Verder vertelt het mysterieuze relaas van twee geliefden en de enorme kracht van liefde. Twee mensen ontmoeten elkaar op een afgelegen plek. De gesprekken die ze voeren lijken monologen, ontstaan uit verveling en een gevoel van onbehagen. Langzaam wordt echter duidelijk dat het de bedoeling is dat hun woorden kwetsen, en de verhalen die ze vertellen blijken niets anders dan verwijten en pesterijen.
Maar waarom trachten ze elkaar zoveelmogelijk pijn te doen en hoe ver willen ze gaan?
Het was geen goed idee om dit te lezen na wat lieflijke verzen van Gorter gelezen te hebben. Ondanks het knappe grafische werk was ik er letterlijk fysiek ziek van.
In Verder (2007), het tweede deel van Marc Legendres trilogie van de zinloosheid, komt Voltaire piepen: ‘Le secret d’ennuyer est celui de tout dire.’ In een verhaal dat als kernpersonage een documentairemaker, Antonio Sentina, naar voren schuift die steeds verder gaat in zijn zoektocht naar en explicitering van schokkende onderwerpen, is dat een uitspraak die de lezer frontaal aanpakt. Wat Sentina doet, staat – naar eigen zeggen – in dienst van kijkcijfers en amusement. Als hij middels zijn heftige reportages met verborgen camera’s de aandacht vestigt op vrouwenhandel, wordt zijn aanpak door andere media nog geroemd als een revolutionaire manier van televisie maken – of: nieuws vergaren. Maar wat er met de slachtoffers gebeurt, interesseert hem geen moer. Alle discussie over moreel verval is volgens hem niets meer dan marketing. Van vrouwenhandel gaat het al snel naar snuffmovies en kinderporno. Sentina geeft nergens blijk van walging of grenzen. De kijker, op zijn beurt, ontsnapt niet aan de vele gewelddadige beelden in de media, en verzamelt eelt op zijn receptievermogen. De onverschilligheid is onontkoombaar, de kijker kijkt verder. Legendre drukt ons met onze neus op het feit dat we (vaak) geen haar beter zijn dan zijn personages. ‘Mijn grens, ben jij dat?’ luidt het kritisch.