De onlangs overleden Manu Ruys was natuurlijk gepokt en gemazeld in de Belgische politiek. Achter de Maskerade... uit 1996 zijn min of meer Ruys' memoires aan zijn leven tussen de beleidsmakers van het tweede deel van de 20ste eeuw. Dat hij daarbij de christendemocratische component nogal voordelig voorstelt verwondert me niet. Ruys was al die tijd de bepalende journalist van De Standaard. Die vooringenomenheid is begrijpelijk en storend tegelijk.
Pas in het laatste hoofdstuk kijkt hij vooruit naar de toekomst. Hij denkt aan een Vlaamse staat die samen met Nederland iets kan betekenen in de wereld. Dat die twee landen eer uit mekaar aan het groeien zijn zal hem achteraf verwonderd hebben. Wat de opkomst van de digitale media voor de pers en de informatie zullen betekenen kon hij toen nog niet weten. De verontrustende tendens van populistische leiders, in België én in de wereld, heeft hij daardoor waarschijnlijk wat onderschat. Ook van het belang van het overkoepelende Europa, met inbegrip van de Oost-Europese landen, leek hij niet ten volle overtuigd.
Achter de Maskerade... biedt een interessant overzicht van de Belgische politiek, maar twintig jaren later is de hoek waaruit we kijken toch ook weer verschoven. Geschiedenis is geen exacte wetenschap.