Een jong, werkeloos kunstenaar, steun trekkend van de sociale dienst, wordt uitgenodigd een week mee te varen op een boomkorkotter die onder gezag staat van kapitein Warmgeffer. Aan boord treft hij Addie, bijgenaamd ‘Kratje’, een plompe jongen van zesentwintig met een snerpend stemgeluid, die tweehandig kan ‘strippen’ – vis schoonmaken – en beweert een gave te hebben; Martin, de zwijgzame motordrijver, die ‘als hij sprak, met veel warmte over zijn cockerspaniël sprak’; en Fred, de zoon van de kapitein, een gesjeesde student. Het avontuur lokt, zijn nieuwsgierigheid naar de zee en het vissersbestaan is groot. Maar in plaats van elkaar in de kombuis verhalen te vertellen over zeemeerminnen en eerste liefdes, heerst er oorlog aan boord
Kerels op een viskotter met onder hen de vissen en de zee. Het treffen van de romantisch observerende verteller met de praktische visserij is heel mooi en een beetje herkenbaar, al vis ik niet.
De manier van schrijven vind ik heel grappig zonder er een reden voor te hebben.
"Af en toe staarde Warmgeffer me doordringend aan. Ik liet me het eten goed smaken en dat scheen hem niet te bevallen."
(Ik ben nu iemand die wat schrijft bij de sterretjes)
Evenals in Het Boek Ont en Het Compostcirculatieplan worden we in deze novelle meegevoerd in een nogal rauwe mannenwereld. Valens schrijft in de ik-figuur over de ervaringen van een uitkeringstrekker tijdens een week op een boomkorkotter met vier andere mannen. Hoewel er op zee weinig gebeurt (geen storm, geen man overboord, geen ijsschots, slechts het inspectieschip van de Fischereischutz), is het een lezenswaardig verhaal, tot uiteindelijk het noodlot toeslaat. Op zo'n kleine ruimte buiten het zeegat ben je aan elkaar overgeleverd, inclusief elkaars mindere karaktertrekken die de sfeer aan boord behoorlijk kunnen verpesten. Een sociaal interessant experiment en leerzaam bovendien voor iemand die niets met vis of vissen heeft. Ik vind Valens een ondergewaardeerd schrijver.
(3,5) een soort droom. gelezen in sociale isolatie (ook voor studie). veel pagina’s zijn aan me voorbij gegaan, niet zeker of dat aan mij of het boek lag.
3 sterren voor het verhaal, 5 voor de beschrijvingen van de zee. Het verhaal wordt als een dagboekverslag gepresenteerd maar of dat het ook is? Als het fictie is dan is dat dagboek-idee nogal een ouderwets, 19e-eeuwse methode om geloofwaardigheid te suggereren, maar voegt voor mij niets toe. Ik had ook wel een begrippenlijst kunnen gebruiken. Van een bronverwijzing voor de citaten maakt de auteur zich veel te gemakkelijk af. En gekkigheden als l-arm of r-hand om links en rechts aan te geven zijn oubollig. De gebeurtenissen en het leven op de kotter beschrijft Valens echter heel beeldend en de natuurbeschrijvingen (zee, lucht) zijn meesterlijk.
Herlezen! Wat een novelle! De verteller leeft in twee tijden: in de voorbije tijd van een week op een kotter - al lijkt die week zich nu af te wikkelen - en in tussenliggende zinnetjes een onduidelijk aantal jaren later. De verteller is een buitenstaander en de vier andere mannen op de kotter en de dramatische gebeurtenissen maken van de outsider zelfs een zondebok. De kansen op verweer zijn nihil op de kotter waar iedereen mompelt en onverstaanbaar spreekt.
Jarenlang heb ik het geprobeerd: een tas vol met onverbiddelijke meesterwerken mee op vakantie om ze een paar weken later weer in de kast te zetten, ongelezen. Dat werkt dus niet. Wil een vakantieboek mij kunnen bekoren kan het er het beste voor zorgen dat het niet te zwaar op de hand is, gemakkelijk wegleest en hier en daar wat exotische locaties aandoet. Een definitie, kortom, van een avonturenboek. Het nieuwste boek van Anton Valens, Vis, voldoet uitstekend aan deze criteria, hoewel het wellicht omschreven moet worden als anti-avonturenboek. Een jongeman besluit uit verveling een week mee te varen op de vissersschuit van een vriend. Leuk verzetje. Voor de jongeman blijft het allemaal wat minder spannend, voor de lezer werkt het prima. Goed, er gebeurt eigenlijk weinig en exotische locaties worden ook niet aangedaan, maar dat geeft niet. Dit is precies wat ik wil op vakantie. Gewoon, lekker, Vis... Lees hier meer over Anton Valens en andere schrijvers
Mannen kunnen ook roddelen, al doen ze dat meestal zonder woorden, zo blijkt uit deze vermakelijke novelle. De kleine ruimte van een visserskotter maakt het nog interessanter.