De verhalen van Isaak Babel zijn doortrokken van de kleurrijke zinnelijkheid van het zuiden. Ze ademen de sfeer van Odessa, van de joodse gemeenschap waarin hij opgroeide en die hem inspireerde en beklemde. Hij bracht de Russische literatuur iets zijn verhalen zijn bont, grotesk en exuberant, ze lopen over van wilde energie en ironie. Bij al zijn warmbloedigheid slaat Babel een droge, laconieke toon aan, die zowel vanzelfsprekend aandoet als zijn grote zelfbeheersing verraadt. Zijn werk is bondigen precies, vrij van abstracties en vaagheid. Hij stond erom bekend zijn verhalen tientallen keren te herschrijven en ze tot het uiterste te polijsten.In haar vertaling behoudt Froukje Slofstra de intense beknoptheid die zo bij Babels werk hoort. Zij vertaalde onder meer het alom bejubelde Leven en lot van Vasili Grossman, een vertaling waarvoor zij de Aleida Schotprijs ontving.
Heel benieuwd hoe Curzio Malaparte's Kaputt rijmt met De Rode Ruiterij dat voor mij het hoogtepunt is uit deze verzameling. Verder veel gedacht aan Isaac Bashevis Singer die op gelijke wijze worstelt met de overgang van een besloten Joodse cultuur naar een Joodse cultuur die op haar grondvesten davert en wordt opengescheurd.
Soms mooi, soms bijna surrealistisch, soms een beetje vervelend. En sowieso teveel om in één ruk uit te lezen. Ben halverwege gestopt omdat het boek weer naar de bib moest. De "Rode Ruiterij" verhalen geven wel een ontluisterend beeld van het leven tijdens WO I, en doen beseffen dat het hele continent in brand stond (ook veel verder oostwaarts dan "onze" Ijzervlakte). Leerzaam...