Vooropgesteld zij dat ik dit een mooie roman vind, die goed is uitgedacht, want helder gestructureerd en van enige diepgang voorzien. Maar die diepgang is hier en daar problematisch, zeker in de contacten tussen Stella en Andreas. Van Beijnum probeert daar aantrekking en afstoting te gieten in daarvan gedeeltelijk geabstraheerde conversaties. Nu een daaraan verbonden ‘maar’ de positieve kant op: er zit enige symboliek en er zitten dubbele bodems in de uitingen die over de moraal gaan en die de keuzes die te maken zijn, stipuleren. Los daarvan is het taalgebruik zeer naar mijn smaak. En de ‘zwarte weduwe’, een personage dat zwaar leunt op mevrouw Rost van Tonningen, komt uitstekend uit de verf. Wat mij betreft drie grote sterren. JM