‘Fabio & Julius’ van Menno Haanstra is een coming of age-verhaal over twee gewone jongens die ploeggenoten worden, bevriend raken en samen volwassen worden in de snelkookpan van het wielerpeloton. Een verhaal over dromen van een bestaan als profwielrenner – en later van profoverwinningen. Van heel dichtbij zien we hoe de ogenschijnlijk lichtzinnige Julius van den Berg uitgroeit tot een gepatenteerd hardrijder en hoe Fabio Jakobsen een absolute topsprinter wordt en, wanneer hij hersteld is van een bijna noodlottige horrorcrash in de Ronde van Polen, zelfs de snelste ter wereld.
In ‘Fabio & Julius lezen we hoe twee jongens elkaar en zichzelf de maat nemen, hoe ze genieten van hun gedroomde bestaan, maar ook over de twijfels en de immense druk om te moeten presteren in een genadeloos harde omgeving waarin winnen de norm is. Auteur Menno Haanstra volgde Fabio en Julius acht jaar lang intensief. Met kleur, humor en oog voor detail beschrijft hij het ontstaan van een unieke vriendschap en tegelijkertijd schetst hij een rijk en gelaagd beeld van wat het betekent om vandaag de dag profwielrenner te zijn.
Toen Haanstra in 2015 op het idee kwam om twee jonge, veelbelovende wielrenners te gaan volgen wist hij natuurlijk nog niet welke verschillende paden de carrières van Fabo Jakobsen en Julius van den Berg zouden gaan volgen.
De carrières van beide vrienden zou getekend worden door Fabio's horrorcrah in de Ronde van Polen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat het ongeval als centraal thema in het boek voorkomt.
Maar de kracht van het boek lag mijns inziens juist ook in de gebeurtenissen vooraf en na de noodlottige crash. Haanstra weet de nauwe band tussen de twee vrienden schitterend te beschrijven. Feitelijk en zonder sensatie beschrijft Haanstra de gebeurtenissen voor, tijdens en na de crash.
Het stelt je als lezer in staat om een uniek beeld te krijgen van wat het is om profwielrenner te zijn: de dromen, de twijfel en de immense druk om te presteren.
Topsporters zijn over het algemeen erg op zichzelf gericht, en dat zie je vaak terug in sport biografieën die zich volledig richten op de atleet. Alleen al op dat vlak onderscheidt dit boek zich. De auteur heeft niet alleen oog voor de helden, maar juist ook voor hun omgeving. Ontzettend knap wordt omschreven hoe een van de schokkendste wielergebeurtenissen binnenkomt bij de volgers en nog tijden na blijft dreunen.
Het is een boek over wielrennen, maar niet volgestouwd met wielerjargon zoals je vaak ziet in dit genre. Daarmee is het geschikt voor een breed publiek. Wat ik ook mooi vond was de rol die social media en andere communicatiemiddelen tegenwoordig spelen rond de koers. Inclusief tips over hoe je bepaalde momenten terug kan kijken op YouTube.
Fabio en Julius heet een jongensboek te zijn, maar gaat stiekem over het moment dat de mannen zich moeten onderscheiden van de jongens. Dat verhaal wordt heel knap verteld, met een mix van woorden van Fabio en Julius zelf, maar ook van een veelheid van de mensen om hen heen. Menno Haanstra verstopt zich niet achter de woorden van anderen, maar neemt ook zelf stelling, wanneer hij het soms scheve beeld van succes in de wielerwereld aan de kaak stelt. Met dit complete boek heeft hij zich van de jongens onderscheiden!
Misschien moet je wel van wielrennen houden, maar voor mij was het een prachtig verslag van de carrières - tot nu toe - van deze twee heren. Wie na het lezen geen fan is van beide, heeft het niet gesnapt. Ik heb hier en daar een traantje weggepinkt.
Goed geschreven, toegankelijk en de juiste hoeveelheid tekst - en daar gaan sportboeken best vaak de mist in (te veel details en statistiek). Ja, 5 sterren!
Prachtig jongensboek over het verhaal van Fabio Jakobsen en Julius van den Berg. Vanaf de beloften bij SEG Racing tot en met nu. Prachtig verhalend geschreven. Helaas zitten er wat schoonheids(spel)foutjes in. Nog een keer een eindredacteur die het nalas, was geen overbodige luxe geweest. Verder niks op aan te merken, behalve dan dat het schreeuwt om een deel twee vanaf nu tot het einde van hun actieve carrières.
Wat een mooi boek over wielrennen en vriendschap. Hoe vet dat allebei hun verhalen zo indrukwekkend zijn en ze beiden een bijzonder karakter hebben, ieder op hun eigen manier. Mooi opgeschreven en zo liefdevol die heftige periode rond Jakobsen z’n val.
Fabio Jakobsen en Julius van den Berg worden vanaf 2015 gevolgd als beloftenrenners door sportschrijver Menno Haanstra. Het verhaal vertelt de realisatie van hun droom: profwielrenner worden. De val van Fabio Jakobsen wordt belicht vanuit het perspectief van beide renners en hun families. Dit zijn indrukwekkende en emotioneel beladen passages. Wat een gouden greep om juist deze twee bevriende renners te volgen! Hulde!
dat je op intuïtie juist deze twee jongens bent gaan volgen is een enorme voltreffer geweest. De perfect en gedetailleerd weergegeven inhoud wordt gedragen door een enorme feeling voor het weergeven van de juiste sfeer. Je verstaat de kunst om met regelmaat rake oneliners te schrijven die op het filosofische af zijn. Daarin gebruik je je nuchterheid maar ook je vermogen om de juiste woorden te gebruiken om het treffend te maken. Je stelt de lezers in staat om heel dichtbij het peloton te komen en het leven van en de relatie tussen twee prof-maten op een beschouwende, nuchtere, manier te bekijken, terwijl je met je perfect gedoceerde gevoel voor humor, drama en romantiek zorgt dat het op momenten zelfs op een roman lijkt.
Een boek met mooie verhalen achter de schermen, over de families van de twee, hun vriendschap en hun harde werk. Het is niet altijd even goed geschreven met zinnen die zich herhalen en type fouten. Toch vier sterren vanwege de interesante verhalen.
Wonderbaarlijk dat twee jongens die schijnbaar toevallig gevolgd worden het allebei maken als prof. Het mooiste is de waardering die ze voor elkaar uitspreken in Whatsapp berichtjes en in gesprekken waar hun (schoon)ouders/vriendinnen bij zijn. Terwijl Fabio een geboren winnaar en modelprof is en Julius dat duidelijk minder is, speelt er totaal geen afgunst tussen de twee, wat regelmatig gebeurt als de vergelijking zo hard gemaakt wordt zoals in dit boek. Dit boek was dan ook de perfecte gelegenheid om hier diepere gesprekken over te hebben, maar voor 7/8 jaar verslaglegging zijn de dialogen met de renners zelf wel heel onbeduidend. In zoverre dat je je af kunt vragen hoe hecht deze schrijver nou echt met zijn onderwerpen was.