Het derde boek, “De geisha”, zou zo maar een hoofdstuk uit “De verleider” kunnen zijn, maar ik was natuurlijk geïntrigeerd door de titel… Nou, dat heb ik me dan wel beklaagd. Enkel om een verklaring te vinden voor de titel heb ik me door het vervelende verhaal geworsteld en die verklaring is er nooit gekomen. De term “geisha” wordt één maal gebruikt en dan nog totaal ten onrechte. Nee, vervelend boek. En wat wordt er veel gerookt, zeg! Ik weet nu wel dat dit mede door de tijdsomstandigheden is, maar ook dat irriteert me mateloos. Snel vergeten is de boodschap!
Veertig jaar geleden heb ik dit boek met veel plezier gelezen, nu ergerde ik me toch wel heel erg aan de onuitstaanbare protagonist Allard Koch, alter ego van schrijver Theo Kars. Her en der mankeert er ook het nodige aan het taalgebruik.
Raarrrrrrrrr. Raar boek. Rare man. Het Blauwe maandagen van de jaren 60 en 70 misschien. Beetje meer erotomaan, beetje minder somber. Grappig genoeg wel net zo stuntelig, soms. Maar waarom wil je dit schrijven? Publiceren?