Van de Wijdeven beschrijft in vijf hoofdstukken (één per land: Rusland, Polen, Turkije, China en het Verenigd Koninkrijk) hoe de geschiedenis als politiek wapen wordt ingezet. En hoe op ingenieuze wijze één interpretatie als enige historische waarheid wordt verankerd in de samenleving, en steeds vaker in de (grond)wet. Hij geeft inzicht in de drijfveren van politici, wat helpt bij het doorgronden van het historische frame waarbij, door verdraaide visies op het verleden, ‘de ander’ als vijand wordt gedefinieerd en ontmenselijkt. Iedere vorm van kritiek wordt gezien als een aanval en ‘bewijst’ daarmee de juistheid van de ingenomen positie.
Van de Wijdeven parafraseert von Clausewitz: ‘Geschiedenis is de voortzetting van de politiek met andere middelen’. Middelen als geschiedenispolitiek, herinneringswetten, geschiedenisoorlogen of herinneringsoorlogen, herinneringsdiplomatie, herinneringscultuur.
Geschiedenis als de smeerolie voor het nationalisme, geschiedenis als middel om onszelf te definiëren, geschiedenis als collectief geheugen.
En nostalgie als middel, het verlangen naar een ideaal verleden dat nooit bestaan heeft.
Om dat gewenste verleden in de samenleving te implementeren zet de overheid diverse technieken in. De historische boodschap/propaganda wordt overgedragen door het geschiedenisonderwijs, door nepnieuws, door boeken, musea, films, documentaires en Tv-series. Maar ook door nationale feest en herdenkingsdagen, optochten en parades, monumenten en tot slot door het inzetten van kerk en religie.
Het is belangrijk te beseffen dat ook de machthebbers zelf vast zitten in het door hen gecreëerde frame. Zelfs als ze er zelf niet (meer) in geloven moeten zij niet teveel van hun verhaal afwijken, anders pikt de publieke opinie het niet meer.
Sinds de financiële crisis in 2008 is bij de westerse conservatieve nationale politici het idee ingetreden dat het westen in verval is en dat een terugkeer naar traditionele normen en waarden een oplossing is.
Van de Wijdeven roept historici op zich te verzetten tegen onevenwichtige weergave, oversimplificatie en onjuist interpretatie. Historici moeten helpen om nationale mythen te ontzenuwen, door zo objectief mogelijk de feiten weer te geven. Gewoon zeggen hoe het werkelijk was. Omdat de meeste mensen een gebrekkige kennis van de geschiedenis hebben om hen tegen te spreken, kunnen politici ongestraft misbruik maken van deze onwetendheid.
In een ideale wereld houden overheden zich verre van het bedrijven van ‘geschiedenispolitiek’, maar zolang het nog niet zover is moeten die verraderlijke praktijken luid en duidelijk openbaar gemaakt worden.
De macht van het verleden gaat over heel veel wetenswaardige zaken. Al die wetenswaardigheden worden in een enthousiast betoog behandeld, maar dat gaat wel regelmatig ten koste van de helderheid.
Dat van de Wijdeven tussendoor ook Servië, Hongarije, India, USA en Frankrijk even meeneemt draagt bij aan het rommelige karakter van de op zich informatieve tekst. Dat maakt het lezen over dit complexe onderwerp niet eenvoudiger, een ‘strakkere’ tekst zou mij geholpen hebben.