Ooit was de familie Wagenaar een modelfamilie – dankzij een vaste aanstelling, een stabiele thuissituatie en een redelijke hypotheek kenden ze geen gebrek, de drie zoons leken zorgeloos op weg naar een stralende toekomst. Nu reizen vier van de vijf familieleden richting Heidelberg om de promotie van een van de zoons bij te wonen; na de plechtigheid zullen ze de as verstrooien van hun oudste. Tijdens de reis blijkt niet alleen dat ieder van hen een eigen manier zoekt om dit grote verlies te verwerken, maar ook dat hun afzonderlijke levens al veel eerder van de rails zijn geraakt. Heidelberg is een confronterende en ontroerende roman over rouw en de eeuwig op spanning staande familiebanden.
Martijn Simons (1985) studeerde Nederlandse taal en cultuur. Hij debuteerde eind 2009 met het korte verhaal ‘De cavia’ in De Gids. In 2010 verscheen zijn debuutroman Zomerslaap, die enthousiast werd ontvangen. In 2015 verscheen zijn tweede roman Ik heet Julius.
Ze glimlacht terug […] maar ze voelt op hetzelfde moment dat haar glimlach […] een masker is waarachter ze moet verbergen dat het haar uiteindelijk niets kan schelen.
Aldus Annet, de moeder van de familie Wagenaar, die model staat voor de gehele familie: vader Willem en zoons Micha en Ruben. Een zelfingenomen familie die onbewust is van haar eigen onverdraagzaamheid onderweg naar Heidelberg, waar de jongste zoon afstudeert en ze tegelijkertijd de as van hun overleden zoon Cas willen verstrooien.
Van buiten lijkt het een modelfamilie, maar onder de mooie laag zijn de verhoudingen door en door verrot. Annet die koste wat kost het plaatje van de perfecte familie omhoog wil houden, vader Willem die het allemaal niks meer kan schelen en zoons Micha en Ruben, die elk hun eigen problemen hebben.
Elk karakter krijgt zijn eigen kans om zijn problemen aan de lezer uit de doeken te doen. Het stelt je in staat om in een soort helikopter view de verhoudingen te doorgronden en maakt je bekend met de diepste gedachtes en drijfveren van de verschillende personen. Het is stuitend om te lezen hoe onaardig ze tegen elkaar zijn, hoe ze elkaar afsnauwen en veroordelend naar elkaar toe zijn.
Wat ze gemeen hebben is dat elk persoon het liefst zou willen ontsnappen: Micha het liefst weg van alles, Ruben kan niet wachten om naar Thailand te vertrekken en vader Willem zit het liefst op zolder, ver weg van zijn vrouw, naar zijn jazz collectie te luisteren.
Om de familie heen zwerven diverse exen, die allang onafhankelijk van elkaar er de brui aan hebben gegeven. Voor de rest spelen anderen geen rol, al wordt er aan het einde van de roman een email geciteerd van Jane, een ex van Ruben, die hem vertelt wat wij eigenlijk allemaal al weten: zelfingenomen klootzak. Het bevestigt het gevoel wat mij tijdens het lezen van deze roman bekroop.
Kun je dan helemaal geen sympathie voor de hoofdpersonen voelen? Dat is nou ook weer niet zo: ik vond vader Willem nog het meest aantrekkelijk, die stoïcijns door het leven gaat, zich niet aantrekkend van de snauwen van zoon Micha en die met gedwongen pensioen in zijn ziekenhuis moest gaan, omdat hij iets te sympathiek met het personeel omging. Maar daar zat geen berekend kwaad achter, slechts naïviteit.
Annet daarentegen komt over als een berekende vrouw, die er alles aan doet om het perfecte plaatje hoog te houden en daarmee onbewust juist datgene heeft bereikt wat ze wilde voorkomen. Een verdeeld gezin, ieder met zijn eigen agenda die eigenlijk het liefst willen ontsnappen aan hun leven vol wrok, maar daar nooit in zullen slagen zolang ze niet zien wat voor egoïstische mensen ze zijn.
3,5⭐️ Vlot geschreven boek waar je doorheen sjeest. Dat is een fijne leeservaring. De personages beginnen na een tijdje wel erg op je zenuwen te werken. Ze zijn tot op het bot egocentrisch. Ze zijn goed getypeerd en spitsvondig neergezet.
Ditt is een familieverhaal over een gezin met drie zoons. Al snel is duidelijk dat één van de zoons niet meer leeft. Ouders en één zoon zijn op weg naar Heidelberg waar de jongste zal promoveren. Daarna zullen ze de as verstrooien in de Eiffel waar ze veel gezinsvakanties doorbrachten. Het verhaal springt heen en weer in de tijd en wisselt voortdurend van perspectief. Gaandeweg blijkt dat ieder van de familieleden grote persoonlijke problemen en geheimen heeft. Het is absoluut geen hechte familie en het wordt ook niet bepaald beter. De personages zijn eigenlijk allemaal vreugdeloos, onsympathiek zelfs. Meeleven is lastig. Vlot geschreven, doet ook wat denken aan Jonathan Franzen maar ben niet helemaal enthousiast.
Dunne verhaallijn (gezin reist naar Heidelberg om promotie jongste zoon bij te wonen en daarna de as van oudste zoon uit te strooien) die helaas niet wordt gecompenseerd met verfijnde persoonsontwikkelingen of interessante gedachten. Gaandeweg wist het me steeds minder te boeien, grotendeels vanwege de vervelende karakters van de gezinsleden die inleven bemoeilijken. Om te eindigen met een positieve noot: het boek kreeg een geinige lading door de collega die benadrukte dat het puur toeval is dat haar naam overeenkomt met die van de moeder in het boek, terwijl diezelfde moeder in het boek ontkent dat zij de curlingmoeder is die in het door haar middelste zoon geschreven boek wordt neergesabeld.
Even geleden alweer dat ik een boek las van een Nederlandse schrijver. Erg genoten van Heidelberg van Martijn Simons. Afwisselend verteld vanuit perspectief van alle overgebleven familieleden. Geheimen, of toch niet? Tragisch, komisch, met veel plezier en vaart geschreven. Best dik boek, maar had nog wel even mogen voortduren
3,5 ⭐️ voor dit moderne familieverhaal. Dat iets te duidelijk leunt op het werk van Jonathan Franzen en Peter Buwalda. Het boek is te lang voor wat er feitelijk gebeurt, maar het is soepel geschreven en typisch Nederlands. De vorm met wisselende perspectieven werkt goed en de passages over mountainbiken zijn erg herkenbaar. Het drama had nog meer uitgewerkt kunnen worden. Wat is er nou eigenlijk daadwerkelijk gebeurd in het ziekenhuis en op het schoolfeest?
De broertjes Micha en Ruben (en in mindere mate vader Willem en moeder Annet) Wagenaar lijken het nihilisme te hebben uitgevonden. In korte hoofdstukjes komen zij afwisselend aan het woord in dit best wel dikke boek, dat supervlot leest en dat je ook makkelijk weglegt én weer oppakt. Er heeft een schokkende gebeurtenis in hun leven plaatsgevonden: broer Cas is plotseling overleden. Het lijkt of de gezinsleden daardoor wat ontsporen, maar eigenlijk is er bij ieder van hen ook voor de dood van broer en zoon al van alles aan de hand. De sfeer in het boek is cynisch, de familie bestaat uit afzonderlijk succesvolle personen die zich stuk voor stuk zelf in de nesten werken. Qua sfeer is het heel hedendaags. Wat ik wel storend vond is een aantal foutjes in het gebruik van de namen van de personages, zodat het onlogisch wordt. Dit zou een redacteur toch hebben moeten voorkomen? Als er een volgende druk komt, zou ik dit wel aanpassen. Een voorbeeld:
"Ruben lag in een reiswiegje op de andere slaapkamer, boven, bij hun vader en moeder. Als ze 's ochtends wakker waren en het huis was nog stil, slopen Ruben (Cas!) en hij op hun sokken over de plavuizen naar de keuken om snoepjes uit de trommel te pikken en in bed op te eten." (blz. 10). En: "De klootzak in kwestie was deze keer Steef, jaarleider klas 6. Alleen omdat Micha op min of meer vriendschappelijke voet stond met hem, durfde Steef hem (durfde hij Steef!) een klootzak te noemen zonder voor de consequenties te vrezen." (blz. 318)
SIn het begin dacht ik wat een aardig boek over een welvarend medisch-specialistengezin, waar het allemaal niet zo vlekkeloos loopt. De onaangename kantjes van vader, moeder en twee zoons (de oudste is gestorven) worden mooi getekend is allerlei situaties. Alleen werd ik na een pagina of honderd wat ongeduldig, want het gedetailleerd schetsen van situaties (een leesclubbijeenkomst, een etentje, een schoolfeest, een lunchpauzewandeling en zo meer) hield maar niet op terwijl van een plotontwikkeling niet of nauwelijks sprake was. Op pagina 150 gaf ik het op en las ik het boek diagonaal verder om op pagina 250 weer hele pagina's te gaan lezen. Ik kreeg niet de indruk dat ik iets had gemist. Ook het laatste gedeelte bleef van hetzelfde laken een pak. Er bleef maar verrekte weinig substantieels gebeuren. Na 477 pagina's had ik de vlot geschreven vertelling over vier onplezierige mensen uit. Het beetje plot had geen naam, maar ik houd het toch maar voor me.
Een nogal lijvig boek (bijna 500 blz) met een open einde. Het lijkt op het eerstejaars gezicht een normaal gezin. Maar als je inzoomt heeft elk lid van de familie een geheim. De vader, een medisch specialist, gaat vrijwillig met pensioen om een aanklacht te voorkomen. Zijn echtgenote is er al jaren van op de hoogte, maar houdt haar kiezen op elkaar. Hun 3 zonen hebben zo hun eigen sores. De een, leraar Nederlands, schrijft een niet zo’n fraai boek over het gezin en raakt zijn baan kwijt vanwege een akkevietje met een van zijn leerlingen. De jongste werkt in Heidelberg aan zijn doctoraal en investeert zijn jubelton in een duister project in Thailand, terwijl de oudste zoon door zijn ouders als de ideale zoon wordt gezien, maar dat niet is. Het boek is vlot en met veel humor geschreven. Jammer van dat open einde.
Familiedrama over hoe een kakkergezin omgaat de dood van de oudste van drie broers, afwisselend vanuit het perspectief van de afzonderlijke familieleden. De personages zijn allemaal behoorlijk onuitstaanbaar en de hele familiedynamiek is voortdurend onprettig. Het zijn wel herkenbare karakters, maar misschien mede daarom wat eendimensionaal. Behalve de realisatie dat ze er een puinhoop van hebben gemaakt komen ze geen van allen veel verder in hun ontwikkeling. Ik vond het een boeiend inkijkje in een gezin dat best wel eens zou kunnen bestaan, maar verder niet heel bijzonder.
Erg vermakelijk boek. Vlot geschreven met veel humor. Het is een beetje geschreven in de stijl van Jonathan Franzen (het verschil met Franzen is dat zijn karakters iets meer diepgang hebben). Ieder hoofdstuk is geschreven vanuit het perspectief van een ander gezinslid. Veel ongemakkelijke situaties waarin iedere familie zich in meer of mindere mate zal herkennen. Het hield mij in ieder geval een spiegel voor. Welke van de drie zoons lijkt het meest op mij?
Door de krant hoog gewaardeerd boek maar ik vind het matig. Een verhaal over een gezin dat bestaat uit volledig egocentrische mensen, altijd overtuigd van hun eigen gelijk. De opbouw is wel leuk gevonden, ieder hoofdpersoon heeft beurtelings haar of zijn eigen hoofdstuk waarin hun verhaal wordt verteld. Toch blijven de personen vlak en voorspelbaar, evenals de gebeurtenissen.
Trage familie-opstelling van ouderpaar met 3 zoons. Hoofdstukken wisselend geschreven vanuit perspectief van één van gezinsleden. Ieders ongemak en falen is wat karikaturaal, weinig verrassend. De 'sleutelscene' waarmee het boek begint blijkt helemaal niet de clou, maar is alleen gebruikt om het boek 'rond' te laten eindigen.
Een nogal dikke pil van ruim 400 bladzijden, waarin je per hoofdstuk de handel en wandel volgt van één gezinslid. Naarmate ik verder las boeide het boek me steeds meer en daarom viel het open einde me juist zo tegen.
3,5 sterren. Leden van een familie bezig met elkaar en zichzelf. Een continu proces van (zelf)reflectie. Wat gaat er bij ieder een hoop mis. Wat wijkt de schone schijn af van de realiteit. Mooie verhalen, maar de werkelijkheid is eigenlijk triest.
Ik heb genoten van dit boek over dit welgestelde gezin met volwassen zonen, dat wel heel kritisch voor elkaar is en voor wie je heel weinig sympathie voelt. Het leest vlot, intelligent geschreven, met korte hoofdstukjes telkens vanuit een ander personage...
Familieverhoudingen haarfijn beschreven ieder hoofdstuk vanuit een ander familielid. Luchtig en toch duidelijk de karakters neergezet en uitgediept. Ik heb ervan genoten.
Twee broers, Micha (schrijver en docent) middelste zoon en Ruben (net gepromoveerd) jongste zoon gaan met hun ouders Willem en Annet naar Heidelberg om het as te verstrooien van de oudste broer Cas. Het verhaal begint in 2001 tijdens een vakantie in Heidelbeg. Daarna volgt 2019. Het verhaal is afwisselde geschreven vanuit de visie van de 5 familieleden met veel terugblikken op gebeurtenissen uit hun jeugd. Hoofdpersonen zijn niet sympathiek, de schrijfstijl is omslachtig. Personen zijn veelal met zichzelf bezig. Sommige stukjes zijn wel interessant, maar over het algemeen vind ik het niet zo boeiend, te negatief en geen eigen verantwoordelijkheid. Leuk detail is wel dat Annet bij een boekenclub zit 😂
Halve ster extra voor het leesvermaak. Verder niet heel vernieuwend, Peter Buwalda en vooral Jonathan Frantzen hebben dit m.i. leuker gedaan de afgelopen jaren.
Martijn Simons, the Great Dutch Novelist. Geen overdrijving: een familieroman in de geest van Franzen, geschreven vol complexe verhoudingen in een gezin die ieder met levensinzicht herkent. Een woord: prachtig.