De 12-jarige Katelijne groeit op als het enige meisje tussen zes broers in een streng (bevindelijk) gereformeerd Zeeuws boerengezin eind jaren tachtig, begin jaren negentig. Het intelligente, fantasievolle kind voelt zich een buitenbeentje, als meisje wordt ze nauwelijks betrokken bij het boerenwerk, en omdat het in het gezin over weinig anders gaat, wordt ze vaak buitengesloten. Ze vlucht weg in fantasie en verhalen: bijbel- en bekeringsverhalen, kerk- en dorpsroddel, familieverhalen, maar ook boeken. Sprookjes, verboden 'omdat het leugens zijn die haar kunnen afhouden van de waarheid' leest ze stiekem toch. Voorzichtig zet ze de eerste schreden in de 'buitenwereld'.
Ik kan niet zeggen dat ik dit een fantastisch goed boek vond - daarvoor blijft de uitwerking van de relaties tussen de familieleden of de karaktertekening van het hoofdpersonage voor mij nét iets te oppervlakkig. En toch heb ik het graag gelezen - je krijgt een inkijk in een zeer christelijk gezin in Zeeland en je voelt dat het hoofdpersonage zich stilletjes aan losmaakt van haar milieu maar altijd blijft de beschrijving liefdevol en respectvol. Je voelt als lezer de liefde van Franca Treur voor deze gewone, hardwerkende, diep religieuze gemeenschap. Ik vond dit boek een soort verademing, een geruststelling ook... in die zin dat niet elke jeugd traumatiserend hoeft te zijn, dat niet elke roman over opgroeien in een gesloten gemeenschap per definitie een afrekening moet worden of een verwerkingsproces voor de auteur. Knap!
Dit boek is een voorbeeld dat je door te lezen werelden leert kennen die je volkomen vreemd zijn. Want ondanks dat het een heel Nederlands boek is, beschrijft het een mij zeer onbekende wereld. De 12-jarige Katelijne maakt een begin met het ontworstelen aan het streng christelijke milieu waarin ze opgroeit. In een gezin waarin het normaal is dat de kinderen een flink pak slaag krijgen wanneer ze iets doen wat niet mag, waarin de kinderen overhoord worden over de preek van de dominee, waarin er geen sprookjes gelezen mogen worden maar wel de Saambinder, de Gezinsgids of de Terdege, een benauwend, bekrompen leven op een boerderij een heel stuk van het durp. Je voelt aankomen dat Katelijne dit niet gaat volhouden en in de toekomst zich zal gaan verzetten, dat doet ze nu al. Katelijne (Franca?) praat met liefde over haar vader en moeder maar hunkert wel naar aanraking, een arm om haar schouders, droomt daarover. Wat ik af en toe lastig vond maar wel passend, was het vreemde taalgebruik: de huus, hij had er moed op, hij werd vernegerd, het veurood, hou je lelijk gezicht, ze blonk in d´r vel. Een boek geschreven met liefde, humor en ontroering maar waarbij ik ook af en toe met verontwaardiging en kromme tenen aan het lezen was.
Ik heb net “Terug naar Oegstgeest” gelezen en dit voelt als een heel erg vergelijkbaar boek: jeugdvertellingen uit een groot Christelijk gezin met als verschillen dat het zich in een andere tijd afspeelt, er geen flash-forwards zijn en het boek bij lange na niet zo smerig is (helaas).
Maar mensen, dit is een prijswinnende bestseller? Alles goed en wel is het gewoon een kinderboek qua inhoud en schrijfstijl (Young Adult kun je het niet eens noemen, daar is het te tam voor).
Ik heb het middenstuk moeten hatereaden. Tegen het einde trekt het wat aan. Mijn tip zou zijn om alleen het gelijknamige laatste hoofdstuk te lezen. Dan ben je er wel.
Een reis terug naar mijn jeugd in Ouddorp. De manier van praten; terwijl ik het lees hoor ik de personages het uitspreken. Zoveel herinneringen komen bovendrijven, een feest van herkenning.
Nadat ik met grote teleurstelling 'Pier en Oceaan' van Oek de Jong heb gelezen - je kunt mijn 'waardering' elders lezen, heb ik als hopelijk positieve tegenhanger dit andere verhaal over familieleven in naoorlogs Zeeland gelezen. Het speelt rond de zeventiger jaren in een orthodox-christelijk boerengezin op Walcheren. Ik vind het een prachtig boek waarbij ik vooral ook bewonder dat de schrijfster geen enkel negatief woord uit over het milieu waarin ze zelf opgroeide. Heel warm, liefdevol, met rake verwoordingen die rechtstreeks uit dit - ook mijzelf bekende - milieu stammen. Ik heb me wel afgevraagd of niet-Zeeuwen alle woorden begrijpen die hier en daar in zinnen opduiken. Je moet maar weten dat de 'dulve' sloot betekent ..... Maar ook al zou de lezer die woorden niet kennen dan stoort het toch niet, omdat het Zeeus maar incidenteel voorkomt, als kleurige 'randversiering'. Aanbevolen.
En toen had ik het boek ineens uit. Ik moest nog zo’n 10 procent, dus ik had het einde nog niet verwacht. Er zit echter een voorpublicatie van een ander boek achter het verhaal. In het begin moest ik echt in het verhaal komen. Ik vond de schrijfstijl wat afstandelijk, doordat de hoofdpersoon het steeds over de vader e.d. had in plaats van mijn vader, maar waarschijnlijk is dat Zeeuws dialect. Toen ik daar aan gewend was, vond ik het verhaal steeds leuker en daarom vind ik het jammer dat ik het nu al uit heb. Vooral omdat ik dat nog niet verwacht had. Het is een leuk verhaal. Er zitten autobiografische elementen in. De schrijfster is van mijn leeftijd. Ik ben zelf wel gelovig opgegroeid, maar lang niet zo streng gelukkig. Daardoor vond ik het soms wel lastig voor te stellen dat er nog steeds mensen zo streng gelovig opgroeien.
Mijn ouders verkochten hun boerderij nèt voordat ik geboren werd, maar het boerenbloed zit er nog in, dus voelt het lezen van dit boek erg vertrouwd met termen als eerstelingen, inkuilen, pinken (nee, dat zijn geen vingers) en een spa (en dat heeft dan weer niks met wellness te maken). Ook het streng reformatorische is mij hier op de biblebelt niet vreemd, al kan ik er wat verbolgen van raken om bij het lezen weer te beseffen hoe dreigend het moet zijn om te geloven dat je nooit kan voldoen en je een streng oordeel wacht.. Dat is toch wel erg ver bij mijn waarheid vandaan. Het boek vertelt het leven van Katelijne vanuit haar gezichtsveld en gedachtengang. Katelijne is intelligent en een creatieve denkster die uit halve zinnen en gebeurtenissen (en weinig openheid en transparantie in het gezin) best rake conclusies trekt met haar 12 jaar oud. Het boek bevat niet echt één verhaal, maar meer losse anekdotes, dat vond ik iets minder boeiend om te lezen. Maar het is geen dertien-in-een-dozijn-boek en nauwelijks toe te dichten aan een bepaald genre. Eentje om te onthouden! O ja, en het bevat vele mooie zinnetjes, voorbeeldquote: ‘Het probleem met woorden is dat je er, als je ze eenmaal hebt uitgesproken, geen vat meer op hebt. Ze zijn losgelaten, vrij om te gaan en te staan waar ze willen.’
Opgroeien, als meisje dan nog, in een streng gelovig gezin is een onderwerp dat mij erg aanspreekt. Het meisje van dit boek, enig meisje in het gezin, had het niet gemakkelijk maar toch was ze niet boos, opstandig of rancuneus. Er zat zelfs een flinke dosis humor in haar verhaal. Ze deed toch, tot op zekere hoogte, vaak wat ze zelf graag wilde zonder zich schuldig te voelen. Goed voor haar want ik denk niet dat opgroeien in een dergelijk milieu zomaar zonder gevolgen blijft voor iedereen. Erg goed geschreven vond ik het boek niet, het was nogal anekdotisch, beetje oppervlakkig, maar niet slecht. Ik had er echter meer van verwacht.
Met een hoofdje vol vooroordelen heb ik dit boek, dat ik toevallig ergens tegenkwam (allé, niet letterlijk, want ik lig nog altijd te Oblomoveren in de zetel, maar figuurlijk, door voor de zoveelste keer alle internetpaginabladwijzers één voor één te openen en dan wat doelloos rond te klikken), gelezen.
Vooroordelen over de tirannie van opgroeien in een diepgelovig (protestants) boerengezin in Nederland, van de toorn van god en zo. Ik had zelfs al allerlei meningen klaar over dogma, vrijheid, ontplooiing, enzovoort. Maar dat was allemaal niet nodig.
Ik had nog nooit van Franca Treur gehoord, maar las in een Q&A met Lale Gül (haar debuut 'Ik ga leven' heb ik ook klaarliggen en ik vermoed dat mijn vooroordelen daarbij jammer genoeg eerder wel bevestigd zullen worden) dat zij goed overeen komen en schrijverstips uitwisselen. Dan las ik dat ze enkele debuutprijzen had gewonnen, flink verkocht ook, en dat het boek gelijkenissen heeft met Knielen op een bed violen.
Dat boek van Jan Siebelink (dat ik met bijzonder veel plezier heb gelezen) gaat inderdaad ook over het leven in een strenggelovige context, maar hoewel Franca Treur een zeer aardige pen heeft, zijn beide boeken qua roman toch van een ander niveau, van een andere wereld lijkt het zelfs.
Bij Franca Treur speelt het zich om te beginnen recenter af en lijkt het dus door de hele context al minder veraf. De samenleving waarin het zich afspeelt is in z'n geheel al een stuk meer vrijgevochten dan de periode waarin het verhaal van Siebelink zich afspeelt.
Die man schreef dat bovendien op zijn 67, na een lange loopbaan als schrijver. Nogal normaal dus dat het dan allemaal meer doorwrocht en uitgekiend is. Alleen al beide titels maken dat onderscheid bijzonder goed duidelijk.
In Dorsvloer vol confetti is de impact van het geloof dat het gezin van hoofdpersonage Katelijne aanhangt is, hoewel naar Vlaamse normen gigantisch, minder dramatisch dan ik op voorhand had verwacht. Het is dominant en dwingend, maar er wordt eigenlijk helemaal geen zware ontvoogdingsstrijd gevoerd.
Dat is mijn grootste kritiek op dit boek: het hele 'verhaaltje' (om het een beetje oneerbiedig te stellen), heeft niet zo veel om het lijf. Ik dacht bij het lezen eerder: wat een aandoenlijke kneuterigheid, en niet: wat een allesoverrompelende trog van onontkoombaarheid.
Bij Treur zijn de (autobiografische) observaties best degelijk, maar door de opdeling in hoofdstukjes die het geheel wat aan een feuilleton doen denken kreeg ik ook wat Jip en Janneke-vibes.
Veel elementen in dit boek kan ik bevestigen, door een vergelijkbare achtergrond als de schrijfster; ook opgevoed in het reformatorische Zeeland, zelfde school etc. De beschrijving van deze leefomgeving vanuit de ogen van een kind is eigenlijk gewoon fenomenaal!
Om als kind elke zondag twee keer naar de kerk te moeten, en het hoogtepunt van zo'n kerkdienst was inderdaad wanneer je een snoepje kreeg. Dan deed het er ook nog toe hoeveel en wat voor snoep je kreeg, het ene gezin had altijd fruitella, terwijl andere van de menthos waren. Het trage zingen in de kerk waarbij je in één zin een boterham kon smeren, en hem tegen het eind van het couplet op had. De besloten gemeenschap van de kerk wordt vrij goed belicht, enerzijds dat mensen elkaar snel in vertrouwen nemen over een kop koffie en daarbij ook alle roddels meteen maar uitwisselen.
Tevens realiseerde ik dat ik mij ook schuldig maakte aan dingen zoals; niet zo vaak meegaan met basisschoolvriendjes die ver van het dorp wonen, omdat dat zo ver fietsen was. De zeeuwse uitdrukkingen zijn goed vertegenwoordigd en hier en daar duidelijk van Walcheren afkomstig.
Al met al een fraaie omschrijving van die wereld, hier en daar wel wat aangedikt.
Een vlot geschreven boek, waarvan ik in eerste instantie dacht dat het autobiografisch was, maar wat een roman blijkt te zijn met autobiografische elementen. Hoewel Franca in haar boek andere namen gebruikt en niet vermeldt waar het zich afspeelt voelen de bewoners van Meliskerke zich toch wel door haar neergezet en nemen haar dat niet in dank af.
Kippenvel krijg ik van het Zo-is-het-en-niet-anders-gevoel dat de steng gelovige mensen uitdragen. Ergens zal het leven in zo'n gemeenschap wel veilig en vertrouwd zijn, maar met wát een bekrompenheid en conservatisme!
Dat er over de vader, de moeder en de oma is geschreven onderstreept heel goed het afstandelijke dat Katelijne in haar leven altijd gevoeld heeft.
Het boek besluit met het hoofdstuk dat de titel heeft van het boek, maar heeft een open einde. Ik had wel willen weten hoe het verder zou gaan met Katelijne, maar misschien komen we dat ooit in een vervolg te weten!
Het heeft lang geduurd voor ik door dit boek heen was, en net zo lang duurde mijn hoop dat er nog iets spannends ging gebeuren. Voor de hand zou liggen dat Katelijne uit het zo mooi (dat zeker wel!) en treffend beschreven wereldje zou stappen. Maar mijn hoop vervloog bij het laatste hoofdstuk. Het is een mooi boek qua beschrijving van een wereld die ik nog niet kende. Maar ik vond het wel een beetje saai.
Heel mooie coming of age-roman, ook al had ik aanvankelijk moeite met het taalgebruik. Dikke aanrader voor wie houdt van rake beschrijvingen en levensechte personages.
Kabbelend verhaal over een jong meisje, Katelijne, dat op groeit tussen 3 broers boven en 3 broers onder haar. Ze wonen op een boerderij op een van de Zeeuwse eilanden en zijn streng gelovig. De broers werken naast hun school allemaal mee op de boerderij alleen Katelijne wordt daar niet bij betrokken. Dat maakt dat ze een beetje dromerig wordt. Hoewel lezen min of meer verboden is, alleen als er gelezen wordt uit de bijbel mag het wel. Er gebeurt niet veel bijzonders eigenlijk. De gedwongen bruiloft van haar broer Christian aan het einde van het boek is het punt waar de confetti om de hoek komt kijken.
Met plezier gelezen. Hoewel zelf niet opgegroeid in een kerkelijk milieu en op een boerderij, bracht het wel herinneringen terug aan mijn jeugd in Zeeland en de lieve familieleden die er helaas niet meer zijn.
Mooi. Een heel andere cultuur, dat dan wel weer. Over opgroeien als klein meisje in een streng Zeeuws-orthodox gezin. Over de fantasie, over verhalen vertellen en over zondigen. Uitverkoren worden en gedoemd zijn. Prachtig geschreven!
Het boek schetst een mooi beeld van het boerenleven en het opgroeien met het geloof, maar mist mijns inziens wel wat verhaal en diepgang (vooral wat betreft ontwikkeling van de personages).
Over een refo-meisje in Zeeland. Erg interessant. (Ilse moest het lezen voor haar lijst voor de havo) en ik werd nieuwsgierig. Ook een stukje over de schrijfster op tv gezien, grappig hoe alles dan samen komt.
Het boek schetst een mooi beeld van het boerenleven en het opgroeien met het geloof, maar mist wel wat verhaal en diepgang (op emotioneel vlak, of karakters die zich ontwikkelen) voor mij
Ik ging een lang weekend naar Zeeland en Franca Treur reisde met me mee. Dat gaf het weekend een mooie couleur locale. Het reformatorische boerenleven dat in dit boek beschreven wordt is mij geheel onbekend en dat maakt het zeker boeiend.
Het perspectief van een meisje tussen alleen maar broers is ook uniek. Totaal niet te vergelijken met Siebelink, 't Hart of Wolkers. Zoals Katelijne zelf opmerkt, het is anders voor jongens, daaraan kun je niet zien dat ze bij de kerk zijn. Meisjes dragen lange rokken en zijn zo altijd herkenbaar. Er wordt ook zwaarder op hen gelet en hoge eisen aan hun dienstbaarheid gesteld. Maar dat is binnen de gemeenschap. Interessanter is misschien nog wel de strijd tussen bij de familie willen horen en het goede doen en aan de andere kant interesse hebben in de wereld daar buiten. Deze coming of age is in sommige opzichten ook herkenbaar voor moslima's, denk ik.
Franca Treur beschrijft het met veel warmte, maar gaat de schaduwkant niet uit de weg. Soms is het benauwend, soms kil of hypocriet, maar iedereen probeert er ook het beste van te maken. Dat levert een liefdevol en genuanceerd portret op van een Zeeuwse jeugd.
Ik heb gemengde gevoelens over dit boek. Het duurde even voordat ik erin kwam, in de tweede helft werd het wat interessanter. Het boek is ook vrij traag vind ik. Er gebeurd vrij weinig, maar op de een of andere manier toch ook weer genoeg. Het is zeker wel interessant om te lezen hoe het eraan toe gaat in een streng gelovig gezin en hoe Katelijn haar weg probeert te vinden. Ik had wel graag meer van haar willen zien, het einde was nogal abrupt terwijl ik eigenlijk erg benieuwd was of ze afscheid zou nemen van het geloof en daarbij misschien ook het grote gezin waarin ze is opgegroeid. Zelf in te vullen dus, maar ik zie voor me van wel... gezien haar nieuwsgierigheid naar de zaken die niet zozeer met geloof te maken hebben. Op zich een leuk boek als je geïnteresseerd bent in de levenswijze van een streng gelovig boerengezin.
‘Dorsvloer vol confetti’ leest langzaam. Ik heb er dagen over gedaan. Maar gaandeweg kwam ik erachter dat het misschien juist wel goed was. Op deze manier leerde ik de wereld van Katelijne beter kennen.
De schrijfstijl is afstandelijk, ook al wordt het verhaal verteld vanuit Katelijne. Katelijne praat soms over haar ouders alsof het vreemde mensen zijn. Een stijl waar je aan moet wennen, maar die volgens mij niet vreemd is in die omgeving.
‘Dorsvloer vol confetti’ is een boek waar je van houdt of niet. Ik hou van deze stijl en deze manier van vertellen. Het stemde me tot nadenken.
Quotes uit mijn leeservaring die terug te vinden is op mijn blog
Een traag boek over een zwartekousenmilieu in het Zeeuwse Walcheren eind jaren 80 van de vorige eeuw. Maar over zo'n traditionele boerenfamilie schrijven kan ook niet snel, denk ik. Ik heb in elk geval mijn Zeeuws en wat Bijbelteksten weer eens goed kunnen ophalen. De schrijfster heeft wel een goede pen en maakt daardoor dat je het boek uitleest.