een lange liefde loopt stuk, waarna de 37-jarige schrijver weer bij zijn moeder gaat wonen. Later dat jaar verblijft hij achtereenvolgens in een hotelkamer in Aalst, in Thailand, in Aaigem, in Zuid-Frankrijk en weer bij zijn moeder. Vanuit deze plaatsen schrijft hij brieven aan de ex-geliefde - met wie hij wel nog naar Thailand gaat, wat een wrange reis wordt - en aan vrienden. Het is flessenpost in een zee van drank. Op een mooie zomerdag reserveert hij een tafel voor twee en vanaf dan staat de liefde opnieuw op het spel.
De wegwijzers mogen weg is een tragikomische roman over liefde en vriendschap, over ver van huis zijn en thuiskomen.
2016 is niet het meest swingende jaar in de geschiedenis van Tim Foncke. Een lange liefde loopt stuk, waarna de 37-jarige schrijver weer bij zijn moeder gaat wonen. Later dat jaar verblijft hij achtereenvolgens in een hotelkamer in Aalst, in Thailand, in Aaigem, in Zuid-Frankrijk en weer bij zijn moeder. Vanuit deze plaatsen schrijft hij brieven aan de ex-geliefde – met wie hij wel nog naar Thailand gaat, wat een wrange reis wordt – en aan vrienden. Het is flessenpost in een zee van drank. Op een mooie zomerdag reserveert hij een tafel voor twee en vanaf dan staat de liefde opnieuw op het spel.
De wegwijzers mogen weg is een tragikomische roman over liefde en vriendschap, over ver van huis zijn en thuiskomen. Aalsters en veel zuipen, dat hoeft niet zo nodig voor mij. Via brieven aan verschillende personages leer je foncke kennen als een man die te veel drinkt en zwalpt in het leven.
Soms sleept Foncke je mee. Meestal, helaas, niet. Het is net alsof ‘De wegwijzers mogen weg’ in twee of drie sessies is geschreven en daarna nooit meer bekeken - en zeker niet door een redacteur. Jammer; Foncke is een talent, vermoed ik. Alleen weet hij zijn eigen wegwijzers richting het mooie boek nog niet te vinden.